Afrika zit niet meer te wachten op Amerika

Minister Clinton heeft Afrika twee weken lang weer eens de Amerikaanse waarden van democratie voorgehouden. Tegen de tijdgeest in, want het continent heeft meer aan China.

‘Handen af van Afrika’, stond op de protestborden van een groepje linksige studenten dat in Kaapstad protesteerde tegen het bezoek van Hillary Clinton. De reis van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken langs negen Afrikaanse landen in minder dan twee weken werd al eerder uitgelegd als een poging de Amerikaanse belangen veilig te stellen op een continent dat bij voorkeur steeds meer zaken doet met China. Clinton sprak overal waar ze kwam over veiligheid en handel, maar uiteindelijk vooral over democratie. Want daar ontbreekt het in veel Afrikaanse landen volgens haar nogal eens aan.

Wat ze daarover zei in haar openingstoespraak in Senegal, schoot in de eerste plaats de Chinezen in het verkeerde keelgat. Zonder China bij naam te noemen, zei Clinton dat de Amerikanen een „duurzaam partnerschap” met Afrika voorstaan, met nadruk op „democratie en universele mensenrechten, terwijl het makkelijker zou kunnen zijn om de andere kant uit te kijken terwijl de grondstoffen maar blijven komen”. Dat China „Afrika’s rijkdommen voor zichzelf ontgint is ver bezijden de waarheid”, reageerde het Chinese staatspersbureau Xinhua gebeten.

De reactie uit China werd in veel Afrikaanse kranten breed uitgemeten. Clinton lijkt de tijdgeest verkeerd te begrijpen. Afrika, dat dankzij buitenlandse investeringen, onder meer van die Chinezen, tegenwoordig blaakt van zelfvertrouwen, zit niet op het opgeheven vingertje van de Amerikaanse regering te wachten. Ontwikkelingsgeld is mooi meegenomen, maar het continent is volwassen genoeg om zijn eigen politieke keuzes te maken. Een nieuwe ‘Scramble for Africa’ wordt niet gewonnen met kraaltjes en spiegeltjes.

Ontwikkelingshulp, schreef een krant in uitgerekend het zeer van ontwikkelingshulp afhankelijke Malawi is niet meer dan „neocolonial life-support”. President Joyce Banda van dat land is, sinds ze op voordracht van het IMF de lokale munt devalueerde, op verzoek van het Westen homorechten ter discussie stelde en – een andere westerse wens – ruimhartige medewerking aan het Internationaal Strafhof verleende, de nieuwe favoriete Afrikaanse leider van Europa en de Verenigde Staten. Banda begroette Clinton gekleed in een gewaad van de Amerikaanse hulporganisatie USAID met Amerikaanse vlaggetjes en de tekst Developing Malawi together.

Zo geliefd als Banda bij Westerse bestuurders mag zijn, zo sceptisch kijken denkers in andere Afrikaanse landen naar haar verrichtingen. „Clinton trekt door Afrika en deelt standjes uit aan Afrikaanse leiders die glimlachen als hersenloze groupies”, schreef de immer boze Zuid-Afrikaanse columnist en twitteraar Sentletse Diakanyo.

Clintons visite aan Kenia leek een openbare preek over vrije verkiezingen en behoorlijk bestuur. Ze sommeerde de Kenianen volgend jaar eerlijke verkiezingen te houden. De Oegandese president liet ze weten dat hij aan zijn „erfenis moet werken”, waaruit een lichte afkeuring kan worden opgemaakt voor Yoweri Museveni’s streven om oneindig aan de macht te blijven. „Leiders moeten rekenschap afleggen, ze moeten hun volkeren met waardigheid behandelen, hun rechten respecteren en economische mogelijkheden voor ze scheppen. En als ze dat niet doen, dan moeten ze opstappen”, had ze al in haar toespraak in Senegal gezegd.

Haar opmerkingen klonken als een echo van wat Barack Obama op zijn korte Afrika-reis in 2009 in Ghana verkondigde toen de president het continent „partnerschap, niet patronage” aanbood. Obama, ‘de zoon van Afrika’, had met zijn verkiezing het continent trots gemaakt en zijn oproep voor een volwassen relatie viel in goede aarde bij een jongere generatie en de opkomende middenklasse. Obama deed een oproep aan klokkenluiders om corruptie te onthullen, aan journalisten om over slecht bestuur te berichten en aan burgergroepen om repressie te bestrijden. Maar hij legde niet uit hoe Amerika zelf met Afrika’s slechte leiders zou omgaan.

De belangrijkste woorden vielen achter de schermen en gingen over terroristen, wapens en militaire samenwerking. In Oeganda uitte Hillary Clinton milde kritiek op president Museveni – de autocraat die de grondwet veranderde om aan de macht te blijven en die op opposanten laat schieten – om hem daarna volmondig te prijzen voor zijn rol in de strijd tegen terroristen in Somalië.

Ze bevestigde zo een trend: Amerika’s militaire betrokkenheid met Afrika, die begon te groeien onder George Bush, kreeg onder Obama de hoogste prioriteit. Afgelopen donderdag werd een bezoek aan Nigeria ingelast, waar de interne onrust het Amerikaanse streven om meer olie in Afrika te betrekken in gevaar brengt. Nigeria en Angola (opvallend genoeg niet door Clinton bezocht) zijn de grootste olieproducenten van Afrika bezuiden de Sahara.

Afrika is wel de zachte onderbuik van de wereld genoemd en Obama en Clinton vinden dat het continent hulp nodig heeft om terrorisme te bestrijden. Onder de presidenten Bush en Bill Clinton namen hulp aan en handel met Afrika toe. Onder Obama werd geen nieuwe economische samenwerking aangegaan maar zijn wel nieuwe initiatieven ondernomen voor militaire coöperatie. Hillary Clinton heeft beloofd haar best te doen voor de verlenging van het Agoa-handelsverdrag, dat Afrikaanse bedrijven tot 2015 onbelaste toegang geeft tot de Amerikaanse markt, maar daar beslist uiteindelijk het in november gedeeltelijk nieuw te verkiezen Amerikaanse congres over.

In de slipstream van Clinton reisde een handelsdelegatie mee naar Afrika om, in de woorden van Jakkie Cilliers van het instituut voor Security Studies in Pretoria, China „te neutraliseren”. Clintons bezoek toont volgens hem aan dat de regering-Obama nu ook „Afrika erkent als een wereldspeler” en een „bestemming voor handel en investeringen”. Maar geven de Chinezen de voorkeur aan handel boven democratie, voor de Amerikanen staat volgens de Keniase politicoloog Cyrus Mutiso uiteindelijk veiligheid bovenaan. „Het is net als tijdens de Koude Oorlog: veiligheid gaat voor democratie”, zegt hij.