Blanco stemmen als uiting van ultieme twijfel is niet zo raar

Niemand weet de oplossing voor de crisis, stelt Roelf Jan Duin. Dan maar blanco stemmen?

Blanco stemmen, het is de meest onlogische keuze die je kunt maken in het stemhokje. Je hebt geen enkele invloed op de uitslag en het blijft totaal onduidelijk wat je met je stem wilde zeggen. Maar wat moet je stemmen als je de gevolgen van je stem onmogelijk kunt overzien?

Zelf stemde ik een keer blanco. Dat was tien jaar geleden, toen Amsterdammers zich in een referendum mochten uitspreken over de verzelfstandiging van het vervoersbedrijf GVB. Er waren weinig dingen die me minder interesseerden dan het GVB, ik verplaatste me vooral per fiets door de stad. Bovendien had ik geen idee wat de consequenties zouden zijn van een mogelijke verzelfstandiging.

Maar als je niet stemt mag je achteraf ook nooit meer klagen, hoor je altijd. De logica achter deze kreet is me nooit helemaal duidelijk geworden, maar een eeuwig klaagverbod leek me geen pretje, dus ik ging toch maar naar de stembus en vulde niets in. Het voelde wat onbevredigend, maar als de tram nu te laat is mag ik tenminste nog wel klagen, en dat is ook wat waard.

Als de komende verkiezingen werkelijk een groot referendum over Europa zijn, zit ik straks weer met de handen in het haar. Meer of minder soevereiniteit naar Brussel, Europese immigratieregels, een politieke unie, daar kan ik nog best een mening over vormen. Maar ik weet niet hoe we uit de Europese schuldencrisis moeten komen. En geruststellend voor mij, maar zorgwekkend voor de wereld: niemand weet dit.

Noodfondsen van honderden miljarden worden opgetuigd, regeringsleiders bezweren steevast na de zoveelste top der toppen dat een oplossing nabij is. Maar ondertussen blijven rentes oplopen, houden kredietbeoordelaars maar niet op met dreigen om ons af te waarderen en strooien economen apocalyptische doemscenario’s over ons uit zonder dat ze ook maar een begin van een oplossing hebben.

En in die totale chaos wordt mij straks gevraagd om mij uit te spreken. Lijsttrekkers zullen mij paaien met mooie plannetjes: harder rijden, minder belasting betalen, maar welke partij kent een manier om deze crisis af te wenden? En wat zijn al die partijprogramma’s en de doorberekeningen van het CPB überhaupt waard als Spanje of Italië straks omvalt en we met z’n allen de economische afgrond in donderen? Wat vandaag nog onvoorstelbaar lijkt, kan de realiteit van morgen zijn.

In het vorige decennium ging het over integratie en over moslimterrorisme. Onprettige en ingewikkelde onderwerpen, maar je kon er tenminste iets van vinden. Het waren normatieve issues met een duidelijk gezicht. Over de eurocrisis kun je nauwelijks een mening hebben, je kunt alleen maar hopen dat hij wordt opgelost. Maar hoe weet ik welke partij de juiste remedie heeft?

Blanco stemmen als uiting van ultieme twijfel, zo onlogisch is het eigenlijk niet. In het stemhokje geen enkele verantwoordelijkheid nemen, maar achteraf wel klagen als de economie implodeert en we allemaal aan de bedelstaf zijn geraakt. Wel de lusten, maar niet de lasten van je stem: het is een verleidelijke uitweg voor het duivelse dilemma op 12 september.

Politicoloog Roelf Jan Duin (34) is verslaggever voor persbureau Novum. Ook is hij columnist voor politiekejunkies.nl.