Ook de autochtone mannen intimideren vaak vrouwen

Het is terecht dat er aandacht is voor allochtone mannen die vrouwen belagen op straat. Vergeet alleen niet het gedrag van autochtone mannen, stelt Robert Alexander Hemker.

Herman Vuijsje analyseert de reacties op de Belgische documentaire over seksueel geweld op straat jegens vrouwen (NRC Handelsblad, 2 augustus). Dit is een zeer noodzakelijke onderneming. Helaas verzuimt hij als socioloog het debat over seksuele intimidatie in een breder maatschappelijke perspectief te plaatsen. Hiermee dreigt hij bij te dragen aan een selectieve morele verontwaardiging, gericht op allochtone mannen.

Zich baserend op die reacties construeert Vuijsje zijn argument dat het vooral jonge, allochtone mannen zijn die zich schuldig maken aan deze „vrijheidsberoving” van vrouwen. Geplaagd door werkloosheid, angst voor vrouwen en een gebrek aan opvoeding, kennis en zelfvertrouwen botvieren zij hun ongeremde frustratie op vrouwen, stelt Vuijsje door reacties op de documentaire te citeren. Seksuele intimidatie vormt een manier waarop die mannen onderling nog enigszins respect veiligstellen. Alleen terloops noemt Vuijsje het morele verval van een op seks beluste samenleving als aanmoedigende context, wederom bij monde van respondenten. Hij concludeert dat de autochtone man vaker als koene ridder de vrouw zou moeten beschermen tegen zulk onheil.

Weet de autochtone man dan wel overweg te gaan met seksualiteit? Ondanks het enorme bevrijdende belang van de seksuele revolutie voor de vrouwenemancipatie kan helaas onmogelijk worden beweerd dat vrouwen verlost zijn van seksuele intimidatie, nog afgezien van de straat. Het probleem is dat Vuijsje jammer genoeg de dubbelzinnigheid waarmee seksualiteit in de samenleving wordt benaderd volkomen negeert.

Heeft de seksuele liberalisering in het Westen inderdaad seksueel beheerste mannen voortgebracht? Ik vermoed dat deze zelfingenomen illusie ons blind maakt voor ogenschijnlijk onschuldige en meer geaccepteerde vormen van seksuele intimidatie.

Neem het programma Voetbal International. Hierin koketteert lolbroek en ‘geilneef’ René van der Gijp geregeld met zijn seksuele veroveringen. Hij vertelt hoe vrouwen in bed „uit elkaar worden getrokken”. Vaste gast in het programma Jan Boskamp laat eveneens weten dat hij een mooie meid graag in haar billen zou knijpen. Het hele programma is doordrenkt met dit kinderlijke seksisme. Grappen en grollen over dikke tieten en lekkere wijven worden stoer over de tafel gespuid, terwijl vrouwen in iets te korte rokjes bitterballen en prijzen uitdelen. Onder het mom van ironie en mannenhumor met een knipoog wordt dit allemaal lacherig geaccepteerd, zo niet aangemoedigd. Moet kunnen. Deze mannen weten immers beter.

Deze zelf gepermitteerde seksuele vrijheid staat niet op zichzelf. De affaire-DSK, bankmanagers die seksfeesten in bordelen organiseren, maar ook corpsballen in studentencafés en ‘echte’ Hollandse knullen in voetbalkantines – het zijn in wezen allemaal, in tegenstelling tot de straatallochtoon, beschaafde mannen die alleen een beetje plezier maken, maar in principe weten hoe het hoort. Continue blootstelling aan seks in de commercie, muziek, film en andere media – alsook seksueel getinte grappen op het werk – doorbreken taboes en zijn juist een uiting van een seksueel liberale samenleving, zo lijkt het.

In een samenleving die nog immer is doordrongen van seksistische rolpatronen en die nog immer door mannen wordt bestierd, is het de vraag of deze seksuele vrijheid niet in wezen intimidatie is, en of ze als zodanig op de werkvloer, thuis of in de media wordt ervaren. Allochtone mannen maken zich inderdaad geregeld schuldig aan seksuele intimidatie, maar hun autochtone broeders doen hier geenszins voor onder.

Het is helaas dit beeld van de ongeremde allochtone man en beheerste autochtone heer dat Vuijsje reproduceert. Seksuele intimidatie op straat, in het dagelijks leven, is inderdaad een zeer ingrijpende bedreiging voor de vrijheid van vrouwen. Publieke aandacht voor dit probleem is daarom meer dan gewenst, maar zowel de dader (de allochtone man) als het domein (de straat) is een erg gemakkelijk doelwit. Zo’n selectieve verontwaardiging dreigt ons blind te maken voor andere vormen van verbaal en fysiek seksueel geweld waardoor vrouwen nog dagelijks van hun vrijheid worden beroofd in onze samenleving – op straat en elders.

Robert Alexander Hemker is als politiek socioloog verbonden aan het Europees Universiteitsinstituut te Florence, Italië.