Het is ook oorlog in Oost-Turkije

Zware gevechten spelen zich af tussen het Turkse leger en de Koerdische PKK aan de grens met Irak. De PKK heeft een nieuwe tactiek die niet losstaat van de strijd in Syrië.

De foto gisteren op de voorpagina van de Turkse krant Radikal had evengoed in het noorden van Syrië gemaakt kunnen zijn. Een zwartgeblakerde vrachtwagen, omringd door kogelhulzen tegen de achtergrond van nog rokende heuvelruggen. Het was het eerste beeld uit het dorp Semdinli in de zuidoostelijke Turkse provincie Hakkari, dat al weken hermetisch is afgesloten van de buitenwereld.

Het Turkse leger en strijders van de verboden Koerdische PKK zijn daar in een strijd verwikkeld die in hevigheid soms niet onderdoet aan de gevechten in Syrië, maar aanzienlijk minder media-aandacht krijgt. De Turkse luchtmacht neemt met ongekende hevigheid de heuvelruggen onder vuur die de PKK in de afgelopen weken heeft ingenomen. Het leger heeft meer dan 2.000 soldaten naar de grensstreek met Irak gestuurd. Zeker 115 militanten van de PKK werden daar gedood, claimt de website van het Turkse leger. Het is onmogelijk om dat aantal te verifiëren. De pers wordt verre gehouden.

Dit is niet zomaar een opleving van de strijd van de PKK, die 28 jaar geleden zijn gewapende verzet begon tegen de Turkse staat. De gevechten in Semdinli laten een nieuwe tactiek zien, die niet geheel losstaat van de ontwikkelingen in buurland Syrië.

Van oudsher speelt de PKK een kat- en muisspel met het Turkse leger: een legerpost wordt in het holst van de nacht aangevallen, het leger reageert, de PKK trekt zich terug in de bergen van Kandil, Noord-Irak. In Semdinli ging het anders. De PKK trok bewapend met kalasjnikovs en raketwerpers het stadje van 20.000 inwoners binnen, blies een aantal bruggen op en plaatste wegversperringen op de toegangswegen. Een verovering in de stijl van het Vrije Syrische Leger, dat in het noorden van Syrië een aantal strategische grensovergangen en steden in handen heeft gekregen.

Vanuit het veroverde terrein viel de PKK gisteren vroeg in de ochtend een aantal militaire posten aan bij het dorp Gecimli, ook in de provincie Hakkari. Volgens internationale persbureaus vielen bij die aanval 22 doden, van beide zijden.

De PKK heeft sinds vorig jaar lente zijn strijd tegen het Turkse leger verhevigd na het mislukken van geheime vredesonderhandelingen. Nu lijkt de PKK de druk te willen opvoeren aan de Turkse grens met Irak, op een moment dat de Turkse politiek zich vooral zorgen maakt over ontwikkelingen aan zijn grenzen met Syrië. In het noordoosten van Syrië hebben Koerdische strijders wegversperringen opgeworpen rond het stadje Kobane. Het Turkse leger reageerde op dat nieuws door onmiddellijk troepenversterkingen te sturen naar de grens met Syrië.

Premier Erdogan waarschuwt dat Turkije het recht heeft in te grijpen in Syrië als de veiligheid van de republiek wordt bedreigd. Vader en zoon Assad verlenen al decennialang onderdak aan de PKK. Turkije is bang dat Damascus de PKK aanspoort aanslagen te plegen tegen Turkije, dat heimelijk steun verleent aan het gewapende verzet tegen Assad.

Intussen werkt de Turkse regering ver van het strijdtoneel aan een nieuwe grondwet, die meer rechten voor de Koerden belooft. De regering gaf al groen licht voor Koerdisch als keuzevak op staatsscholen. Tegen de achtergrond van de hevige gevechten in het zuidoosten lijkt Ankara soms een ander land.