Hossen op de Immigrant Pride

Jaarlijks tonen homo’s en lesbiennes in Amsterdam dat ze volwaardig willen worden behandeld. Nu immigranten nog, stelt Sander Terphuis.

In Amsterdam werd afgelopen weekend weer de Canal Parade gehouden, in het kader van de Gay Pride. Het idee achter deze parade is om elk jaar opnieuw de aandacht te vestigen op de gelijkwaardige behandeling van homo’s en lesbiennes en op het tegengaan van discriminatie wegens hun seksuele geaardheid.

Ik roep de politiek en de betrokken maatschappelijke organisaties op om, vergelijkbaar met de Canal Parade, jaarlijks een Immigrant Parade te organiseren, in het kader van een Immigrant Pride. Steun van onze allochtone prinses Máxima voor het mogelijk maken van zo’n parade zou zeer waardevol zijn.

Een immigrantenparade is om diverse redenen nuttig en noodzakelijk.

In Nederland wonen ruim een miljoen immigranten, met een rijke diversiteit. In Amsterdam wonen mensen met ruim 150 verschillende nationaliteiten. In sommige delen van Nederland, zoals het noordoosten van het land, zijn de immigranten beduidend minder zichtbaar dan in andere delen van het land, zoals de Randstad. Deze onzichtbaarheid draagt bij aan onbekendheid en onbekend maakt onbemind.

Een jaarlijkse Immigrant Parade is tevens een goede gelegenheid om kleurrijk Nederland zichtbaarder en bekender te maken. Bovendien biedt een parade een goede kans aan immigranten uit diverse landen om de handen ineen te slaan, zich te presenteren aan Nederland en er samen een mooie gebeurtenis van te maken. Noem het de Koninginnedag voor immigranten.

Immigranten kunnen Nederland op die dag kennis laten maken met hun cultuur, muziek, kunst, kleding en eten – van prachtige Perzische kunst tot smakelijke Turkse hapjes, Argentijnse dans, mooie Poolse muziek en heerlijke Hongaarse goulash. Zie de Immigrant Parade als een collectieve gebeurtenis en, net als de Gay Pride met de Canal Parade, als een oproep tot begrip en tolerantie.

Anders gezegd: het is niet alleen maar kommer en kwel met immigranten, zoals sommige politici ons willen doen geloven. Immigranten kunnen Nederland met een parade laten zien, horen en proeven dat ze een verrijking zijn voor de Nederlandse samenleving. Dit is wat minister Leers (Immigratie, CDA) vorig jaar al zei, al werd hij vervolgens helaas teruggefloten door premier Rutte en PVV-leider Wilders.

Een jaarlijkse Immigrant Parade kan de aandacht vestigen op de gelijkwaardige behandeling van immigranten en op het tegengaan van discriminatie. Hoewel het bij wet verboden is om bevolkingsgroepen op basis van hun afkomst, geloof of huidskleur te discrimineren, komt het helaas in de praktijk nog vaak voor. Denk aan het Polenmeldpunt, waarbij een hele bevolkingsgroep werd gediscrimineerd, uitsluitend op basis van haar nationaliteit. Denk ook aan de hoofddoekjesbelasting. Als de PVV het ooit in Nederland voor het zeggen krijgt, zullen alle immigranten uit niet-West-Europese landen worden geweigerd.

Discriminatie van immigranten komt ook in andere vormen voor in de samenleving. Werkgevers wijzen hen af bij sollicitaties. Portiers weigeren hun de toegang tot discotheken. Zo zijn er meer voorbeelden.

Het kan niet zo zijn dat afkomst, geloof, ras of huidskleur een reden is om iemand te discrimineren, net zoals dat geldt voor de seksuele geaardheid. Een jaarlijkse Immigrant Parade kan een goede gelegenheid zijn hierop de aandacht te vestigen. Een stad als Amsterdam, met meer dan 150 nationaliteiten, is zeer geschikt voor zo’n parade.

Als datum voor deze jaarlijkse parade stel ik 14 oktober voor, de dag waarop het minderheidskabinet-Rutte-Verhagen, met gedoogsteun van Wilders, werd beedigd. Elk jaar maken we juist op die dag weer kennis met kleurrijk Nederland, zeggen we nee tegen discriminatie en vervreemding en zeggen we nee tegen scheidslijnen tussen de bevolkingsgroepen.

Sander Terphuis is staatsrechtjurist bij de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak. Op zijn achttiende vluchtte hij uit Iran naar Nederland.