Piloot Poch berecht in megaproces tegen leden Argentijnse junta

Een foto van Poch tijdens zijn dienstjaren in de periode van de militaire junta in Argentinië, zoals uitgegeven door de Spaanse politie. Foto AFP

De Argentijns-Nederlandse piloot Julio Poch moet vanaf 25 oktober terechtstaan wegens het uitvoeren van zogeheten ‘doodsvluchten’ ten tijde van het militaire bewind (1976-1983). Dat heeft een rechtbank in Buenos Aires deze week besloten.

Poch zal een van zeventig verdachten zijn in een megaproces tegen vermeende leden van de junta, aldus een woordvoerder van het Argentijnse Openbaar Ministerie tegenover NRC Handelsblad.

Poch (60 jaar) zit al drie jaar in voorarrest omdat hij verdacht wordt van het vanuit vliegtuigen in zee werpen van mensen. De arrestatie volgde toen hij als gezagvoerder bij Transavia de laatste vlucht voor zijn pensionering maakte naar Spanje. De sinds 1988 in Nederland wonende Poch werd opgepakt na aangifte van collega’s. Zij beweerden dat Poch in 2003 tijdens een etentje op Bali had verteld dat hij als marinepiloot ten tijde van de junta dodenvluchten had uitgevoerd.

Megaproces tegen leden junta gaat zo’n vier jaar duren

Poch ontkent. Zijn advocaat Geert-Jan Knoops heeft het Nederlandse ministerie van Buitenlandse zaken gevraagd in Argentinië te regelen dat Poch na betaling van een borgsom in Buenos Aires in vrijheid het proces mag bijwonen. De rechtbank heeft drie zittingsdagen per week uitgetrokken. Het megaproces gaat naar verwachting zo’n vier jaar duren. De berechting is mogelijk nadat onder het bewind van president Nestor Kirchner in 2003 Amnestiewetten werden ingetrokken.

Knoops vindt dat Nederland zich garant moet stellen voor Poch. De advocaat zegt dat Buitenlandse Zaken eerder de Haagse rechtbank onjuist heeft voorgelicht tijdens een kort geding dat Poch in december 2009 aanspande tegen de Nederlandse staat. Poch zat toen vast in Spanje. Buitenlandse Zaken zou in 2009 hebben laten weten dat Poch binnen een jaar terecht zou staan.