Een springplank naar Afrika

De zorgen over de economie van Zuid-Afrika zijn groot. Maar de beurs doet het opvallend goed. „Aandelen met dubbelcijferige groei, waar vind je die nog?”

De groei van de Zuid-Afrikaanse economie blijft fors achter bij die van veel andere landen in de regio. Maar de Johannesburg Stock Exchange (JSE), de grootste effectenbeurs van het continent, breekt record na record. Ook deze week weer. „En zolang de eurozone diep in de problemen zit, zal dat zo blijven”, verwacht handelaar Kevin Algeo van Imara SP Reid. „Mensen moeten toch ergens met hun geld heen. De Zuid-Afrikaanse rand is tamelijk stabiel en de grote beursgenoteerde bedrijven doen het hier aanzienlijk beter dan in het Westen.”

Wie tien jaar geleden 100 Zuid-Afrikaanse rand had belegd op de beurs van Johannesburg, zou nu 424 rand in handen hebben, becijferde beleggingsfirma Allan Gray onlangs. Dat is een rendement van 15,5 procent per jaar. Wie via de MSCI World Index van ontwikkelde landen had geïnvesteerd, zou nu met een schamele 113 rand zitten.

Maar de zorgen over de Zuid-Afrikaanse economie zijn groot. De centrale bank stelde de groeiverwachting voor 2012 onlangs verder naar beneden bij tot 2,7 procent, terwijl volgens de regering eigenlijk 7 procent groei nodig is om de al jaren torenhoge werkloosheid aan te pakken. Zuid-Afrika behoort tot de traagst groeiende economieën van het continent, zegt hoofdeconoom Mthuli Ncube van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank. Veel harder gaat het in landen als Ghana, Mozambique, Angola en Ethiopië, die circa 8 procent groei verwachten.

„Maar de Zuid-Afrikaanse economie is veel verder ontwikkeld, terwijl die andere landen van een dieper punt komen”, relativeert Ncube. Dat is precies de reden dat westerse investeerders het aandurven in Zuid-Afrika. „Hier weet je dat de risico’s binnen de perken blijven”, zegt Ryan Wibberley van beleggingsbank Investec in Kaapstad. „Wil je meeprofiteren van de groei in Afrika, dan moet je hier zijn. Veel bedrijven die het op de JSE goed doen, zijn actief in de rest van Afrika maar hebben de stabielere thuismarkt als basis.”

De JSE is onlosmakelijk verbonden met de mijnbouw. In 1886 werd in Johannesburg goud ontdekt, een jaar later opende de beurs. Met 340 genoteerde bedrijven en een marktkapitalisatie van 681 miljard euro behoorde de JSE in 2011 tot de twintigste grootste effectenbeurzen in de wereld. Dagelijks wordt er voor ongeveer een miljard Amerikaanse dollar verhandeld.

Mijnbedrijven zijn nog altijd goed voor zo’n 40 procent van de omzet. „Met de lage grondstofprijzen is het eigenlijk extra opvallend dat de JSE het nog altijd zo goed doet”, zegt Wibberley. „De mijnbedrijven, vooral platina, hebben het erg zwaar door de afgenomen vraag in Europa.” De winst zit vooral in detailhandelsbedrijven en in de financiële instellingen. Dat zijn sectoren die het meest profiteren van de snelle groei van de Afrikaanse middenklasse.

De Zuid-Afrikaanse supermarktketen Shoprite, actief in 17 landen, zag het aandeel het laatste jaar met 60 procent stijgen. De banken doen het goed, bierbrouwer SAB Miller profiteert van de sterk toenemende dorst in Afrika en Naspers, dat ooit als ‘Nasionale Pers’ de propagandakranten van het apartheidsregime uitgaf, is nu met betaaltelevisie en internet één van de grootste mediabedrijven van de opkomende markten.

De Zuid-Afrikaanse beurs, zegt Wibberley, blijft voor investeerders een „springplank” naar de rest van Afrika en heeft weinig te duchten van andere landen. „In Nigeria heb je een of twee leuke aandelen, maar de financiële risico’s zijn daar toch een stuk groter. Het is een no-brainer: aandelen die jaarlijks met dubbele cijfers groeien, waar vind je die nog?”