Werken in de kassen is niets voor werklozen

Duizend werklozen zou het project ‘Westland heeft Werk’ aan een baan helpen. Maar ze willen helemaal geen tomaten plukken. Tot nu toe hebben negentien mensen een vaste aanstelling in de kassen gekregen. „Nederlanders voelen geen financiële druk om te werken, zoals Polen.”

Veel Nederlandse werklozen uit de WW of met een bijstandsuitkering missen een „gezonde werkethiek”, volgens stafmedewerker Wilko Wisse van de Maasdijkse kwekerij Lans die hier op de foto’s is afgebeeld. Eén uitkeringsgerechtigde heeft hij al na een dag weg moeten sturen. De mensen op de foto komen niet in dit verhaal voor. Foto’s Peter de Krom

In een 9,5 hectare grote kas van tomatenkwekerij Lans uit Maasdijk hangt een serene rust. Hoewel het Westlandse familiebedrijf in deze periode 250 extra tijdelijke werknemers in dienst heeft, krijgt stafmedewerker Wilko Wisse geregeld de vraag of er überhaupt wel wordt gewerkt. Maar dan is het lunchpauze en komen er zo’n vijftig werknemers met bezwete lichamen tussen de tomatenplanten tevoorschijn. De voertaal van de uitzendkrachten is Pools. Op scholieren met een vakantiebaantje na werken bij Lans nauwelijks nog Nederlanders in de productie. Al jaren niet meer. Wisse: „Nederlanders willen geen tomaten plukken, ze vinden het werk niet aanlokkelijk.”

Wel heeft Lans sinds kort drie langdurig werklozen in dienst. Zij zijn bij het bedrijf terechtgekomen via ‘Westland heeft Werk’, een project dat vier maanden geleden met een grote publiciteitscampagne van start ging. Op 26 maart vertrokken zeventien bussen met ruim zeshonderd uitkeringsgerechtigden uit Rotterdam, Den Haag en Delft naar het Westland voor een kennismaking met de glastuinbouw. In die steden hebben ruim 57.000 mensen een uitkering, terwijl in het enkele kilometers verderop gelegen Westland bedrijven zitten te springen om (tijdelijke) arbeidskrachten. Naar schatting werken zo’n 15.000 arbeidsmigranten in de Westlandse glastuinbouw. Zij zijn voornamelijk afkomstig uit Polen en andere Midden- en Oost-Europese landen, al groeit de laatste jaren ook het aantal werknemers uit Zuid-Europa.

Voor het Westland is het een bekende reflex: als het economisch slecht gaat, de krapte op de arbeidsmarkt toeneemt en de uitgaven aan uitkeringen stijgen wordt er naar sectoren met veel arbeidsmigranten gewezen, zoals de glastuinbouw. Dat is ook de reden dat kwekerij Lans meedoet aan het project, zegt Wisse. „Wij hebben het liefst Nederlandse werknemers. We willen als bedrijf bijdragen aan het drukken van de kosten van het sociale domein.” Het project is een initiatief van twee Westlandse uitzendbureaus en een groep werkgevers uit de regio.

Volgens de Haagse wethouder Henk Kool (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, PvdA) speelde ook de „landelijke politieke druk” een rol bij de totstandkoming van Westland heeft Werk. Hij herinnert zich de „spierballentaal” van demissionair minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Henk Kamp (VVD). „Kamp zegt dat in Nederland 300.000 Midden- en Oost-Europeanen werken, terwijl we hier zeker een half miljoen uitkeringsgerechtigden hebben die dat werk zouden moeten kunnen doen. Maar zo eenvoudig is het niet. Het gaat erom de juiste mensen op de juiste plek te krijgen, anders houden ze het nooit lang uit bij een bedrijf en zitten ze zo weer in een uitkering.”

Kool zegt vooraf sceptisch te zijn geweest over het project. „In het verleden hebben we diverse projecten met werklozen gedaan in het Westland, maar die zijn telkens mislukt. Ik weet hoe weerbarstig de praktijk is.”

In een persbericht van enkele dagen na de bustour noemden de initiatiefnemers Westland heeft Werk nog een „groot succes”. 91 procent van de bijstandsgerechtigden had immers aangegeven een baan in de kassen wel te zien zitten.

