'Roger en Ah Tao bewijzen dat tradities beklijven'

Ann Hui excelleert in persoonlijk drama in door migratie gespleten families – ook in A Simple Life.

Peter de Bruijn

Ann Hui (65), dochter van een Chinese vader en Japanse moeder, groeide op in Macau en Hongkong. In de jaren zeventig maakte ze deel uit van de ‘Hong Kong New Wave’, filmmakers die niet alleen innovatieve misdaad- en vechtfilms produceerden, maar ook realistisch drama en sociaal-politieke kritiek.

Hui studeerde als veel van haar generatiegenoten in het buitenland: twee jaar aan de Londen Film School. Via de televisie klom ze op naar misdaad- en kungfufilms, met tussendoor vaak persoonlijk getint familiedrama. Hui verwerkte haar angst voor het communisme in de jaren tachtig in haar ‘Vietnamtrilogie’, maar vaak spelen haar films in door migratie en identiteitsproblemen gespleten milieus – zo is hoofdrolspeler Roger van A Simple Life als enige in Hongkong achtergebleven toen de rest van zijn familie naar San Francisco vertrok. Dat is ook het verhaal van Huis eigen familie: het meest persoonlijk was ze daarover in Song of the Exile (1990), waar een dochter na een studie in Londen terugkeert om iets te leren over haar stugge, ontwortelde Japanse moeder.

Ann Hui moest deze week afzien van een bezoek aan het festival World Cinema Amsterdam. Wel beantwoordde ze vragen per e-mail.

Waarom nu een film over ouderdom?

„Het is gebaseerd op de ervaring van Roger Lee, de producer van de film die ook aan het script meeschreef. Zijn verhaal beviel me zeer, dus gingen we op zoek naar financiers.”

In hoeverre is het op feiten gebaseerd? Heeft u veel moeten veranderen voor de film?

„In de Chinese samenleving wonen huishoudsters in bij de familie van hun meester en krijgen ze alleen met zijn toestemming vrij, meestal in het geval van een geboorte of dood in hun eigen familie. Natuurlijk zijn niet alle meesters zo respectvol als Roger, maar het verhaal van Roger en Ah Tao bewijst de wereld dat eervolle tradities soms beklijven en de sporen van oude waarden de harten van de keiharde mensen van nu soms nog verwarmen.”

De film is documentaireachtig, alsof je het echte leven bespiedt. Hoe slaagde u daarin?

„Bijna eenderde van de figuranten bestaat uit echte klanten van een verzorgingshuis. Eerst wilde ik vooraf toestemming vragen, maar het management raadde ons dat af omdat ze dan niet voor de camera zouden willen. Tijdens de opnames ging hun leven gewoon door, zonder grote verstoringen. Ze zaten en keken toe. Stukje bij beetje vroegen we of ze niet een paar regels dialoog wilden, en toen vonden ze het wel leuk. We draaiden inderdaad in documentairestijl, mijn cameraman filmde op eigen houtje ook nog allerlei close-ups en reacties.”

Wat voor chemie zocht u voor de hoofdrollen, tussen wie zo’n grote leeftijdskloof gaapt?

„Om eerlijk te zijn: we benaderden (acteur) Andy Lau eerst om geld in de film te steken nadat Deannie (Yip) de rol van Ah Tao had geaccepteerd. Ze speelden in het verleden al moeder en zoon. We waren dolblij toen hij de rol van Roger wilde spelen. Ik denk dat ze na zoveel jaren graag weer eens wat samen wilden doen.”