Nieuwe president van Egypte zit met lege staatskas

Het is dringen voor het paleis van president Morsi van Egypte. Werklozen, arbeiders en gepensioneerden eisen steun van de Moslimbroeder.

President Morsi beloofde bij zijn aantreden dat zijn deur altijd open zou staan. Sindsdien staan er lange rijen armlastigen en boze arbeiders. Foto AFP

Mohamed (34), vader van twee kinderen, is chauffeur. Met zijn maandloon van 800 pond (107 euro) zit hij ruim boven de armoedegrens. „Het probleem”, zegt hij, „is dat ik om normaal te leven zo’n 1.500 pond nodig heb. Ik vang het verschil op door links en rechts bij te klussen.”

Mohameds huur bedraagt 300 pond per maand. Hij heeft twee kinderen van wie er eentje naar school gaat: dat kost 100 pond per maand. Er blijft van zijn loon dus 400 pond (53 euro) over voor eten, water, gas en elektriciteit. „De revolutie heeft voor mij niets veranderd: het is niet beter of slechter geworden. Maar we hebben nu wel de hoop dat het in de toekomst beter gaat worden.”

Mohamed staat in de Mounirawijk in Kairo in de rij bij een overheidsbakkerij. Brood behoort tot de producten die in Egypte zwaar worden gesubsidieerd. Een brood kost hier 5 piasters (0,006 euro) in plaats van de 25 piasters (3 eurocent) voor ‘toeristenbrood’. Het is dit verschil dat mensen als Mohamed net in staat stelt te overleven.

Maar de subsidies op allerlei goederen vormen een enorme belasting voor de economie: de begroting vertoont al jaren tekorten. Daarom is een verlaging van de subsidies in het vooruitzicht gesteld. De prijs van het brood zal daar niet onder lijden, wel de zwaar gesubsidieerde energiesector. In eerste instantie zal de industrie meer moeten betalen voor brandstof, maar een hogere prijs voor butaangas zal ook de gewone Egyptenaar treffen.

Het gedrang van armlastige burgers voor het paleis van Moslimbroeder-president Mohammed Morsi in Heliopolis neemt alleen maar toe. Zijn diensten zijn de afgelopen weken overrompeld door de toeloop van burgers die oplossingen willen voor hun problemen.

Werden de eerste klagers nog ontvangen door Morsi’s adviseurs, nu wordt gevraagd of men een brief schrijft. Voor de poort helpen de alfabeten de ongeletterden met schrijven. Morsi heeft nu beloofd dat in alle steden commissies komen waar mensen hun klachten kunnen deponeren.

Voor het paleis zijn de verwachtingen hoog. Naast gepensioneerden en werklozen zijn er opvallend veel arbeiders. Zoals de achttien werknemers van een cementfabriek in Helwan die protesteren tegen het feit dat de nieuwe Italiaanse eigenaar met tijdelijke in plaats van vaste contracten werkt. „Zelfs voor een jaarcontract hebben we eerst de directie moeten gijzelen”, zegt een van hen. Ze hebben er wel vertrouwen in dat Morsi aan hun kant staat. „Anders waren we niet hier naartoe gekomen.”

Maar om de hoek, bij een andere poort, staan honderden arbeiders van de Pirelli-bandenfabriek in Alexandrië. Net als in Helwan gaat het om een ex-staatsbedrijf dat in de jaren 90 werd overgenomen. De nieuwe eigenaar respecteert het arbeidsrecht niet, zegt Ashraf Gazaar, een van de vijf vakbondsafgevaardigden die is ontslagen. „Als Morsi ons probleem niet oplost, gaan we de fabriek in eigen handen nemen.”

Arbeidsconflicten, zo is duidelijk, worden een kopzorg voor de nieuwe president. Vorige week staakten 23.000 werknemers in de textielindustrie voor meer loon. In Suez werd traangas ingezet tegen stakende arbeiders uit de keramiekindustrie. „Al dit arbeidsprotest zou best kunnen uitmonden in een tweede revolutie”, zegt Ahsraf Sweilam, economisch adviseur van de gefaalde presidentskandidaat Amr Moussa. De vraag is hoe Morsi daarop zal reageren. Een prominent lid van de Moslimbroederschap, Hassan el-Brince, bestempelde het arbeidsprotest als een „contrarevolutionair complot” en de arbeiders als „huurlingen” in dienst van het oude regime.

Morsi staat voor een enorme uitdaging: het land heeft er nog nooit zo slecht voorgestaan en hij moet dat rechttrekken. Egyptes internationale reserve is sinds de revolutie gehalveerd tot 15 miljard dollar, ondanks een noodlening van Saoedi-Arabië. In juli zei de regering nog – in een niet zo geslaagde poging de bevolking gerust te stellen – dat er genoeg deviezen in kas waren om de graanimport te verzekeren voor zes weken. Egypte is ’s werelds grootste graanimporteur.

„Laten we ons niet blindstaren op de internationale reserve”, zegt Ahsraf Sweilam. „Spijtig genoeg heeft Morsi het nodig gevonden om de strijd met het leger aan te gaan over de ontbinding van het parlement. Het signaal naar investeerders en kredietverstrekkers toe is dat er ons mogelijk nog maanden van politieke instabiliteit te wachten staan.”

„Het probleem is”, vervolgt Sweilam, „dat de Moslimbroeders op politiek vlak juist een programma van sociale rechtvaardigheid hebben. Het is maar de vraag hoe zij die twee gaan verzoenen.” Op langere termijn is de uitdaging het aanpakken van de armoede in Egypte. Wanneer het over de economie gaat, wordt altijd het cijfer aangehaald van de 40 procent Egyptenaren die met minder dan 2 dollar per dag (50 euro per maand) moeten rondkomen. Dat is het cijfer van de Wereldbank om ‘gematigde armoede’ te definiëren; extreem arm is iemand pas onder 1,25 dollar (1 euro) per dag.

Navraag leert dat het cijfer niet klopt: volgens de laatste gegevens leeft slechts 15,4 procent van de bevolking van minder dan 2 dollar. Dat klinkt hoopgevend maar is het niet, zegt Mohammad Pournik van het Ontwikkelingsprogramma van de VN in Kairo. „Als we 2,75 dollar per dag nemen als armoedegrens dan zit wel degelijk 40 procent daaronder. Dat zo’n klein verschil zo’n impact kan hebben, toont aan hoe precair het bestaan van een groot deel van de Egyptenaren is.”

Er zijn nog meer somber stemmende factoren. Voor de revolutie groeide de Egyptische economie met 5 tot 6 procent per jaar, maar de arme bevolking merkte daar weinig van. Toen en nu hebben de militairen circa 40 procent van de economie in handen. Pournik noemt die groep liever „een zakenelite met politieke connecties waarvan het leger deel uitmaakt”. Vooral in het vastgoed zijn grote winsten gemaakt. Meestal met publieke gronden, die voor weinig geld werden aangekocht en voor veel geld van de hand gingen. „Hoewel er een beetje verbetering is, is Egypte nog lang geen efficiënte economie.”