Berichten van de frontlijn van de crisis

De eerste jaren van de economische crisis ging het nog wel. Extraatjes schrappen en interen op buffers. Maar nu de crisis vijf jaar duurt, wordt het voor steeds meer mensen lastig om rond te komen. „Als het spaargeld op is, weet ik het echt niet meer.”

We zijn niet zielig, benadrukken ze. Het moet geen klaagverhaal worden. Maar vrolijk word je niet van de verhalen van de tientallen mensen die reageerden op een oproep van deze krant om hun hart te luchten over de economische crisis die nu al vijf jaar voortsukkelt.

Sommigen van hen willen alleen anoniem hun verhaal kwijt. Zoals de freelance illustrator die haar inkomen de afgelopen jaren zag halveren. Of de werknemer van een grote bank die over een paar maanden door een reorganisatie thuis komt te zitten, waar zijn vrouw ook al werkloos op de bank zit. „Met een hypotheek die we vier jaar geleden op de top van de huizenmarkt hebben afgesloten.”

Wat opvalt: de mensen die nu in de problemen raken door de aanhoudende crisis, zijn niet alleen maar jongeren met een lage opleiding of bijstandmoeders. Een groeiende groep hogeropgeleiden, met een mooie loopbaan, prima inkomsten en stralende perspectieven raakt in de knel.

Omdat hun huis veel minder waard is dan de hypotheek hoog is. Omdat hun baan bij een van de vele aangekondigde reorganisaties op het spel staat. Of omdat ze als zzp’er, kampen met dalende uurprijzen en minder opdrachtgevers.

Wie gewoon een vaste baan heeft, en zijn huis niet hoeft te verkopen heeft nergens last van. Goed, de salarissen zullen de komende jaren waarschijnlijk nauwelijks stijgen. Terwijl de vaste lasten wel hoger worden – denk aan de hogere kosten voor kinderopvang en de zorg. Maar is dat heel dramatisch? Nou, nee. Volgens berekeningen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is de koopkracht van Nederlanders na vijf crisisjaren slechts licht gedaald.

Alles is relatief, zegt econoom Peter Hein van Mulligen van het CBS. „Als je puur objectief kijkt naar de daling van het gemiddelde beschikbare inkomen, is er niet zoveel aan de hand. Die krimp is bescheiden. Het gaat wel wat slechter, maar Nederland is nog steeds een van de rijkste landen ter wereld.”

„Als je een baan hebt en een vast contract, dan voelt de crisis niet zo dichtbij”, zegt ook Annemarie Koop van het Nibud, het instituut voor budgetvoorlichting. „Maar intussen zijn steeds meer mensen echt de klos en neemt het aantal mensen met betalingsproblemen snel toe. Net als het aantal mensen dat geld leent.” Volgens onderzoek van het Nibud heeft bijna de helft van de Nederlanders nu moeite om rond te komen, tegen 37 procent in 2009.

Wie de pech heeft om zijn baan kwijt te raken of als zzp’er in een lege agenda te staren, heeft het moeilijk. Het grootste probleem zijn misschien wel de slechte vooruitzichten. Voor wie werkloos wordt, is een nieuwe baan verder weg dan ooit. Bedrijven en overheidsinstanties durven amper nieuw personeel aan te nemen en bezuinigen op hun freelancers.

Het aantal werklozen is inmiddels opgelopen van 3,7 procent begin 2008 naar 6,3 procent (495.000 mensen) in juni van dit jaar. In diezelfde periode zagen zzp’ers hun gemiddelde uurprijs en het aantal uren dat ze worden ingehuurd jaar op jaar dalen. „Wij onderzoeken twee keer per jaar om te zien hoe goed of slecht het gaat met onze zzp’ers”, zegt Piet Hein de Sonnaville, directeur van Atos Interim Management, een adviesbureau dat veel met hoger opgeleide freelancers werkt. Hij ziet een negatieve trend. „Zzp’ers hebben de afgelopen jaren fors ingeleverd: hun tarieven zijn gedaald, net als het aantal declarabele uren en de duur van hun opdrachten. Alleen zzp’ers in de zorg draaien nog een stabiele omzet.”

Harrie Timmerman, bestuurslid van Voedselbanken Nederland ziet hoe de crisis erin hakt. Hij haalt de cijfers erbij: het aantal gezinnen dat afhankelijk is van de gratis voedselpakketten steeg van 10.500 in 2007 naar 26.000 nu. „Vooral de laatste maanden gaat het hard”, zegt hij. „We krijgen een ander publiek: meer hoger opgeleiden met goede banen en mensen met een eigen bedrijf. Die zagen we vijf jaar geleden niet.”