Robert Hughes (74) overleden

Robert Hughes/ Foto Joyce Ravid

De Australische historicus en kunstcriticus Robert Hughes, bekend van zijn epos The Fatal Shore, is gisteren op 74-jarige leeftijd overleden. Dat laten meerdere internationale media, waaronder The Guardian, weten. Hughes was al lange tijd ziek.

Robert Hughes werd in 1938 in Sydney geboren in een advocatenfamilie. Nadat hij op 12-jarige leeftijd zijn vader verloor, vertrok hij naar een Jezuitenschool. Enkele jaren daarna studeerde Hughes architectuur aan de Sydney University.

Op zijn 28ste, en na het schrijven van zijn eerste kunstboek The Art of Australia, vertrok Hughes naar Europa. In Londen kwam hij al snel als kunstcriticus te werken voor The Sunday Times. In 1970 werd hij door een redacteur van Time magazine uitgenodigd om naar New York te komen. Tot zijn dood bleef Hughes in dat land wonen.

Over zijn nieuwe thuisland was Hughes uiterst kritisch. Zo sprak hij  in lezingen die hij begin jaren ’90 in de openbare bibliotheek te New York gaf over de Amerikaanse samenleving als zijnde ‘een samenleving bezeten van therapieen en vervuld van wantrouwen jegens de officiele politiek; sceptisch tegenover gezag en ten prooi aan bijgeloof, haar politieke taal aangevreten door onecht medelijden en eufemismen.’

Verder vond Hughes, wiens tekst in vertaling staat opgenomen in het stuk dat NRC-redacteur Sjoerd de Jong over hem schreef in De oogst, denkers die ons wereldbeeld veranderden, dat de ‘Amerikaanse populaire cultuur was doordrenkt geraakt van een ‘huilerig narcisme’, met vrouwen die zich gereïncarneerde Cleopatra’s waanden. Mannen lieten, zo moet Hughes toen gezegd hebben, hun kroost achter voor de tv: ‘de debiele nationale babysitter’.

Ook het huidige Rome moest het ontgelden. In een bespreken van Hughes laatste kunstboek over Rome, Rome, schreef NRC-Boekenredacteur Bernhard Hulsman:

‘In de epiloog ontpopt Hughes zich inzake Rome zelfs tot een cultuurpessimist. Hij stelt vast dat het bronzen beeld van keizer Marcus Aurelius, dat Michelangelo op het Capitool liet plaatsen en dat hem bij zijn eerste bezoek aan Rome in 1959 deed beseffen dat dit ‘de stad is van de continuïteit’, is vervangen door een kopie. De wetenschap dat het om namaak gaat, zorgt ervoor dat je er anders naar kijkt, betoogt hij. Om het nog erger te maken staat het origineel in het Capitolijns Museum nu op een hellingbaan: ‘Dit is vandalisme. Het is absoluut intrinsiek aan de betekenis van de Marcus Aurelius dat het paard en de ruiter recht en horizontaal staan.’
‘Rome gaat kapot aan auto’s en toerisme, vindt Hughes. Het bekijken van het musclescape in de Sixtijnse kapel is, te midden van de hordes lawaaierige bezoekers, een onmogelijke beproeving. En tot overmaat van ramp is er geen Italiaan die dit erg vindt. ‘Kunst interesseert ze geen reet’, schrijft Hughes in zijn directe taal. De enige twee dingen waarvoor Italianen belangstelling hebben zijn voetbal en televisie waar de blonde bimbo’s met bolle borsten niet vanaf te slaan zijn. Daarom hebben ze als premier Silvio Berlusconi, eigenaar van een tv-imperium en een voetbalclub.’

Hughes bereikte in 1980 voor het eerst een groot publiek met zijn tv-serie en kunstboek The Shock of the New, een geschiedenis van de moderne kunst beginnend bij de Eiffeltoren. In 1988 verscheen zijn bestseller The Fatal Shore, een geschiedenis van zijn geboorteland Australië.

In 1999 kwam Hughes bijna om bij een auto-ongeluk in West-Australië. Hij schreef er een memore over, Things I Didn’t Know, die in 2006 verscheen. Hughes laat zijn derde vrouw achter, Doris Dawnes. Een zoon uit zijn eerste huwelijk pleegde in 2002 zelfmoord.