Arabische staten roepen op tot uittocht uit Libanon

Vier Arabische staten hebben hun burgers opgeroepen om Libanon te verlaten na een ontvoering van sunnitische moslims door een machtige shi’itische clan. Het is een nieuwe aanwijzing dat de burgeroorlog in Syrië in toenemende mate ook in Libanon wordt uitgevochten.

De Libanese familie al-Mikdad zegt ruim twintig mensen ontvoerd te hebben die banden zouden hebben met de Syrische rebellen. De meeste zijn Syriërs, maar onder hen zouden ook een Turkse zakenman en een Saoediër zijn. De kidnapping is een reactie op de ontvoering van een familielid door rebellen in Syrië.

Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten, Qatar en Koeweit deden de oproep vanwege de „moeilijke en gevoelige omstandigheden in Libanon”, aldus het staatspersbureau van de Emiraten. Libanon is een populaire vakantiebestemming voor mensen uit de Golfstaten.

De ontvoering is veroordeeld door de Libanese premier Nagib Mikati en president Michel Suleiman. „Het veroorzaken van chaos in het land zal niet voor de vrijlating van gijzelaars zorgen”, aldus de president. „In tegendeel, chaos kan de gijzelaars schade berokkenen en bedreigt de soevereiniteit van de staat.”

Syrische gevechtsvliegtuigen hebben gisteren het stadje Azaz, vlakbij de Turkse grens, gebombardeerd. Daarbij vielen volgens lokale activisten zeker 25 doden en 200 gewonden, onder wie zeven van de elf Libanese gijzelaars die rebellen sinds mei vasthouden. De andere vier zouden vermist zijn nadat het gebouw waarin ze zaten geraakt werd.

De VN-Mensenrechtenraad publiceerde gisteren een rapport, waarin het Syrische regime wordt beschuldigd van oorlogsmisdaden. De raad kwam met nieuwe bewijzen dat het leger en aan het regime verbonden milities verantwoordelijk zijn voor het bloedbad in Houla in mei. Ook de rebellen maken zich volgens de raad schuldig aan oorlogsmisdaden, maar op kleinere schaal. De VN-Veiligheidsraad praat vandaag over de verlenging van de waarnemingsmissie in Syrië. (AP, Reuters, BBC)