Maar dan de praktijk van een paar maanden later. Op 12 juli schreef de Rotterdamse wethouder Marco Florijn (sociale zaken en werkgelegenheid, PvdA) aan de gemeenteraad dat 57 bijstandsgerechtigden uit de steden aan het werk zijn geholpen in de glastuinbouw. Zij zijn lang niet allemaal door hun proefperiode heen gekomen: slechts 19 werklozen hebben een vast contract gekregen, blijkt uit cijfers van de verschillende gemeenten.

Het project heeft tot nu toe vijf van de ruim 34.400 Rotterdamse uitkeringsgerechtigden een vaste aanstelling in het Westland opgeleverd. Terwijl Florijn bij de start van het project nog aankondigde dit jaar „duizend” werklozen aan een baan in de kassen te willen helpen. Zeven werklozen uit Den Haag (een kleine 20.000 uitkeringsgerechtigden) hebben een vast contract gekregen in het Westland. „Tegenvallend”, vindt de Haagse wethouder Kool. Maar dankzij het project zijn wel 178 uitkeringen van Hagenaars beëindigd, omdat mensen zelf ander werk hebben gevonden of tijdens extra controles bleek dat zij daar geen recht meer op hadden.

Kool: „Als je op een groep drukt, komt er altijd wat uit. Dat is tot nu toe de grootste winst van dit project.”

Desiree van Yperen, directeur van het Werkplein Westland en coördinator van het project, erkent dat er „opstartproblemen” zijn. Zo blijken de gebrekkige openbaar vervoerverbindingen tussen de steden en de bedrijven in het Westland voor veel werklozen een onoverkomelijk obstakel. Gemeenten beseffen dat het vervoer niet de voornaamste oorzaak kan zijn – Polen ligt immers honderden kilometers van het Westland vandaan.

Een ander probleem is volgens Van Yperen dat arbeidsmigranten eenvoudiger flexibel kunnen worden ingezet. „De werklozen moeten een vast contract krijgen, anders heb ik er niets aan”, zegt Kool. Dat de glastuinbouwbedrijven liever migranten willen omdat die goedkoper zijn, is volgens Wisse van de kwekerij in Maasdijk een „hardnekkig” misverstand. „Wij betalen Polen gewoon via de cao.”

Veel werklozen blijken het werk in de glastuinbouw als zwaar te ervaren, vooral degenen die al langere tijd geen baan hebben. In Rotterdam en Den Haag zijn plannen om uitkeringsgerechtigden te laten wennen in ‘proefkassen’ (zie kader). „Zeker niet iedereen is geschikt voor dit werk, maar wie wil die kan het”, zegt Wisse. „Een Pool komt hier voor 100 procent heen om te werken en vindt het niet erg om lange diensten te draaien.” Veel Nederlanders uit de WW en bijstand missen die „gezonde werkethiek”. Zo heeft Lans een uitkeringsgerechtigde die via het project bij het bedrijf terecht kwam al na een dag weg moeten sturen. Ook andere Westlandse bedrijven zijn niet te spreken over het arbeidsethos van de Nederlandse uitkeringsgerechtigden.

Werkgevers zijn „sceptisch” , concludeert ook de Rotterdamse wethouder Florijn. Bovendien was de timing van de start van het project niet goed, schrijft Florijn in zijn brief, omdat de meeste tuinders in het voorjaar al genoeg personeel hadden aangenomen voor de zomermaanden. De wethouder beschouwt het project nog niet als verloren; in het najaar hoopt hij meer werklozen in de kassen aan het werk te krijgen. Ook de andere gemeenten en betrokken werkgevers vinden het te vroeg om Westland heeft Werk definitief af te schrijven.

Projectcoördinator Van Yperen is al heel tevreden als na een jaar 150 werklozen aan de slag zijn in de Westlandse glastuinbouw. Maar het project is zeker niet dè oplossing voor het werkloosheidsprobleem, zegt Van Yperen. De oorzaak daarvan ligt dieper. „In Nederland hebben we altijd goed voor mensen zonder baan gezorgd. Ze hebben een dak boven hun hoofd en met huur- en zorgtoeslagen bovenop hun uitkering kunnen ze vaak goed rondkomen. Nederlanders voelen geen financiële druk om te werken, zoals Polen. Mensen komen bij het loket voor een uitkering, niet voor een baan.”