Hoezo supermacht?

De stroomstoring die in het halve land het licht uit deed, liet zien dat het land lijdt aan een cocktail van virussen: belabberde infrastructuur, corruptie en politieke verlamming. Mét stroom is India nog steeds geen supermacht.

De kapper in Kolkata, Noordoost-India, werkt gewoon door, stroom of geen stroom, want anders dan het Westen is men gewend soms wel tien uur per dag geen elektriciteit te hebben. Foto AP

Langs de tolweg richting Gurgaon, een stad met anderhalf miljoen inwoners in de Noord-Indiase deelstaat Haryana, liggen moderne bedrijfsgebouwen en blinkende winkelcentra. In kleurige, nieuw ogende appartementencomplexen huizen expats en een toplaag van Indiase managers. Dit is het hart van de Noord-Indiase auto-industrie waar een derde van de vier miljoen personenauto’s wordt gemaakt die India jaarlijks produceert. In het Ecstacy IT-Park zijn outsourcingsbedrijven ondergebracht waar Indiërs diensten verrichten voor ondernemingen in het buitenland: klantenbeheer, het maken van technische tekeningen, het uitwerken van tapes waarop Amerikaanse artsen diagnoses inspreken.

Fabrieken en IT-bedrijven, allemaal hebben ze eigen generatoren, soms ondergebracht in aparte hallen. Betaald van eigen geld. Ook de diesel die nodig is om stroom op te wekken, betalen de bedrijven zelf. Haryana kan niet aan de vraag naar elektriciteit voldoen, zeker niet nu door de tegenvallende moessonregens extra irrigatie van akkerland nodig is met elektrische pompen. De stroom valt hier soms tien tot twaalf uur per dag uit. Dan gaan in Haryana’s industriële zone de dieselgenerators brommen en nemen de productiekosten toe met een factor drie.

Verlaat je de tolweg rond Gurgaon, dan ga je een andere wereld binnen. Dit is de biotoop van de fabrieksarbeiders. Open riolen, grauwe betonnen huizen, daartussen tenten van plastic en afval. Kindjes met vieze haren en kleren, vuilnis, walmende vuurtjes. Het openbare stroomnet loopt via dikke, aan hoge houten palen bevestigde elektriciteitskabels langs de bedrijfspanden en dwars door de dorpen. Mensen die er wonen of er kleine bedrijfjes runnen, tappen af met dunne draadjes. Ze betalen niet voor hun stroom. In het dorp Aliyar, achter de Maruti-Suzuki-fabriek, draait de hele bazaar met zijn theetentjes, snoepwinkeltjes en kruidenierzaakjes op illegale stroom

In India wordt naar schatting 30 procent van de stroom gestolen. Dat is een van de redenen dat de vijf hoogspanningsnetten waarmee de centrale overheid de elektriciteit over het reusachtige land verdeelt, soms overbelast raken.

Zondagnacht ging het mis met het noordelijke hoogspanningsnet waardoor bij 370 miljoen mensen het licht uit ging. Dinsdagmiddag begaven drie van de vijf centrale hoogspanningsnetten het waardoor 684 miljoen Indiërs, ruim de helft van de bevolking, zonder stroom kwamen te zitten. Dat is bijna de hele Europese bevolking of iets minder dan een tiende van de wereldbevolking. Het waren de omvangrijkste stroomstoringen ooit.

In het buitenland werd verschrikt gereageerd. Volgens The Economist was India veranderd in „de gigantische set van een rampenfilm”, The New York Times schreef over „de lamlegging van een groot deel van India”. Daarvan was geen sprake. Wat juist opviel, was dat het leven zijn normale gang behield, want anders dan het Westen is India gewend aan stroomstoringen. Verkeersagenten speelden voor stoplicht, tankwagens brachten drinkwater waar de toevoer haperde. Treinen en metro’s gingen na enkele uren weer rijden, mijnwerkers werden op noodstroom alsnog bovengronds gebracht. Ziekenhuizen, luchthavens, fabrieken, callcenters en het postkantoortje op de hoek schakelden over op hun eigen stroomvoorziening. Indiërs bieden dit soort omstandigheden het hoofd met jugaad: improvisatie met schaarse middelen. Mansukh Prajapati, de man die een stroomloze koelkast van aardewerk ontwikkelde, kan een schitterende omzet tegemoetzien. Het kleermakertje dat dagelijks zijn met een trappedaal aangedreven naaimachine onder een boom opstelt, zal geen klant verliezen.

