Vier dagen op rij winnen, dat is nooit gebeurd

Dinie Visser is bemanningslid van de Sneker Pan, een van de veertien schepen die meedoen aan het jaarlijkse Skûtsjesilen in Friesland. „Alles klopt dit jaar, alles is in balans.”

Dinie Visser op de Sneker Pan, een skûtsje uit 1913. Foto Sake Elzinga

Vrijdag 3 augustus

We hebben een bewogen week achter de rug. De eerste dagen zeil je op nauwe wateren, dan ben je al blij als je de dag schadevrij doorkomt. Op dag vier, in Terhorne, uitgerekend op open water, hadden we al bij de start een aanvaring. De stalen opsteker, waar de fok aan vast zit, was helemaal krom gevouwen. Eerst denk je: dit was het dan, alles naar z’n mallemoer. Maar de opsteker kon dezelfde dag worden gerepareerd. En het protest dat we aantekenden werd toegekend, zodat we op de laatste dag het gemiddelde van de dagpunten erbij krijgen. Alles kan nog gebeuren.

Vandaag, een rustdag, lagen we bij Langweer voor anker, met de meeste bemanningsleden op hun eigen boot. Ik deel mijn kruiser met mijn kinderen en Marije, een ander bemanningslid. Om 11 uur vertrokken we met z’n allen richting Stavoren, een flink stuk varen. Sommigen zwemmen wat onderweg, of steken ergens aan voor een drankje. Ik heb flink doorgevaren, want het is, met veertien skûtsjes die elk minstens tien volgboten bij zich hebben, in Stavoren flink passen en meten.

Met twee kinderen aan boord gaat het huishouden ook gewoon door. Boodschappen doen, wassen, opruimen, en dan ’s avonds nog even in het dorp wat drinken.

Zaterdag

We konden vandaag in Stavoren snel starten en waren als eerste bij de eerste boei. Dat heeft als grote voordeel dat je zelf de koers kunt kiezen. Vanwege het verwachte onweer werd de race ingekort, dus we konden al snel de overwinning tegemoet.

Mijn vader is de schipper van de Sneker Pan, ik ben peiler en meet met een lange stok de diepte. Vandaag waren er weinig ondiepe stukken. Dit is mijn derde seizoen op dit schip. Toen ik drie jaar geleden aan mijn vader vertelde dat ik door een ander skûtsje was gevraagd, ging hem dat toch een stap te ver. Sindsdien zeil ik voor de Sneker Pan.

In de jaren zeventig had Drachten al een vrouw aan boord, maar het is de laatste jaren pas gewoon geworden. Marije heeft de weg vrijgemaakt. Ik denk dat mijn vader mij niet had gevraagd als er niet al een vrouw aan boord was. Dat we familie zijn, maakt niks uit. Wij hebben geen hiërarchie, iedere functie is even belangrijk. We hebben als team geleerd alles goed uit te spreken. Een paar jaar geleden liep mijn vader als schipper tegen dingen aan. Je bent tenslotte ‘manager’ van een groot team, dan kun je irritaties niet laten sudderen.

Nu genieten we van de overwinning. Eerst gaan we naar de prijsuitreiking, en vanavond vieren we het in Stavoren. Even de teugels los.

Zondag

Rianne, de vrouw van de schootman, is jarig en voor alle gezinnen was er koffie met gebak. We zijn hier met veertien gezinnen, met bijna evenveel kinderen tussen de twee en de tien jaar. De jongste kinderen mogen zonder zwemvest geen stap verzetten, maar het blijft ‘houwen en keren’ met al die kleintjes. Toen er deze week op een volgschip van een ander skûtsje een baby in het water viel, was de schrik bij iedereen groot.

Nu ik zelf kinderen heb, kan ik me voorstellen dat het voor partners best pittig is om met een skûtsjesiler te zijn. Ik weet niet beter. Mijn vader is altijd bemanningslid geweest. Sinds 1989 is hij schipper. Je moet daarvoor gevraagd worden, en je mag alleen schipper worden als je afstamt van vrachtschippers uit begin vorige eeuw die in de zomer, als er weinig werk was, met hun schepen wedstrijden hielden. Daardoor zie je ook veel dezelfde namen. Een broer van mijn vader is schipper van het skûtsje van Drachten, zijn neef Douwe van Grou. Zet drie Vissers bij elkaar en het gaat over skûtsjesilen.

