200 jaar nonsens en vogels van Lear

Edward Lear is niet alleen de nonsensdichter die Annie M.G. Schmidt inspireerde. Hij was ook een knap vogeltekenaar. Met exposities wordt zijn 200ste geboortejaar in Engeland gevierd.

In de schaduw van de Olympische Spelen in Londen en het breed uitgemeten tweehonderdjarig jubeljaar voor schrijver Charles Dickens (1812-1870) wordt in Groot-Brittannië dit jaar ook gevierd dat tweehonderd jaar geleden ‘de hofdichter van de Onzin’ Edward Lear (1812-1888) werd geboren.

Van hem verscheen in 1846 The Book of Nonsense, vol vrolijke onzingedichtjes en bijbehorende tekeningen. Lears korte gedichten (There was an Old Man with a beard, Who said, ‘It is just as I feared! – Two Owls and a Hen, four Larks and a Wren, Have all built their nests in my beard!’ ), maar ook zijn langere verzen, zoals The Owl and The Pussycat waren zeer populair en invloedrijk.

Het oeuvre van Annie M.G. Schmidt, Drs. P, Kees Stip, C. Buddingh’, Daan Zonderland en talloze ander light verse dichters is doordesemd van Lears rijmen, vol zangerige naamnonsens, zoals The Courtship of the Yonghy-Bonghy-Bò.

En het is de vraag of het beroemde gedicht van Jan Hanlo, De mus, ooit had bestaan als hij het oeuvre van Lear niet had gekend. Hanlo’s De mus klinkt zo:

Tjielp tjielp – tjielp tjielp tjielp

tjielp tjielp tjielp – tjielp tjielp

tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp

tjielp tjielp tjielp

Tjielp

etc.

Hanlo bewonderde vooral Lears langere songs om hun klank en sfeer. Een van die songs, uit 1871, is Mr. and Mrs. Spikky Sparrow. Dat gaat over een mussenpaar dat op een tak zit te praten naast hun nest met kleine musjes. Mrs. Spikky Sparrow zingt ‘with a cheerful smile/ To amuse them all the while,

Twikky wikky wikky wee,

Wikky bikky twikky tee,

Spikky bikky bee!

Zonder vogels had Lear zijn nonsensrijmen nooit gemaakt. Twee tentoonstellingen in Londen en Oxford, die deze en volgende maand opengaan, maken dat duidelijk. Eind deze maand wijdt de Koninklijke Britse academie van wetenschappen, The Royal Society in Londen, een expositie aan Edward Lear en de wetenschappers. En in september volgt het universiteitsmuseum in Oxford, The Ashmolean, met een expositie Happy Birthday Edward Lear: 200 Years Of Nature And Nonsense.

Ziekelijk ventje

Edward Lear toonde al jong aanleg voor tekenen. Hij was een zwak en ziekelijk ventje, geboren als twintigste kind van een Londense zakenman en effectenhandelaar en zijn vrouw. Hij had bronchitis, astma en vanaf zijn zevende epileptische aanvallen. Zijn oudste zus Ann, twintig jaar ouder dan hij, nam zijn opvoeding over en fungeerde eigenlijk als zijn moeder. Ann leerde hem tekenen. Als jongen ging hij regelmatig op bezoek bij een andere zus die door haar huwelijk in betere kringen verkeerde. Kringen van mecenassen van de Britse romantische landschapsschilder Joseph Mallord William Turner (1775 -1851). Landschapsschilder worden, dat leek hem wel wat.

Maar er waren geldzorgen. Edwards vader was in 1816 failliet gegaan, en helemaal goed kwam het daarna niet meer. Edward werd toen hij veertien was met zijn zus Ann het huis uit gezet met de boodschap: jullie moeten maar voor jezelf zorgen. Ann had een kleine erfenis, en Edward besloot om te gaan tekenen voor de kost. Hij maakte gekleurde prentjes die hij in winkels verkocht, hij beschilderde waaiers. Hij kon meer verdienen door voor artsen met wetenschappelijke ambities anatomische tekeningen te maken in ziekenhuizen. Al gauw had hij ook contact, misschien via de Turner-mecenas-connectie, met Prideaux Selby en sir William Jardine, die een groot geïllustreerd boek over Britse vogels wilden uitgeven, Illustrations of British Ornithology. Dat was in die tijd erg populair: in Amerika had James Audubon in 1820 met veel succes een groot platenboek over de vogels van Noord-Amerika uitgegeven. En in Nederland verscheen in 1829 het vijfde deel van een prachtig platenboek Nederlandsche vogelen van graveur Christiaan Sepp. Lear ging vogels tekenen voor Selby en andere makers van vogelboeken. Hij was zo succesvol dat hij op zijn achttiende besloot zelf ook een vogelboek te maken. Hij kreeg toestemming om in de Londense dierentuin papegaaien te tekenen, voor een groot boek met gekleurde litho’s die hij in kleine oplage voor een hoge prijs wilde verkopen. In 1832 (hij was toen 20) verscheen de eerste uitgave van zijn The Family Of Parrots (zie cover CS), dat wel een artistiek succes was – zijn werk werd geroemd – maar financieel hield het niet over. Hij was daarom blij dat hij het verzoek kreeg van de hem onbekende lord Stanley om de dieren van diens privédierentuin op het landgoed Knowsley Hall bij Liverpool te komen tekenen. Lord Stanley had Lear papegaaien zien tekenen in de London Zoo.

Lear mocht komen wonen in het landhuis van lord Stanley. En daar werd Lear de nonsensdichter geboren. Na het eten ’s avonds vermaakte de jonge man met zijn brilletje en grote neus liever de kinderen van de rijke familie dan de hele avond in beschaafd maar zeer saai gezelschap te verkeren. Hij vertelde vrolijke rijmpjes over gekke types (met grote neuzen bijvoorbeeld) en maakte er grappige tekeningen bij. De kinderen vonden het geweldig en vroegen steeds vaker meteen na het eten weg te mogen, om naar die gekke meneer te gaan. Volgens zijn biograaf Vivian Noakes (Edward Lear, The Life of a Wanderer, 1968) was Lear in zijn kindertijd (ziek, geldzorgen) nogal eenzaam geweest, en was dit een ideale inhaalmanoeuvre van de kindertijd. Het succes, ook bij volwassenen, van zijn nonsensrijmen leidde uiteindelijk tot de uitgave van The Book of Nonsense. Vijf jaar verbleef Lear op Knowsley Hall, van 1832 tot 1837. Zijn toch al slechte ogen en slechte gezondheid noopten hem het gedetailleerde dierentekenen op te geven. Hij besloot te gaan reizen, en te gaan leven van reisprentenboeken, die hij vooral rond de Middellandse Zee maakte. Zijn eerste reisplatenboek, landschappen, Illustrated Excursions in Italy (1846) viel zo in de smaak bij de jonge koningin Victoria, dat ze Lear uitnodigde om haar tekenlessen te geven. Tot zijn dood in 1888 in zijn huis in San Remo bleef Lear reizen, reisprentenboeken maken, en met tussenpozen nonsensgedichten.

Edward Lear and the Scientists, Royal Society, London, 29 aug-26 okt. royalsociety.org/events Happy Birthday Edward Lear: 200 Years Of Nature And Nonsense, The Ashmolean museum, Oxford, 20 sept - 16 jan. www.ashmolean.org