Ghana begraaft blij zijn leider

Sinds zijn dood is president John Atta Mills opeens een bescheiden en vredelievend leider. Want Ghana begraaft graag feestelijk.

De begrafenis van de Ghanese president John Atta Mills, vrijdag in Accra. Foto AP

Oorverdovend tromgeroffel. Motoragenten die achterover hangen op hun zadel en dat ‘zonder handen’ doen om toeschouwers te imponeren. Zwaaien met vlaggetjes, showen met nieuwe kleren.

De staatsbegrafenis van de op 24 juli overleden president John Atta Mills was vrijdag de opmerkelijkste gebeurtenis van het jaar in Ghana. Mills werd ten grave gedragen in de hoofdstad Accra tijdens een spectaculaire rouwplechtigheid die werd bijgewoond door Hillary Clinton. Ghana rouwde, en vierde ook een beetje feest.

De dood van Mills (68) gaf Ghana de gelegenheid zich van zijn beste kant te laten zien. Probeerde Nigeria in 2010 de dood van de president in een ziekenhuis in Saoedi-Arabië angstvallig stil te houden, Ghanese websites meldden Mills’ overlijden drie uur na zijn dood. Ontstond eerder dit jaar in Malawi onenigheid over de opvolging van de president toen hij aan een hartaanval bezweek, in Ghana werd vicepresident Mahama nog dezelfde avond ingezworen als nieuwe leider. Het past bij de rol die Ghanezen hun land toedichten: dat van rolmodel voor Afrika, de meest solide democratie van het continent.

Ghana bereidde zich vol overgave voor op de rouwplechtigheid. Begrafenissen hebben een prominente plek in het sociale leven. Ze worden meestal in het weekend gehouden, zodat iedereen erbij kan zijn. Iedere vrijdag staan de kranten vol paginagrote advertenties met foto’s van mensen die gehoor hebben gegeven aan Gods ‘call to glory’. Het is niet ongebruikelijk dat de overledene in het mortuarium ligt totdat alle verre familieleden zijn opgetrommeld, zelfs als dat weken duurt. Intussen besluit de naaste familie over de stof voor de speciale begrafeniskleding, want elke stof heeft een boodschap en elke kleur een betekenis. Geen rouwplechtigheid is compleet zonder groots buffet, muziek en donaties van notabelen. De overledene gaat naar huis, zo heet het hier, en dat moet gevierd worden.

De dood van Mills, die keelkanker had en in juni halsoverkop naar de VS was afgereisd voor ‘medisch onderzoek’, bracht het land tijdelijk tot stilstand. Twee dagen lang toonde de staatstelevisie live hoe een stoet burgers langs het achter glas opgebaarde lichaam van Mills trok. Straatverkopers en marktvrouwen constateerden tevreden dat de prijs van rode rouwlinten en stof bedrukt met het portret van de overleden president met de dag verdubbelden. Ambtenaren gingen in zwart pak naar kantoor. „Ghana is nat van tranen”, meldde een van de grootste dagbladen.

De voormalige professor in belastingrecht Mills trad in 2009 aan na verkiezingen waarin het verschil tussen hem en de oppositiekandidaat één procent van de stemmen was. Als president onderscheidde hij zich volgens analisten vaak door wat hij niet deed. Om de eenheid te bewaren, liet hij geen onderzoek instellen naar ex-ministers die als corrupt te boek stonden. Hij bemoeide zich niet met conflicten in de regio en de laatste maanden liet hij het lintjesknippen aan zijn vicepresident over. Door zijn dood is de kritiek verstomd. Hij overzag een periode van ongekende economische groei zonder zich daarvoor op de borst te kloppen, dus gaat Mills de geschiedenis in als een vredelievende, bescheiden man die zijn leven in dienst van zijn land stelde.

In december zijn er presidentsverkiezingen. Deze week was iedereen solidair, over een week begint het gekift weer.