Mart Smeets - De biografie

Mart Smeets is dezer dagen overal. En dat ervaren niet alleen verstokte tv-kijkers, want ook in de ingezondenbrievenrubrieken van menig krant wordt serieus gediscussieerd over de vermeende vrouwonvriendelijkheid, het gebrek aan kennis enerzijds en het enthousiasme of psychologisch inzicht van ons nationale sporthoofd anderzijds. De helft van de lezers wil Mart van het scherm bannen, de andere helft gunt hem een eeuwige carte blanche van de NOS.

Op Twitter heet Smeets ‘#demart’ en hij is vrijwel dagelijks trending topic. Bijvoorbeeld als hij een poging lijkt te doen om een volleybalster aan het huilen te krijgen. Ook is er een ‘Smeets-bingo’ gemaakt, waarbij je kan aankruisen of Smeets deze avond al ‘Senk joe’ of ‘mag ik dat zeggen’ heeft gezegd.

Hij had het blijkbaar iets te druk om voor deze zomer zélf een bestseller te schrijven, maar dat gemis wordt goed gemaakt door Kees Sluys, wiens biografie Mart Smeets (AtlasContact, € 19,95) nu ook alweer een maand in te CPNB top-60 staat – direct na verschijning was dat in de top-10, inmiddels staat het boek op plek 45.

Het is een geautoriseerde biografie – Smeets liet minzaam weten dat hij Sluys heeft ‘verteld wat hij wilde weten’, daarbij fijntjes suggererend dat er van alles interessant was dat Sluys blijkbaar niet wilde weten. Maar dat betekent niet dat het een hagiografie is geworden.

Integendeel, Smeets komt erin naar voren als een onaangenaam monomane man die zijn werk altijd interessanter vond dan zijn privéleven. Dat betekent dat Smeets-op-tv altijd moest functioneren, zelfs als de mens Smeets dat niet deed. Hij kon onredelijk vloeken en tieren tot drie seconden voor het begin van een uitzending om daarna vlekkeloos de bord-op-schootsfeer te creëren. Hij was zo weinig thuis dat het voor de kinderen in elk geval in praktisch opzicht geen verschil maakte dat hij ging scheiden. De ‘grote mislukking van zijn leven’ noemt hij dat graag, met een merkwaardig soort masochistische trots.

Maar dat is niet het hele verhaal. Smeets is ook een perfectionist die bijna altijd gelijk heeft bij zijn conflicten. En zo groot als zijn ontzag voor de sporters is, zo weinig heeft hij op met de structuren van de publieke omroep. Ze werken hem nogal eens tegen, daar bij de NOS, die hij desondanks zijn hele leven trouw blijft.

Want als hij ergens aan begint, maakt hij het af. Dat leerde hij overigens pas toen hij zelf ging sporten, met behoorlijk wat succes, blijkens een foto van een blije Mart met olympisch diploma van het basketbalteam. Daarvoor was hij een slordige, luie leerling geweest, die vooral met trots terugkijkt op het feit dat hij met zijn lerares Engels in bed was beland. Maar toen die sportcarrière op ongelukkige wijze in de kiem werd gesmoord, had hij wel ontdekt dat het loonde om serieus te zijn.

En dat valt hem niet te ontzeggen: de bezieling straalt er elke avond vanaf, de inzet is onmiskenbaar, Mart behandelt het beroep van journalist alsof het topsport is.

Nee, dit boek zal de discussie tussen Mart-haters en Mart-liefhebbers niet beslechten. Maar iedereen die sport volgt (en voor wie dat niet doet, is er weinig reden dit boek te lezen) zal van de ene herkenning in de andere rollen, en jazeker, Mart was erbij en vertelde ons erover, en dat vind je leuk of niet.

Je ontkomt niet aan de indruk dat de talrijke mensen die dat niet leuk vinden, er wel veel plezier aan beleven om dat aan de wereld te laten weten.

Nee, van #demart zijn we nog niet af.