Keerpunt van de crisis lijkt bereikt

Er wordt voortdurend gepraat over de negatieve reële rente en het hoge crisisrisico dat daaruit spreekt. Maar de nieuwe beleidsflexibiliteit van Europa zorgt ervoor dat een acute crisis minder waarschijnlijk is geworden. Beleggers reageren al op dit goede nieuws, nu de buitengewoon dure obligaties van landen die als ‘veilige havens’ worden gezien goedkoper worden. De koersen en prijzen van risicovolle beleggingsobjecten als aandelen en grondstoffen zijn daarentegen wereldwijd gestegen, en kunnen nog verder omhoog gaan.

Europa heeft ervoor gekozen om te buigen en niet te barsten. Voorzichtige stapjes van de Europese Centrale Bank (ECB) op 2 augustus hebben het vertrouwen een kleine impuls gegeven en een vloer onder de euro gelegd. Als de ECB of de Europese noodfondsen ermee zouden instemmen Spaanse en Italiaanse staatsobligaties op te kopen, zou de rente op die obligaties zeker dalen, waardoor de druk zou afnemen en er tijd kan worden gewonnen.

De voorzichtige stabilisatie van Europa heeft steun gegeven aan de euro, die zich heeft hersteld van een dieptepunt van nog geen 1,21 dollar op 24 juli en inmiddels een wisselkoers van 1,24 dollar heeft bereikt. Een krachtige rally van de euro lijkt aan de andere kant onwaarschijnlijk. De recessie in de eurozone is nog steeds een negatieve factor. En dat geldt ook voor het aanhoudende risico – voor de euro en alle risicovolle bezittingen – dat Duitsland een flexibeler ECB-beleid zal tegenhouden. Maar de snelle val van de euro zou voorlopig tot staan moeten zijn gebracht.

Snelle winsten op de markten voor aandelen en grondstoffen zijn gezien de aanhoudende zorgen over Europa en de mondiale groei evenmin waarschijnlijk. Maar een veelbelovend rapport over de Amerikaanse werkgelegenheid op 3 augustus heeft veel bijgedragen aan de wederopleving van de mondiale belangstelling voor risicovolle beleggingsobjecten. En cijfers waaruit blijkt dat het aantal vacatures sinds mei 2008 niet meer zo hoog is geweest, bieden nog meer steun. De mondiale industriële productie had deze zomer te kampen met de gevolgen van de eurocrisis en de binnenlandse problemen van de Amerikaanse economie. Maar de afvlakking van het groeitempo zou nu wel eens de bodem kunnen hebben bereikt.

De rente op Amerikaanse staatsobligaties met een looptijd van tien jaar, de ultieme ‘veilige belegging’, is sinds 24 juli gestegen van 1,4 naar 1,7 procent. Op 8 augustus trok een veiling van Amerikaanse staatsobligaties het laagste aantal beleggers sinds 2009. Duitse staatsobligaties met een looptijd van tien jaar zijn ook zwakker geworden. De rente op dit soort obligaties is gestegen van nog geen 1,2 procent eind juli tot 1,4 procent nu. De koersen en prijzen van aandelen, olie en andere grondstoffen zijn de afgelopen dagen juist omhoog gegaan. De Amerikaanse beursindex S&P 500, die de 1400 punten weer is gepasseerd, is sinds begin juni met krap tien procent geklommen. De Europese Stoxx 600-index heeft in dezelfde periode 15 procent koerswinst geboekt. De prijs voor een vat Brent-olie staat nu 20 procent hoger dan op het dieptepunt van het midden van dit jaar.

Nieuwe economische cijfers kunnen tot een snelle omslag van de stemming leiden. De onzekerheden blijven groot. Risicovolle beleggingsobjecten speculeren op een economisch herstel en op aanhoudende beleidsflexibiliteit in Europa. Maar dat zijn geen absolute garanties.

Als Europa zichzelf echter uit de put kan trekken en de zorgen over de mondiale groei afnemen, zal de rente op de staatsobligaties van landen als de VS en Duitsland verder stijgen. Dan lijken risicovollere beleggingsobjecten een betere gok.

Vertaling Menno Grootveld