Dit is het web

De Russische internetgek Ruslan Enikeev maakte een interactieve kaart van internet. Het resultaat? 350.000 bollen (websites) op een interactieve kaart. Vanaf nu kun je tijdreizen door je internetgebruik.

Piep piep piep, pgrrrr, fuuuut, pr, pr, gr, gr, pgrgr, pgrgr, dongdongdongdong.

Zo ging dat, inbellen. Na een tijdje doelloos draaien op de bureaustoel had je internet. Op naar startpagina.nl. Wie had hem niet als startpagina? Doorklikken naar paarden.startpagina.nl om daarmee een werkstuk in elkaar te knippen en plakken. Verder zoeken deed je in zoekmachine Ilse. Na een halfuur sloot ik internet weer af, de telefoonlijn mocht niet de hele dag bezet zijn. Een rondje mijnenveger, en dan de computer weer uit.

Het was 1998, ik was 11.

Ik groeide op met internet, en internet groeide met mij. Internet voor tieners was toen Nederlandstalig en erg rommelig.

Op CU2.nl had ik een felgele met oranje profielsite, vol bewegende afbeeldingen, knipperende tekst en vragenlijsten die mijn vrienden en ik over elkaar invulden. Facebook avant la lettre. Familieleden maakten GeoCities-sites over postzegels en aardrijkskunde. Er stonden zichtbare bezoekertellers op en elk gastenboekbericht was positief.

Wat is er van die sites geworden? Uitgestorven, nam ik aan.

Maar nee, lang niet allemaal!

Startpagina.nl is nog steeds een van de grotere sites van Nederland. Groter dan nrc.nl, bijna even groot als Geenstijl. Maar het ooit grote GeoCities is weg.

Ik zoek ze allemaal na op de schitterende Internet Map. Dat is de onlangs verschenen interactieve ‘kaart’ die het web uitbeeldt als een universum, als een Hubble-foto vol verre nevels en sterren. De kaart bestaat uit 350.000 bollen. Hoe groter de bol, hoe meer verkeer een site krijgt – in een momentopname van eind 2011. Elke kleur vertegenwoordigt een land. En bollen die dicht bij elkaar staan hebben een sterke band, met veel onderlinge links. Het is een ontzagwekkend karwei van de Russische internetgek Ruslan Enikeev.

In dit universum reis ik nu langs de bijna vergeten plekken van mijn jeugd. ICQ, bestaat dat nog? Op de middelbare school verdwenen de Nederlandstalige sites uit beeld en we gingen naar grote Engelstalige sites. Zoals de chatsite ICQ. En ja, hij is er nog steeds, en er schijnt zelfs een app voor te bestaan. Na ICQ gingen we chatten op MSN, en daar leerde ik razendsnel typen. Urenlang schaafde ik mijn gebruikersnaam bij en tussendoor chatte ik met vriendinnen. Af en toe ging ik terug naar het Nederlandse hoekje en praatte met vreemden, op de TMF-chat. Totdat daar alleen nog maar ranzige teksten verschenen. Ik downloadde mijn eerste mp3’s; over een liedje deed Kazaa een halve dag.

In het mooie online universum van Enikeev zijn de meeste sterren van weleer nog steeds te vinden. Ilse, ICQ en Kazaa: klein, maar nog altijd present.

Tegenwoordig staat mijn computer altijd aan en zit ik permanent op het web. Maar gevarieerder is mijn gedrag niet geworden. Ik hop nu heen en weer tussen de grote reuzen. Google, Gmail, Facebook, Twitter, YouTube, een paar Nederlandse nieuwssites en dan weer van voren af aan.

De grootste van deze sterren staan bij Enikeev in het blauwgroene Amerikaanse cluster. De meeste reuzen verbazen me niet. Maar dat Yahoo nog steeds een joekel is wel. Ik dacht dat die site, waar ik ooit een mailaccount had, een verschrompelde ster zou zijn. Maar het is bijna net zo groot als YouTube. Bij Japanners is de site nog mateloos populair.

Er zijn ook hele sterrenstelsels in dit universum waar ik nooit kom. In de uithoeken zie ik veel verrassends.

Zoals China, het grote gele cluster linksonder. Dat land heeft als enig land naast de Verenigde Staten echt grote eigen sites. Voornamelijk in het Chinees. Baidu, de Chinese versie van Google bijvoorbeeld. En QQ, een Chinese chatsite vergelijkbaar met MSN. Weibo: het Chinese Twitter. De Chinese overheid blokkeert veel buitenlandse sites, en die censuur geeft de Chinese varianten kans om te groeien.

Vooral taal verdeelt het internetuniversum in grote clusters. Neem Rusland, de grote rode wolk rechtsboven. En Japan, paars rechtsonder. In die clusters zitten enorme sterren. Dat kan, want er zijn veel Japanners en Russen. In dit soort landen met veel internetactieve bewoners kun je nog veel grote, niet-Engelstalige sites aantreffen.

Op één land na: India. Daar wonen bijna net zoveel mensen als in China, maar vrijwel iedereen met internet spreekt er Engels. En reist naar het Engelstalig sterrencluster. Van de Indiase sites is alleen Google.co.in groot; alleen maar omdat Google je automatisch doorstuurt naar de Google in je eigen land.

Andere landen met veel inwoners, zoals Indonesië en Nigeria, gebruiken internet nog niet op grote schaal, en zeker niet op de computer. In deze landen gaan de meeste mensen met hun mobiele telefoon het net op: met apps in plaats van het web. De landen vallen daarom in deze kaart van het web niet op.

Waarom zou je nu nog afreizen naar het oranje wolkje Nederland? Alleen voor echt Nederlandse dingen. Die bollen zijn groot. Vooral nieuws. Maar ook internetbankieren – vooral bij de grote oranje bal van de ING. Koopjesjagers hebben ook grote sterren: Marktplaats, Beslist.nl, Kieskeurig.nl en Vergelijk.nl. Verder besteden we onze webtijd bij de Engelstalige reuzen.

Dit zorgt ervoor dat voor veel mensen het web er ongeveer hetzelfde uit ziet. Of ik nou een brugklasser ben uit Frankrijk, of een journalist uit Nederland, onze weg over het web wordt verlicht door dezelfde sterren. Dat laat deze kaart goed zien.

Behalve op taal zijn de sterren ook gegroepeerd in thema’s. Wie afreist naar de onderkant van het universum, de blauwe wolk in het midden, komt terecht in de pornowolk. Dit voornamelijk Amerikaanse cluster, met hooguit nog wat Japanse stipjes, is minder groot dan verwacht. De bewering dat de helft of een derde van het web uit porno bestaat is duidelijk een mythe. Het verkeer wordt misschien afgeremd omdat Google veel porno uit zijn zoekresultaten filtert. De pornolegende klopte waarschijnlijk wel in de tijd van het eerste internetgebruik. Vooral mannen gingen het web verkennen, en zij waren de eerste grootgebruikers. Maar die tijden zijn, net als de TMF-chat, voorbij.

Bekijk de kaart in vol ornaat op www.internet-map.net