Pussy Riot klauwt en bijt

Morgen horen drie vrouwelijke leden van punkband Pussy Riot of ze de cel in moeten voor hun protest in een kathedraal tegen president Poetin. Wie zijn deze ‘dochters van de duivel’, wier proces een internationale hype is? Iedereen weet: als ze een hoge straf krijgen, is dat een voorbode voor nog meer repressie van Poetins tegentanders.

Van links naar rechts Nadezjda Tolokonnikova, Maria Alechina en Jekatarina Samoetsevitsj in een glazen kooi in de rechtszaal tijdens hun proces, vorige week woensdag. Foto AP

Dochters van de Duivel. Vernietigers van de kerk. Vijanden van een sterk Rusland. Anarchisten. Verveelde stadslui die orgies organiseren in een openbare bibliotheek, om te provoceren. Maar ook: de nieuwe persoonlijke gevangenen van Poetin. Heldinnen van de Russische Lente. Onschuldige moeders. Naïeve meisjes. Vrijwel iedereen binnen en buiten Rusland (vooral in het Westen dan) had de afgelopen tijd wel wat te zeggen over de Russische vrouwenpunkband Pussy Riot. Drie bandleden horen morgen hun vonnis in de rechtszaak die tegen hen is aangespannen wegens een anti-Poetinlied in de Moskouse Christus de Verlosserkathedraal, de belangrijkste kerk van Rusland.

De aanklager heeft drie jaar cel geëist. De verdachten wordt verweten tot „haat jegens de kerk” te hebben opgeroepen. Door de harde aanpak is Pussy Riot uitgegroeid van een obscuur punkbandje tot een van de belangrijkste symbolen van Poetins repressie sinds de vervolging van ex-oliebaron Michail Chodorkovski. Maar wie zijn de vrouwen van Pussy Riot?

Pussy Riot is een vrouwenpunk- en performanceband met naar schatting tien leden, die tijdens optredens bontgekleurde bivakmutsen dragen om anoniem te blijven. In de rechtszaal kwamen voor het eerst gezichten tevoorschijn. Jong en zachtaardig zagen de drie vrouwen eruit, maar dat zei verder natuurlijk niets.

Jekatarina Samoetsevitsj, Maria Alechina en Nadezjda Tolokonnikova bleken ze te heten. Ze zijn jong: 29, 24 en 23 respectievelijk. Kinderen van de stedelijke middenklasse. Alechina en Tolokonnikova studeren. Alechina Journalistiek en Creatief schrijven in Moskou, Tolokonnikova filosofie aan de Universiteit van Moskou, de beste van de stad. Samoetsevitsj is afgestudeerd aan de Rodtsjenko kunstacademie, een van de meest vooraanstaande en avant-gardistische op het gebied van moderne kunsten in Moskou. Ze gold als briljant in de studierichting fotografie en multimedia.

Wat wil Pussy Riot? Dat zet Tolokonnikova, de jongste van het stel,uiteen in de tekst ‘Kunst en het Menselijk Manifesto van Nadja Tolokonnikova’ die tijdens het proces op de website freepussyriot.org verscheen: „Wij, evenals vele ander burgers, worstelen met het verraad, bedrog, corruptie, hebzucht en de wetteloosheid dat typerend is voor onze huidige autoriteiten en leiders.” Ze legde uit waarom Pussy Riot optrad op het kerkaltaar. „Het hoofd van de Orthodoxe Kerk, de patriarch, steunt een politicus [Poetin, red.] die met geweld de civil society onderdrukt die ons zo lief is.”

Tolokonnikova is sinds haar gevangenschap uitgegroeid tot het gezicht van de band. Ze is camerageniek. De openbaar aanklager ziet haar als de oprichter van Pussy Riot. Hij zegt dat ze de andere meisjes heeft opgejut.

Vaststaat dat Tolokonnikova een lange geschiedenis heeft van provocatief politiek activisme. Ze is vrijwel vanaf het begin lid van Vojna (Oorlog), een kunstcollectief dat in 2005 werd opgericht en ondergronds opereert. De groep zegt via kunst misstanden in de Russische maatschappij aan de kaak te willen stellen. Vorig jaar schilderde het een 65 meter hoge fallus op een ophaalbrug tegenover het bureau van de geheime dienst in Sint-Petersburg – een actie waarvoor het later van het ministerie van Cultuur een prijs kreeg.

Maar de groep vat actiekunst ruim op. Oudejaarsnacht vorig jaar staken leden een gepantserde politiewagen in brand. De groep roept op tot revolutie en sluit geweld niet uit – tot afgrijzen van de burgerprotestbeweging die tegen Poetin is opgestaan. In de zomer van 2011 werd een internationaal arrestatiebevel uitgevaardigd tegen de leider van Vojna, Oleg Vorotnikov, en zijn vrouw, omdat ze urine in het gezicht van een agent hadden gegooid tijdens een anti-Poetin-demonstratie.

