Groningen is net Berlijn

Drie nieuwe clubs, minstens vier techno- avonden per week en vrije openingstijden. In Groningen wint techno snel terrein.

‘Vijf jaar geleden moest je de mazzel hebben op één of andere sms-lijst te staan. Alleen dan wist je waar een toffe rave was. Technofeesten waren toen nog vooral illegaal.” Paul, programmeur van dj-café Pand48 en medeoprichter van de Groningse club Paradigm, heeft de afgelopen vijf jaar veel zien veranderen in de noordelijke provinciestad. Groningen maakt een revolutie door op uitgaansgebied. Of, meer specifiek, op het gebied van techno*.

Want dat genre, tot voor kort vooral populair in de onderstroom, wint snel terrein. Technofeesten worden op steeds meer plekken georganiseerd en ze gaan, niet gehinderd door vaste sluitingstijden, langer door dan in welke andere Nederlandse stad ook. Dat maakt de muziek steeds toegankelijker, ook voor niet-ingewijden.

Zo is Hartslag, technofeest in poppodium Simplon, weken van tevoren uitverkocht. En als je naar de exclusieve feesten wilt van ‘Kopjek’ (Kus Op Je Kut), moet je snel zijn. Kaartjes zijn online steevast binnen een kwartier uitverkocht.

In drie jaar tijd zijn er drie clubs bijgekomen in Groningen die zich vrijwel volledig richten op techno. Eén hiervan is Paradigm: een oud bedrijfspand op een industrieterrein, ver buiten het centrum. Een jaar geleden opende de club zijn deuren. Het eerste feest, een ‘Technootjes’-avond, verkocht direct uit. Morgen organiseert de club Paradigm Festival zijn tweede grote festival in de buitenlucht.

De populariteit is duidelijk, zegt nachtburgemeester Chris Garrit (39). Hij draait al twintig jaar mee als organisator en programmeur in het Groningse clubcircuit. „Er waren nog nooit zoveel plekken waar je techno kon horen als nu. Het publiek is ook gegroeid. Je ziet dat de muziek de laatste jaren populair is geworden onder studenten. Zelfs op studentenverenigingen wordt nu techno gedraaid.”

Ook Xander Taayke (43), technoliefhebber van het eerste uur, ziet dat het genre de onderstroom ontgroeit. De meeste feesten die hij begin jaren negentig bezocht, werden gegeven in kraakpanden. Een andere populaire locatie was een oude bunker. „Op die feesten hing echt zo’n undergroundsfeertje. Er liepen allerlei mensen rond: punks, hippies.”

Inmiddels is het publiek veranderd. Farmaciestudent Arend Overeem (22) hoort bij die nieuwe generatie bezoekers. Anderhalf jaar geleden bezocht hij zijn eerste feest: Technootjes in Simplon. Ondanks zijn studentikoze uiterlijk heeft hij zich nooit ongewenst gevoeld. „Ik hoor inderdaad bij de nieuwe lichting, maar ik heb nooit het gevoel gehad er niet bij te horen. Ik kom daar om van de muziek te genieten net als iedereen.”

Volgens Martin ter Braake, beter bekend als dj Harde Baas, is de populariteit van acts als David Guetta en Swedish House Mafia één van de redenen van de verbreding van de doelgroep. „Je hoort veel meer elektronische muziek in de Top-40 dan vijf jaar geleden. Op die manier rollen mensen makkelijker in de wat ontoegankelijkere genres zoals de harde techno.”

Michiel Fokkens, één van de oprichters van Technootjes, ziet ook een belangrijke rol voor de opkomst van sociale media. „Door een event aan te maken op Facebook worden feesten voor een veel grotere groep mensen zichtbaar. Vroeger moest ik mensen nog een flyer geven.”

De organisaties zijn ook professioneler geworden en daarmee toegankelijker voor een groot publiek, zegt Pand48-programmeur Paul. „Een club als Paradigm zoekt dat undergroundgevoel op, maar draagt ook gewoon netjes btw af. Illegale raves, die heb je bijna niet meer.”

En dan de afters. Omdat de gemeente Groningen geen vaste sluitingstijden kent, mogen kroegen en clubs zo lang openblijven als ze willen. Paul maakt een vergelijking met Berlijn. „Daar gaan ze net zolang door totdat de laatste persoon op de dansvloer omvalt. Dat vind ik extreem, maar een after moet natuurlijk wel kunnen.”

Bijna elk technofeest zorgt daarom voor een geschikte locatie voor het ‘feest na het feest’, zoals Subsonic en Klup. Harde Baas draait er vaak tot ver in de ochtend. „Dat gevoel dat je door kunt gaan. Dat hoort er echt bij. Je moet alleen goed in de gaten houden tot wanneer het leuk blijft. Soms is dat om elf uur, maar soms ook al om negen uur ’s ochtends.”

De afwezigheid van openingstijden draagt bij aan de populariteit van het genre, zegt Garrit. „Omdat de clubs open mogen blijven zolang ze willen, wordt het voor het grote publiek makkelijker om naar afterparty’s te gaan. In Amsterdam is altijd wel iemand die zijn huis opengooit, maar in Groningen is het toegankelijker. Hier kan het gewoon in een club waar iedereen naar binnen kan.”

Niet iedereen is blij met die groeiende populariteit. Michiel Fokkens organiseert de ‘Technootjes’-feesten sinds 2001 en staat daarmee aan de basis van de opkomst van het genre in Groningen. Fokkens hekelt de evenementenbureaus die met grootschalige feesten inspringen op de hype. „Dan sta je daar, met achtduizendman, op een grasveld met hekken eromheen en een biertent. Daar zit geen muzikaal idee achter. Je degradeert het publiek tot consument.” Nachtburgemeester Garrit beaamt dat „mensen nu vooral op zoek zijn naar de beleving." „Ze willen bij een bepaald feest zijn, ongeacht de artiest. Vroeger waren mensen zich er bewuster van wie er optrad.”

Pand48’s Paul begrijpt die kritiek. „Je ziet een toename van mensen die mee willen doen aan de hype. Dat schrikt de echte muziekliefhebbers af. Daarom stopt Paradigm na het festival dit weekend met de voorverkoop voor feesten in de club. „Kaartjes kopen moet je voortaan aan de deur en als wij vermoeden dat je niets van de muziek weet, sturen we je naar huis. Net als de bij Berghain* inderdaad.” De organisator hoopt met het deurbeleid zijn publiek op te voeden. „Het is natuurlijk ook een stukje marketing.”