Sporthelden opgepast, nu dreigt het zwarte gat

Het einde van de Spelen is in zicht, net als de topsportcarrière van veel olympiërs. Maar hoe zeg je je leven als topsporter vaarwel? Een nieuw bestaan opbouwen blijkt moeilijk.

Dat was het dan. Vier jaar lang ging het om die ene week. Iedere ochtend opstaan met maar één doel: Londen. Geen sociaal leven. Vele honderden uren training. Een investering van duizenden euro’s.

Maar er kwam geen finale, geen medaille, geen heldendom. Het werd een race in de anonimiteit. Deze krant besteedde woensdag één zin aan de twee zeilbroers: Sven en Kalle Coster (470-klasse) eindigden op de twaalfde plaats en kwalificeerden zich niet voor de medal race.

De Spelen in Londen hadden een bekroning op hun zeilcarrière moeten worden, na de zesde plaats in 2004 (Athene) en de vierde plek in 2008 (Peking). Aan de kust bij Weymouth kwamen de tranen. Sven stopt zeer waarschijnlijk met zijn topsportloopbaan. Met zijn 33 jaar is hij de oudste van de twee, Kalle is 29. Veertien jaar lang is Sven fulltime met zeilen bezig geweest. Een leven zonder topsport kan hij zich moeilijk voorstellen. „Het is heel hard om afscheid te nemen. Maar de tijd om te gaan is gekomen.”

Tijdens zijn zeilloopbaan is Coster bewust niet bezig geweest met een carrière na de sport. „Die gedachtes heb ik uitgeschakeld, want dat zou me afleiden van het zeilen.” Hij heeft commerciële economie gestudeerd en wil nu „iets met sales” gaan doen. De teleurstelling van de Spelen zal hij snel moeten verwerken, binnen nu en twee maanden wil hij zijn nieuwe leven vorm gaan geven. Er moet simpelweg brood op de plank komen.

Maandag keren veel van de 178 Nederlandse sporters terug uit Londen. Enkele tientallen olympische sporters zullen stoppen. Hoe bouwen zij een nieuw leven op, na vier jaar lang als een monnik toegeleefd te hebben naar de Spelen? Hoe voorkomen ze het gevreesde ‘zwarte gat’?

Carrièreverandering is een complexe periode voor sporters, zegt sportpsychologe Afke van de Wouw. Weg zijn de trainingen, grote toernooien en nieuwe doelen. Weg is de roem en de media-aandacht. Geen dagelijkse routine en discipline meer. „Sport is verweven met het leven van topsporters. Als de sport wegvalt, verliezen ze een deel van hun identiteit.” Neem je tijd om de Spelen af te sluiten voordat je verder gaat met je leven, adviseert ze. „Het is een life changing event, zowel mentaal als lichamelijk. Dat moet je laten bezinken.”

Vooral sporters die door een zware blessure gedwongen worden afscheid te nemen, kunnen last krijgen van stress, stemmingsveranderingen en depressies, zegt Van de Wouw. „Het accepteren van een blessure is vaak een probleem. Het is anders als je er zelf voor kiest om te stoppen.”

Veel sporters vinden het lastig om na hun loopbaan de overstap te maken naar een nieuw bestaan, zo blijkt uit een donderdag gepubliceerde studie van het Mulier Instituut. Tussen 2005 en 2010 werden 192 sporters die stopten, ondervraagd. Meer dan de helft had moeite met hun nieuwe levensinvulling. Zij maakten geen deel meer uit van een groep sporters. En ze konden moeilijk afstand nemen van de identiteit ‘topsporter’.

Voor olympiërs is de omslag groter dan voor voetballers en tennissers, waar week in week uit veel aandacht voor is. Voor kleinere sporten als zeilen, judo, roeien, baanwielrennen en beachvolleybal zijn de Spelen vaak het ultieme meetmoment: het is de enige keer in vier jaar dat een sporter zich voor een miljoenenpubliek kan laten zien. Alles in die vier jaar staat in het teken van presteren op de Spelen. Sporters weten: een gouden medaille betekent eeuwige roem.

Nederlandse sporters die stoppen, krijgen met de afdeling ‘voorzieningen’ van NOC*NSF te maken. Deze afdeling regelt de nazorg. Eerst wordt de topsportstatus met een brief beëindigd, zegt consulent Marti ten Kate. Van de ene op de andere dag ben je formeel topsporter af. Je stipendium stopt en een eventuele leaseauto van NOC*NSF moet je inleveren. Vervolgens neemt de sportkoepel contact op met de sporter, en biedt hij mentale begeleiding, medische hulp en loopbaanbegeleiding aan. Van de laatste mogelijkheid maken sporters veruit het meest gebruik, zegt Ten Kate. „Het grootste dilemma is dat er inkomsten moeten komen.”

Om sporters te helpen bij het zoeken naar een tweede carrière begon drie jaar geleden het project Goud op de Werkvloer, een initiatief van NOC*NSF, uitzendbureau Randstad en stichting Sport & Zaken. Inmiddels zijn via het project 150 sporters geplaatst bij bedrijven. Op de huidige Spelen zijn 39 Nederlandse sporters waarmee Goud op de Werkvloer in contact staat: ze begeleiden de sporters, of hebben oriënterende gesprekken met hun gehad.

Het ‘zwarte gat’ vindt programmamanager Bram Ronnes van Goud op de Werkvloer een besmette term, hij heeft het liever over het „herdefiniëren van een nieuwe identiteit”. Afscheid nemen, afbouwen, nieuwe doelen stellen en een nieuwe stimulans vinden. Voor veel sporters is het een worsteling, merkt de voormalige beachvolleyballer. Onlangs was hij op een congres met zestig (oud-)sporters. „De conclusie was: mooier dan tijdens je sportloopbaan wordt het nooit meer.” Voor stoppende sporters is het moeilijk om nieuwe doelen te stellen. „8 augustus 2012, 14.00 uur, Londen. Dat is een helder doel. Maar in het normale leven werkt dat anders.”

Het project werd gestart omdat er grote behoefte was aan loopbaanbegeleiding. Topsporters gaan tot latere leeftijd door, zegt Ronnes. „Sporters stoppen nu pas soms op hun 36ste. Dan heb je een andere positie op de arbeidsmarkt dan als je 25 bent.” Vóór je stopt met je sportcarrière al bezig zijn met een nieuwe, maatschappelijke loopbaan. Dat kan veel helpen, zegt hij. Zo weet zowel de sporter als de coach waar hij aan toe is.

Zeiler Sven Coster heeft de afgelopen jaren bewust geen contact gezocht met Goud op de Werkvloer. „Ik was bang dat een werkgever me iets aanbood waardoor ik zou twijfelen over de sport.” Nu gaat hij eerst uitslapen, bijkomen, lekker eten en bij vrienden en familie langs. „Best kans dat ik bij thuiskomst even het zwarte gat zie na deze deceptie. Maar hopelijk niet voor lang.”