Tolokonnikova was betrokken bij tal van ‘kunstacties’ waarmee Vojna bekend werd. In het Biologiemuseum van Moskou hield de groep in 2008 een orgie. Vijf stellen deden het er met elkaar onder het oog van de camera en museumbezoekers. De orgie, onder het motto ‘Neuk voor erfgenamen van Papa Beer’ was live op YouTube. Het was een protest tegen toenmalig president Medvedev, die de Russen had opgeroepen meer kinderen te krijgen, omdat de bevolking in snel tempo krimpt. ‘Medvedev’ lijkt in het Russisch op ‘beer’.

Het publiek was geschokt, te meer omdat Tolokonnikova, destijds 19, negen maanden zwanger was. Ze is getrouwd met mede-Vojna-oprichter Pjotr Verzilov, nu woordvoerder van Pussy Riot in het proces. Verzilov heeft hun inmiddels vierjarige dochter verteld dat de zaak tegen haar moeder „een sprookje” is. Kwade genius Poetin heeft mama Tolokonnikova in een toren opgesloten.

Pussy Riot-lid Samoetsevitsj behoort niet tot de harde kern van Vojna. Tolokonnikova haalde haar er in 2009 bij, nadat zij zich in de jaren daarvoor volgens vrienden vooral had onderscheiden als computernerd. Voordat zij fotografie ging studeren, werkte zij als softwareprogrammeur bij een defensiebedrijf dat bouwde aan de K-152 Nerpa, een nucleaire onderzeeër (volgens onbevestigde bronnen schreef ze de software voor de raketsystemen).

Ze heeft uitgesproken opvattingen over verderfelijke ontwikkelingen in de Russische maatschappij: van het superkapitalisme en zijn graaicultuur en platvloersheid, tot de almaar grimmiger discriminatie van homo’s, biseksuelen en transseksuelen. Samoetsevitsj is lesbisch, en verbergt dat niet. Ze deed mee aan een Vojna-actie in 2011 om zo veel mogelijk vrouwelijke agenten te kussen.

In de Moskouse rechtbank was ze de stilste van de drie. Maar als ze iets zei,waren dat vaak ingewikkelde volzinnen, soms voorzien van subtiele verwijzingen naar Russische en internationale) denkers. In haar cel leest ze volgens haar advocaat Michel Foucault, befaamd om zijn theorieën over het gevangeniswezen.

Studente journalistiek Alechina heeft, voor zover bekend, geen banden met Vojna. Zij was als milieuactivist betrokken bij de protestbeweging tegen de kap van het Chimki-bos nabij Moskou, een eeuwenoud natuurgebied dat moest wijken voor een snelweg. In 2010 kwam het tot botsingen tussen natuurbeschermers en de politie. Alechina voerde ook als Greenpeace-vrijwilliger campagne tegen de vervuiling van het Baikalmeer, een van de grootste en meest ongerepte natuurgebieden ter wereld.

De 24-jarige Alechina – een alleenstaande moeder van een vijfjarig jongetje – bijt zich vast in het proces. Ze bestudeert tot in detail de verklaringen van de getuigen à charge, en onderwerpt hen aan kruisverhoren. In haar cel verdiepte ze zich in het Russisch recht. Toen de rechter Pussy Riot „zogenaamde moderne kunst” noemde, repliceerde ze dat de latere Nobelprijswinnaar Joseph Brodsky tijdens de Sovjettijd ook „zogenaamde dichtkunst” bedreef volgens de toenmalige machthebbers, en dat „deze zogenaamde rechtbank” daar vast niet graag aan herinnerd werd.

Tussen zulke optredens door, maken de drie verdachten in de rechtszaal vaak een bedeesde, geschrokken indruk. Hun advocaat klaagde over de behandeling van de vrouwen tijdens hun voorarrest: ze zouden geen eten krijgen en weinig slaap. „Ze zullen het nooit toegeven, maar ik denk dat ze het nooit hadden gedaan als ze hadden geweten hoe hard de aanklager hun zou aanpakken”, zei een vriend, Roman Dobrochotov. Tolokonnikova bood in haar manifest excuses aan voor de actie in de Christus de Verlosserkerk. „Ik geef toe, we hadden het ethische recht niet om onze protesten naar de rituele ruimte van de kerk te brengen.”

Maar hun slotpleidooien waren aanklachten tegen het systeem van Poetin. Alechina betoogde dat een staat die zo reageert op een actie die amper vijftig seconden duurde, „bang voor de waarheid” is. „Jullie kunnen mij mijn fysieke vrijheid afnemen, maar niet mijn innerlijke vrijheid.” Tolonnikova zei: „Niet alleen de drie zangeressen van Pussy Riot staan hier terecht [maar] de hele staat die Rusland heet. Die staat schept er genoegen in om wreed te zijn naar zijn onderdanen. Om zich onverschillig op te stellen tegenover de eer en waardigheid van mensen. [..] Tot mijn grote spijt lijkt dit showproces veel op die in de tijd van Stalin gevoerd werden.” Ze kreeg een berisping van de rechter: de rechtbank was geen theater. Maar het leverde haar een staande ovatie op van de publieke tribune en uit het persvak.