De robot-geoloog kan aan de slag

Curiosity staat op de Marsbodem. Nog een maandje en dan is het wagentje klaar voor verkenning van oeroud leven.

Redacteur Natuurwetenschappen

Rotterdam. „Ik ben veilig op de Mars-bodem.” Dat twitterde het Marswagentje Curiosity van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA gistermorgen vroeg. Om twee minuten over half acht (Nederlandse tijd) werd het op Mars gezet, na een reis van 570 miljoen kilometer.

De geslaagde landing was het sluitstuk van een spectaculaire afdaling door Mars’ ijle atmosfeer. ‘Seven minutes of terror’, noemde NASA die afdaling vooraf. De opluchting in de controlekamer in Pasadena was groot.

„Here I go”, had Curiosity even tevoren getwitterd, terwijl de transportcapsule met 20.000 kilometer per uur de atmosfeer indook. „Parachute geopend. Snelheid 1.450 kilometer per uur. Hoogte 7 kilometer. Nog vier minuten naar Mars!”, lazen de twittervolgers kort daarna.

En inderdaad, precies volgens plan werd even later het karretje aan een takel uit de capsule neergelaten, op vergelijkbare wijze als waarop helikopters soms op aarde jeeps neerlaten. Met een vaartje van 0,6 meter per seconde kwam het karretje op zijn zes wielen terecht. Het duurste (2 miljard euro), zwaarste (900 kilo) en grootste (een Mini Cooper) Marswagentje moest nu op eigen kracht verder.

Het lukte. Al snel kwamen de eerste beelden binnen: korrelige zwart-witplaatjes van de Mars-horizon en van de schaduw van het karretje op het oppervlak. Ze waren door Curiosity, via de Odyssey-sonde die rond Mars cirkelt, naar de aarde doorgezonden.

NASA-ingenieurs zullen nu de instrumenten aan boord van het wagentje controleren. Pas als dat is gebeurd, over ruwweg een maand, zal het voertuig Mars gaan verkennen.

Curiosity gaat niet op zoek naar leven, zei NASA-onderzoeker John Grotzinger, die het wetenschappelijke deel van de missie leidt, vooraf al. De afgelopen jaren zijn onderzoekers er steeds minder op gaan rekenen dat zij die sporen zullen vinden. Vooral doordat het cruciale ingrediënt, stromend water, niet op het Marsoppervlak is aangetroffen en doordat radarmetingen van de Mars Reconaissance Orbiter (NASA) en de Mars Express (ESA) evenmin wezen op waterreservoirs dicht onder het Marsoppervlak.

In plaats daarvan gaat Curiosity bekijken of Mars ooit, miljarden jaren geleden, een plek was waar leven zou hebben kúnnen bestaan. Daarvoor moet er naast water ook genoeg energiebron (warmte, licht) zijn geweest, en koolstof. Ofwel: Curiosity moet bekijken of Mars vroeger natter en warmer was en of bouwstenen van leven in de bodem zijn terug te vinden.

De onderzoekers hebben voor die zoektocht de 154 kilometer wijde Gale-krater uitgekozen. Midden daarin, op een paar kilometer van de landingsplek, ligt de vijf kilometer hoge Mount Sharp. De opeenvolgende sedimentlagen in die berg zijn hoogstwaarschijnlijk afgezet toen er nog wél water over het Mars-oppervlak stroomde. Curiosity zal ze één voor één bekijken om zo de geschiedenis van Mars ‘af te lezen’.

Net als zijn voorgangers Spirit en Opportunity is Curiosity daarom een robot-geoloog op wielen. In zijn gereedschapsset zitten onder meer een grondboor om bodemmonsters te nemen en een laser om gesteente mee kapot te schieten. Bovendien, en dat is nieuw, is Curiosity een robot-scheikundige met instrumenten aan boord waarmee hij de samenstelling van die bodemmonsters heel precies kan analyseren. Nog een verschil met zijn voorgangers: Curiosity haalt zijn stroom niet uit zonnepanelen, maar uit de warmte van plutonium. Hij kan dus ’s nachts doorwerken.