Soepel bij doop, niet met crematie

De priester van de kleine kapel bij Agios Konstantinos, een baai op het Griekse eiland Milos, wil best meedenken. Een doop in zee, in plaats van in het traditionele doopvont? Waarom niet. Als de jongelui van tegenwoordig dat zo willen.

Hij lijkt zelfs wel lol te hebben in het verzoek van Natasha en Louizos, die hij twee jaar geleden ook al aan het water heeft getrouwd. De priester, een kwieke zestiger met een forse grijze baard, is niet het type dat zich eraan stoort dat zijn assistent vanmiddag in zwembroek is komen opdagen, noch aan de fotografe in de gele bikini en hotpants die de plechtigheid komt vastleggen.

Als we na een warme stranddag met de eerste gasten arriveren, maken priester en fotografe net een rondje over de rotsen bij de kapel om een goed plat stuk naast het water te vinden, waar hij veilig kan staan. Zelf trekt hij de grens bij zijn schoenen. Die mogen niet nat worden.

Hij stroopt zijn kazuifel in de kleur van donderwolken op en slaat de punten van zijn geborduurde epitrachelion (de priesterstola) om zijn schouders voor hij de blote Dafni, vijftien maanden oud, optilt en aan de peetmoeder aan reikt. Die staat wel in het water, tot aan haar knieën, klaar om het spartelende kindje volgens de Grieks-orthodoxe liturgie in te smeren met olie. Haar feestjurk zuigt zich vol met zeewater.

We houden onze adem in. De glibberige Dafni wordt een paar keer over en weer gegeven. De peetmoeder dompelt haar tot haar middel onder in zee, de priester tilt haar hoog in de lucht. Straks glibbert ze nog uit zijn handen op de rotsen, of maakt hij zelf een smak, denk je onwillekeurig. Het is een avontuur om een doop te houden die afwijkt van traditie, fluistert Niki bewonderend, een pasgetrouwde econome en ‘kunstverzamelaar’. We bevinden ons hier in de betere kringen.

Grieken houden trouw vast aan religieuze Grieks-orthodoxe gebruiken, hoewel jongeren een stuk minder trouw de kerk bezoeken dan hun ouders en grootouders.

Tegenwoordig komt het wat vaker voor dat iemand alleen in het gemeentehuis trouwt, vertelt jurist Dimitris tijdens het diner na afloop. Hij loopt in zijn hoofd zijn vriendenkring langs. „Maar dopen, dat doet echt iedereen. Voor de zekerheid.”

Hoewel het ritueel religieus is, voelt de bijeenkomst meer als een feest om de geboorte van de inmiddels vijftien maanden oude Dafni te vieren. De priester heeft twee oudere vrouwen meegebracht om met hem mee te zingen. De dames zijn vrijwel de enigen die op de juiste momenten kruisjes slaan of de teksten van de vraag-antwoord gebeden kennen. Na de doop in zee rondt hij het ritueel in de kapel af. De doopvont verdwijnt weer achterin zijn terreinwagen.

De orthodoxe kerk is in Griekenland overal. Het is niet vreemd als op een feestje een bebaarde priester in zwarte gewaad meedanst. Of op tv te zien hoe de nieuwe premier door een hoge kerkelijke in het ambt wordt gezworen.

Griek ben je vooral door Grieks-orthodox te zijn. Dat hoort erbij, dat is wie je bent. Kerk en staat zijn nog altijd zo nauw met elkaar verweven dat priesters door de staat betaald worden. Daar is kritiek op, maar die klinkt niet luid genoeg om er iets aan te veranderen.

Een pijnlijk hoofdstuk zijn begrafenissen. De kerk staat cremeren niet toe, zelfs al zijn er mensen die daar de voorkeur aan geven. Hoewel op aandringen van de EU al jaren geleden een vergunning is verstrekt voor de bouw van het eerste crematorium in Griekenland, schiet de bouw niet op. De kerk houdt het tegen, zegt Eleni, een documentairemaakster in Athene die een jaar geleden haar moeder begroef.

Cremeren was daardoor geen serieus alternatief. Wie het echt wil, versleept het lichaam maar naar Italië of Bulgarije. Zo rekkelijk is de Grieks-orthodoxe kerk nu ook weer niet.