Column

De eurokardinalen

Centralebankiers zijn voor het eurosysteem wat kardinalen zijn voor het Vaticaan: onmisbaar voor het ‘systeem’. Ze spreken in raadsels en communiceren in geheimtaal. Verslagen van de raad van bestuur van de Europese Centrale Bank (ECB) worden niet gepubliceerd, in tegenstelling tot die van de Amerikaanse Fed en de Bank van Japan. Wie de ECB wil doorgronden, moet beschikken over de vaardigheden van Vatican watchers of gepensioneerde Kremlinologen. Conflicten tussen kardinalen worden vilein uitgevochten, met venijn en roomse streken – zo ook bij centralebankiers.

Er woedt een koude oorlog tussen de Duitse Bundesbank en de ECB. De inzet is de eurocrisis. Volgens de Bundesbank vervreemdt de ECB zich van zijn wettelijke mandaat: prijsstabiliteit. In plaats hiervan gaat de ECB steeds verder in reddingsoperaties voor de euro. President Mario Draghi van de ECB zei op 26 juli in Londen dat hij hierbij alles zal doen, whatever it takes. In de Bundesbank, een bunkerachtig gebouwencomplex in Frankfurt, gingen alarmbellen af. President Jens Weidmann van de Duitse centrale bank gaf Draghi de dag nadien op de website van zijn bank een schot voor de boeg : Wir sind nicht ‘nur’ eine von 17 Notenbanken. Wir sind die grösste und wichtigste.

Whatever it takes betekent volgens Draghi zo nodig een omvangrijke aankoopoperatie van overheidsobligaties. De ECB heeft in het verleden obligaties gekocht op de primaire markt, direct van landen in nood als Griekenland, Spanje en Italië. Dit resulteerde in de banvloek van de Bundesbank. Onder Duitse druk moest Draghi gas terugnemen. Na de vergadering van de raad van bestuur van de ECB van 2 augustus kondigde hij aan dat de ECB zal interveniëren op de secundaire obligatiemarkt, nadat een lidstaat de hulp heeft ingeroepen van een van de noodfondsen, de Europese Financiële Stabiliteitsfaciliteit (EFSF) en het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM).

Er was één tegenstem: de Bundesbank. Draghi kan steunen op de grote meerderheid van de 23 leden tellende raad van bestuur, maar het verzet van de Bundesbank vreet aan zijn politieke draagvlak. Bondskanselier Merkel en de Duitse minister Schäuble (Financiën, CDU) steunen hem weliswaar, maar de Duitse publieke opinie heeft het meeste vertrouwen in twee grondwettelijke instellingen: de Bundesbank en het Grondwettelijk Hof. Dit oordeelt op 12 september over de vraag of het ESM verenigbaar is met de Duitse Grondwet.

In de tweestrijd probeert Draghi de Bundesbank te isoleren. Weidmann krijgt doorgaans steun van president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank. Bij het besluit van eind vorig jaar tot liquiditeitssteun aan de bankensector van ruim 1 biljoen euro stonden de Bundesbank en De Nederlandsche Bank op één lijn. Ze stemden voor, maar hadden kritiek op de verzachting van het onderpand dat de ECB eiste voor de leningen.

Op 2 augustus volgde Knot Weidmann niet. Dit is onverstandig. Waar is de grens van whatever it takes? Het ESM heeft te weinig maatschappelijk kapitaal om Spanje en Italië te redden. Deze landen melden zich aan bij het noodfonds, waarna de ECB intervenieert, aldus Draghi, „in een omvang nodig om het doel te bereiken”. De ECB wordt een geld spuiende pinautomaat.

De Bundesbank stond alleen. Nederland had als enige meer moed kunnen tonen. Estland zit pas in de eurozone. Het Luxemburg van premier Juncker – tevens voorzitter van de eurogroep – leidt de curie van eurokardinalen. Finland? Erkki Liikanen, voorzitter van de Finse centrale bank en voormalig eurocommissaris, mist moed. Dan blijft Knot over, maar hij liet zich ompraten door Draghi. Dit is politiek slecht. Duitsers kunnen niet goed tegen isolement in Europa. Dan dreigen ze overstag te gaan. Hierop mikt Draghi.

De ECB komt onder Draghi steeds meer terecht in een politieke rol, zonder ook maar enige verantwoording te hoeven afleggen. Zo besloot de raad van bestuur van de ECB ook Griekenland door de zomer te loodsen, via een verhoging van het plafond – van 3 naar 7 miljard euro – waarvoor Griekse banken obligaties mogen kopen van de Griekse staat om deze op de been te houden. Het onderpand is waardeloos. Kapseist een Griekse bank, dan volgt evenwel automatisch ECB-noodhulp. Dit stond in Die Welt. ECB-verslagen zijn immers geheim.

Tegelijk bepleit premier Monti van Italië, zelf nooit verkozen, in Der Spiegel om de macht van nationale parlementen inzake Europees beleid te beknotten. Ze lopen regeringen voor de voeten. „Elke regering heeft de plicht het parlement op te voeden.” De Tweede Kamer kan dus collectief naar een opvoedingskamp. De Frankfurter Allgemeine Zeitung schreef: „Wat is de conclusie? Dat Europa alleen kan blijven bestaan als nationale parlementen zo weinig mogelijk te zeggen hebben?”

De euro was ooit een middel, met Europese integratie als doel. Intussen is het middel – de euro – een doel op zichzelf. Hiervoor moet alles wijken, inclusief parlementaire controle. Onder leiding van ongekozen topbureaucraten en eurokardinalen dreigt de ‘ont-democratisering’ van Europa, om de euro te redden – whatever it takes.