Maandag

Elke wedstrijddag heeft dezelfde routine. Om half tien verzamelen en evalueren, twaalf uur eten, half één vertrek en twee uur starten. Na een valse start lagen we bij de tweede start al bij de eerste boei achter de Halve Maan uit Drachten. Het bleef tot het einde spannend. Je moet de nummer één aanvallen en tegelijkertijd de nummer drie en vier in de gaten houden. Toch wordt er niet geschreeuwd aan boord, alle communicatie is non-verbaal, een handgebaar is genoeg. Als je dan op het nippertje als eerste over de finish gaat, is er de ontlading: schreeuwen, juichen, dansen. Ik kan me niet herinneren dat we eerder drie dagen op rij wonnen, en ik ben ook nog jarig. In Woudsend is vanavond dorpsfeest, daar gaan we het nog even vieren. Met mate natuurlijk.

Dinsdag

Het lijkt misschien saai dat we vandaag in Elahuizen weer hebben gewonnen, maar we zijn danig onder de indruk. Het is sinds 1967 niet gebeurd dat een schip vier keer op rij won. Het is moeilijk te verklaren waarom het zo goed gaat. Misschien omdat we eerder dan andere skûtsjes het schip aan de nieuwe regels van dit jaar hebben aangepast en er daardoor goed mee overweg kunnen.

De Sneker Pan is een gevoelig schip, mijn vader kent het na al die jaren door en door, dat is een voordeel. Maar we hebben ook veel getraind op concentratie. Verder hadden we ook vandaag weer een scherpe start. Op de een of andere manier klopt alles, alles is in balans.

Het was wel pittig. Vrij harde wind, verschillende dieptes, eilandjes, bomen. Wat mij betreft mag het flink waaien, het is fysiek zwaarder maar mentaal veel lekkerder. Met een ruime voorsprong van bijna vijf minuten als eerste over de finish.

We wonen nu al anderhalve week op het water, en ik begin te begrijpen waarom sommigen ’s avonds naar huis rijden in plaats van op een volgschip te slapen. Een warme douche en dan languit op de bank, dat is waar ik nu het meest naar verlang. Na anderhalve week slaat de vermoeidheid toe. Je voelt je hele lijf. En als het voor ons al zwaar is, hoe moet ‘moe’ dan voelen als je onderaan staat?

Woensdag

Vanochtend nog getraind voordat om twaalf uur de catering kwam. Aardappels, vlees en groente – stevige kost. Meer skûtsjes laten de catering komen, het neemt de vrouwen van de bemanningsleden, die toch al de keet draaiende moeten houden, veel werk uit handen. En er moet goed gegeten worden.

Geen eerste vandaag, maar met een tweede plaats zijn we ook blij. Er was veel minder wind dan gister, en dat maakt het wedstrijdverloop onvoorspelbaar. Soms dobber je bijna, het schip dat net goed ligt als er een vlaagje wind komt, heeft geluk. Hoewel we stevig bovenaan in het klassement staan, durven we nog niet te juichen. Niks is zeker met dit weer.

Vanavond willen de kinderen in Lemmer naar de kermis. Dat hebben ze goed onthouden van voorgaande jaren.

Donderdag

We wisten: als Bolsward vandaag eerste wordt, moeten we bij de eerste zes zijn om zeker te zijn van de eindoverwinning. Bolsward startte goed, dus we moesten vol aan de bak. Pas toen de wind aantrok, konden we terugkomen. We kwamen als tweede over de finish. Het duurde even, en toen beseften we: we zijn kampioen! Iedereen door het dolle heen, heen en weer rennen om elkaar te feliciteren en dat later nog een keer toen we aankwamen bij onze trouwe aanhang op het moederschip. Nu snel naar Omrop Fryslân, we zijn te gast in de uitzending, en vanavond is het feest. Dan varen we morgen op ons gemak naar Sneek, om voor eigen publiek nog één keer te knallen.

Vrijdag 10 augustus

Na de start als twaalfde bij de eerste boei komen, dat was niet de bedoeling van deze feestdag! Gelukkig liepen we snel de achterstand in en konden we – ongelooflijk – toch weer als eerste finishen. Een droomfinale. En nu konden we de feestvreugde delen met al dat publiek, sponsors en al die bootjes die meteen naar ons toe kwamen varen. Morgen worden we gehuldigd op het stadhuis van Sneek, maar vanavond vieren we het met elkaar, op onze eigen Sneker Pan.