Of je borsjt lust

In tegenstelling tot mijn collega Janneke, die deze zomer vanuit huis een culinaire reis maakt, ben ik de afgelopen weken wel weggeweest. Mijn vakantieadresjes bevonden zich deze zomer in het verre oosten van Europa, namelijk in Polen, Wit-Rusland en de Oekraïne om precies te zijn. Door deze landen trok ik zoals ik ook door het andere Verre Oosten reisde: zonder een duidelijk uitgekiend reisplan en met een volle rugzak op mijn rug. Voor mij geen verblijf in een luxe vakantievilla met zwembad, maar nachtjes in muffe hostels en bij locals thuis op de bank.

Tijdens mijn reis ben ik uiteraard druk op zoek gegaan naar de beste lokale gerechtjes, zodat ik die via deze weg weer aan u, trouwe lezers, kan doorgeven. Daarom zijn de logeerpartijtjes bij de plaatselijke bevolking ook zo leuk: ze geven een kijkje in de keuken van het echte leven. Er is geen betere manier om de eet- en drinkgewoontes van een land te ontdekken dan bij de mensen thuis. Zonder mijn nieuwe Wit-Russische vrienden zou ik nooit hebben geweten dat het achterover slaan van een glas wodka gepaard gaat met een hapje zure kool of augurk om de scherpe smaak te neutraliseren. Van hen heb ik ook geleerd dat kool sowieso domineert in de Oost-Europese keuken. Of het nu wordt verwerkt in taartjes, gevulde broodjes, deegbuideltjes of salades, het is kool wat de klok slaat.

Een ander bekend Oost-Europees gerecht is borsjt. Deze bietensoep is misschien wel het beroemdste maal uit die contreien en wordt overal gegeten. Hieronder daarom het recept. Met – hoe kan het ook anders – een vleugje kool.

We beginnen met het snijden van de groente. Snijd de ui in ringen, de bietjes in reepjes en de bleekselderij in dunne plakjes. Knip vervolgens de dille klein en hak de knoflook fijn. Smelt nu een klontje roomboter in een diepe pan met dikke bodem. Fruit de ui en de knoflook tot de ui zacht is. Voeg het meeste van de rode bietjes (houd ongeveer 100 gram apart) en de bleekselderij toe en bak 5 minuten mee met de ui. Schenk vervolgens de bouillon over de bieten en voeg de azijn en naar smaak peper en zout toe. Roer alles door elkaar en breng aan de kook. Laat daarna met de deksel op de pan op laag vuur zo’n 40 minuten pruttelen. Roer de kool en de laatste portie bieten door de soep en laat nog een keer 10 minuten pruttelen. Verdeel de borsjt over vier soepkommen en garneer met een schepje zure room en dille.