Column

Bergman (2)

Met enige moeite vind je in Stockholm een pleintje en een straat die naar Ingmar Bergman zijn vernoemd. Ze zijn onaanzienlijk en staan dan ook niet vermeld in de meeste reisgidsen. Dat komt nog wel een keer, postume roem moet groeien.

Zweden had een haat-liefdeverhouding met Bergman, men vond zijn films decadent en blasfemisch, maar ooit zal de liefde de overhand krijgen.

Bergmans ‘plats’ en ‘gatan’ liggen in het centrum vlakbij de Koninklijke Schouwburg, ook wel ‘Dramaten’ genoemd, waaraan hij veertig jaar als regisseur (kort ook als directeur) was verbonden. Buiten Zweden vergeet men wel eens dat Bergman ook een prominent theatermaker is geweest.

‘Dramaten’ is een prachtig art-nouveaugebouw, fraai gelegen aan een baai. Ik kon het gebouw alleen bij het restaurant op de eerste verdieping binnengaan, maar ook dat bleek al de moeite waard.

Je kunt er op het balkon lunchen en genieten van het uitzicht. Binnen hangt achter glas een groot, goed gelijkend schilderij van Bergman.

In dit gebouw vierde hij grote artistieke triomfen, maar hij beleefde er ook het dieptepunt van zijn leven: de arrestatie door twee fiscale rechercheurs wegens belastingontduiking. Bergman krijgt van de schrik hoge nood, hij mag de deur van het toilet niet op slot doen, de politieman posteert zich ervoor.

De vernedering was ondraaglijk en ook al werd de aanklacht veel later ingetrokken, Bergman bleef lange tijd van zijn land vervreemd.

In dit gedeelte van de stad – de schouwburg aan het Nybroplan en het gebied daarboven – heeft zich een groot deel van zijn artistieke en persoonlijke leven afgespeeld.

Daar vind je de adressen uit dat vaak turbulente privéleven: Storgatan 7 waar hij opgroeide, Villagatan 22 en Karlaplan 10 waar hij als getrouwd man woonde, Grev Turgatan waar hij een eenkamerappartement had dat hij, volgens zijn biograaf Mikael Timm, als ‘werkruimte of liefdesnest’ gebruikte en dat hij tot op hoge leeftijd aanhield.

Het zijn allemaal rustige straten, op het deftige af, met goed onderhouden appartementsgebouwen van vijf verdiepingen hoog. Een burgerlijke omgeving voor iemand die zich diep in zijn hart een anti-bourgeois voelde.

Bergman leidde tot ongeveer zijn vijftigste een woelig liefdesleven. Hij trouwde vijf keer en had daarnaast nog relaties met actrices als Bibi Andersson en Liv Ullmann. „Filmen is een enorm erotische bezigheid”, schreef hij. Hij kreeg negen kinderen, met wie hij weinig contact had. Veel van zijn liefdeservaringen zijn terug te vinden in zijn films.

Hij bleef zich diep schamen voor de manier waarop hij zijn tweede vrouw, Ellen Lundström, aan de kant had gezet. In Laterna Magica schrijft hij: „Ik ging zonder mijn regenjas uit te trekken op de rand van haar bed zitten en vertelde wat er te vertellen viel. Wie geïnteresseerd is kan het verdere verloop van ons gesprek volgen in het derde deel van Scènes uit een huwelijk.”

Dat heb ik gedaan: mede dankzij het spel van Liv Ullmann is het een van de smartelijkste liefdesscènes die ik ken.

Pas in zijn vijfde huwelijk, in 1971 met Ingrid von Rosen, kwam hij tot rust. Zij was in de sjieke voorstad Djursholm zijn buurvrouw geweest, bij wie hij twaalf jaar eerder in het geheim een kind had verwekt.

Op het eilandje Fårö waar zij samen vanaf 1967 woonden, stierf zij veel eerder dan hij. Hij vond het een afgrijselijk vooruitzicht. „Van een iemand verander ik in een niemand.”