VS in Vietnam om gif op te ruimen

De Verenigde Staten zijn gisteren voor het eerst begonnen met het opruimen van giftige restanten van Agent Orange in Vietnam. De actie komt bijna veertig jaar nadat de Amerikanen tijdens de Vietnamoorlog ongeveer een kwart van voormalig Zuid-Vietnam ondersproeiden met 75 miljoen liter landbouwgif. Agent Orange en andere pesticiden hebben honderdduizenden of mogelijk miljoenen Vietnamese burgers verminkt.

Het initiatief is verwelkomd in Vietnam, maar er is ook kritiek. De opruimactie van de VS komt laat en het project is beperkt. In eerste instantie wordt alleen de grond rond de vroegere Amerikaanse vliegbasis in Danang schoongemaakt. De VS trekken er 43 miljoen dollar voor uit, terwijl veteranen in Amerika miljarden aan schadevergoedingen hebben gekregen voor blootstelling aan Agent Orange. Het gif werd ingezet om bossen te ontbladeren waar Vietcong zich konden schuilhouden.

Washington en Hanoi zijn het nog altijd oneens over de schade die is aangericht door Agent Orange. Volgens de Vietnamese regering is de gezondheid van drie tot vier miljoen burgers geschaad. Volgens de Amerikanen zijn er veel minder slachtoffers en spelen ook andere factoren mee in de miskramen, misvormingen en ziektes die in verband zijn gebracht met Agent Orange.

Tot voor kort reageerde Washington defensief op aantijgingen uit Vietnam over de schadelijke gevolgen van Agent Orange, onder meer uit angst voor schadeclaims. Betrokken zeggen dat er nu in ieder geval een eerste stap is genomen. Maar Amerikaanse erkenning voor de menselijke schade is nog altijd zijdelings: de 9 miljoen dollar die ze hebben bestempeld voor hulp aan gehandicapten is voor alle zieken in Vietnam, ongeacht de oorzaak.

De dioxine uit de Amerikaanse pesticiden kunnen volgens experts nog tientallen jaren in de bodem zitten en rivieren en meren vervuilen. De gifstoffen komen in de voedselketen via vissen en andere dieren. Op het vliegveld van Danang wordt de grond afgegraven en verhit, wat het gif onschadelijk moet maken. (AP)