Noorse politie faalde bij aanslag Breivik

De aanslag, vorige zomer in Oslo, had voorkomen kunnen worden. Dat stelt een onderzoekscommissie.

Oslo. Hoewel al bekend was dat de Noorse politie ernstig gefaald heeft bij de terreuraanslag van Anders Breivik, waarbij vorige zomer 77 mensen omkwamen, heeft een officieel rapport daarover gisteren vernietigende details bekendgemaakt. Zo blijkt dat de Noorse politie aanvankelijk niet naar het eiland Utøya voer, waar Breivik bezig was tientallen leden van de jongerenvereniging van de Arbeiderspartij dood te schieten, maar per ongeluk naar een ander eiland.

Was de politie eerder ter plaatse geweest, dan had de schietpartij eerder beëindigd kunnen worden, aldus het rapport. Toen een arrestatieteam bijna anderhalf uur nadat Breivik was begonnen met schieten op het eiland aankwam, gaf Breivik zich over. Dat was drie uur nadat in Oslo de autobom was afgegaan die Breivik bij een regeringskantoor had geplaatst.

Ook stelt het rapport dat de aanslag in Oslo voorkomen had kunnen worden „als bestaande veiligheidsmaatregelen waren nageleefd”.

De politie zou zwaar gefaald hebben bij het opsporen van Breivik. Het kenteken van zijn vluchtauto was al tien minuten na de aanslag in Oslo bekend, maar werd pas twee uur later bekendgemaakt. Breivik werd meerdere malen op weg naar Utøya gepasseerd door politiewagens.

Het rapport, dat is opgesteld door een onafhankelijke onderzoekscommissie, werd gisteren openbaar gemaakt en overhandigd aan premier Stoltenberg. Medische hulpdiensten hebben adequaat gereageerd, aldus de commissie. In juni werd het proces tegen Breivik afgerond. Op 24 augustus wordt het vonnis verwacht. NRC