Column

Klaas Knot en de Titanic

Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank, zegt in Elsevier van 7 juli jl. dat hij niet wil nadenken over het opbreken van de euro. Een plan B is voor hem onbespreekbaar: „Er is nog maar één weg uit de crisis: eerst een begrotingsunie en een bankenunie, en dan een politieke unie van de eurolanden.” Soevereiniteit vindt de president van De Nederlandsche Bank „een vreselijk woord”. Hij stelt: „DNB heeft geen plan B. We hebben doorgedacht wat er kan gebeuren in verschillende desintegratieprocessen van Europa en de eurozone, maar een plan is iets dat je denkt te kunnen uitvoeren. Daarvan is hier geen sprake.”

Aan het onderzoeken van de mogelijkheden voor ontbinding van de eurozone wagen ook andere financieel economen zich in Nederland nauwelijks. Misschien komt dit omdat ze heimelijk hopen op de politieke unie die onvermijdelijk in het kielzog van een gedeelde munt moet volgen. Vinden ze dat maar al te spannend en willen ze hun droom niet kwijt. Of misschien zijn ze lui.

Hoe dan ook, de afwezigheid van een plan B is gevaarlijk. Het raken van de ijsschots was voor de inzittenden van de Titanic bepaald niet prettig: maar slechts omdat er onvoldoende reddingssloepen aan boord waren, werd het een ramp. Het gevaarte werd onzinkbaar geacht, met schipbreuk hield niemand rekening. Klaas Knot en de zijnen maken zich schuldig aan dezelfde fout als de kapitein van de Titanic: ze wanen zich onaantastbaar.

Het inzicht dat het ontbreken van een back-up voor de euro gevaarlijk is, motiveerde de Britse ondernemer Lord Simon Wolfson vorig jaar om een prijs uit te loven voor het beste scenario voor uittreding. Het liefdadigheidsfonds van zijn steenrijke familie leverde het geld voor de hoofdprijs: 250.000 pond. De denktank Policy Exchange werd belast met het verloop van de prijsvraag en een internationale jury van vermaarde economen werd aangesteld om de inzendingen te beoordelen: emeritus hoogleraren uit Parijs en Milaan, onderzoekers verbonden aan de Duitse Bundesbank en aan het MIT in Boston, en de economisch adviseur van Tony Blair. Op 31 januari 2012 was de deadline.

Er werden 412 voorstellen ingediend. Hieruit werden de vijf beste geselecteerd. Deze zijn online beschikbaar op de website van Policy Exchange. Het ene team richtte zich op de individuele exit van een Noord-Europees land, bijvoorbeeld Duitsland; een ander team onderzocht de mogelijkheden om tot een algehele break-up te komen. Weer andere inzenders ontwikkelden een syteem om de „euro-omelet”, zoals ze het noemen, in „eigeel” en „eiwit” op te splitsen.

De winnaar werd op 5 juli jl. bekendgemaakt. De prijs ging naar het team van Roger Bootle, een in de Londense City gevestigde econoom die tevens advieswerk doet voor het Britse parlement en doceert aan de Universiteit van Oxford. Met zes medewerkers onderzocht hij de uittredingsmogelijkheden voor een zwak euroland – hij neemt Griekenland als voorbeeld. Het plan omvat een nauwkeurig uitgewerkte tijdslijn met wat Griekenland stap voor stap moet doen – van het samenbrengen van een kleine groep beslissers, een maand vóór de beoogde uittreding, tot de daadwerkelijke terugschakeling naar de drachme, op een vrijdagavond. Ook bespreekt Roger Bootle de consequenties in de maanden ná uittreding – en hij betoogt dat niet alleen Griekenland, maar ook de achterblijvende eurolanden een stuk beter af zouden zijn dan nu.

Hoewel de inzenders een indrukwekkende hoeveelheid werk hebben verricht en al even imponerende cv’s hebben, is het goed mogelijk dat ze belangrijke aspecten over het hoofd hebben gezien. Misschien zijn er factoren waar onvoldoende rekening mee is gehouden. Maar misschien ook wijzen ze op kansen die aan het oog van velen zijn ontsnapt. Daarom zouden deze voorstellen breed moeten worden bediscussieerd. Door economen, politici, juristen. Maar dat gebeurt niet.

Het is net als toen Lombard Street Research in maart van dit jaar een scenario presenteerde voor een Nederlandse terugkeer naar de gulden. Ook toen hoorden we geen inhoudelijke analyses, geen pro’s en contra’s, geen peer-reviews. Er was even wat kabaal, wat opmerkingen over de toon en over „politieke motieven”. Al snel greep men echter terug op de mantra die nu al decennia wordt gebruikt om het Europese megaproject door te drukken: dat er geen andere optie is.

„Bestendigheid is de illusie van elk tijdperk”, waarschuwt de Britse europarlementariër Daniel Hannan in zijn deze week verschenen boek A Doomed Marriage: Britain and Europe. Hij brengt in herinnering dat niemand de val van de Sovjet-Unie zag aankomen. Een kleine elite waande zich onkwetsbaar, totdat het regime net als de Titanic reddeloos de afgrond indonderde.

Op dit moment kraakt het Europese project aan alle kanten. Als Klaas Knot zelfs nu nog denkt dat de euro onomkeerbaar is en de alternatieven niet wil onderzoeken, dan is hij een waardeloze kapitein.