De storingen slaan een deuk in India’s imago van opkomende grootmacht. Het land bouwt een gigantische marine, ontwikkelt intercontinentale kernraketten, lanceert zijn eigen spionagesatellieten en houdt er een gigantische IT-industrie op na waar de halve wereld zakelijke diensten aan uitbesteedt. Maar het faalt in de elektriciteitsvoorziening aan zijn burgers. Veel Indiase media hekelden het gezichtsverlies. „Superpower India, RIP”, kopte de Economic Times.

De recordstoringen hebben één voordeel: eindelijk is voor de hele wereld duidelijk aan welke verlammende viruscocktail de gedroomde nieuwe supermacht lijdt: een verwaarloosde infrastructuur, corruptie en politieke verlamming. Drie ziektes die elkaar versterken en die dringend bestreden moeten worden.

De belabberde infrastructuur geldt niet alleen de elektriciteitsdistributie, maar vrijwel elk netwerk in India waar mensen met macht invloed op kunnen uitoefenen. Door slechte wegen loopt de Indiase economie zo’n 5 miljard dollar per jaar mis. Wie er wat aan wil doen, loopt aan tegen corrupte aannemers en ambtenaren van de National Highway Authority, zoals de Wereldbank in maart rapporteerde. Al jarenlang wordt geroepen om meer pakhuizen om India’s overvloedige graan in op te slaan. Nu rotten metershoog opgetaste zakken weg na de eerste regens. Maar met het illegaal afvoeren en verhandelen van graan is meer te verdienen dan met het bouwen van extra pakhuizen. Dus blijft 42 procent van India’s kinderen onder de vijf jaar ondervoed.

Politieke verlamming, het derde ingrediënt uit de Indiase cocktail, verhindert dat aan dit soort misstanden een einde wordt gemaakt. India wordt geregeerd door een complexe links-liberale coalitie die moeizaam tot besluiten komt. Sommige ministers verblijven vaker in hun duizenden kilometers van Delhi verwijderde kiesdistricten dan op hun ministeries waardoor er van regeren weinig terechtkomt. Anderen voeren het door premier Manmohan Singh gewenste beleid simpelweg niet uit. Ingrijpende maatregelen die voor het oprapen liggen en de economische groei weer op gang kunnen brengen, worden niet genomen omdat ze kiezers geld gaan kosten, en politici dus stemmen. Met noodzakelijke verbeteringen van de infrastructuur is het al net zo. Macht behouden is het hoogste goed, want ministers bevinden zich aan het einde van de corruptieketen en kunnen slapend rijk worden.

In de stroomstoringen komen corruptie, politieke verlamming en de slechte staat van de infrastructuur samen. Vast staat dat op zijn minst drie deelstaten meer stroom afnamen dan het netwerk aankon, waarschijnlijk door illegaal aftappen. Diefstal van elektriciteit wordt zelden aangepakt op deelstaatsniveau omdat dat potentiële kiezers benadeelt. Volgens deskundigen zijn om dezelfde redenen decennia lang geen noodzakelijke aanpassingen aan de netten gepleegd. De kiezer zou de bijkomende prijsstijgingen niet pikken.

En dan is er het verhaal van Coal India Ltd., het staatsbedrijf dat verantwoordelijk is voor het beheer en bemijnen van alle steenkool in India. Coal India is het grootste steenkoolbedrijf ter wereld. In 2003 werd na veel gesteggel besloten dat buitenlandse firma’s elektriciteitscentrales mochten bouwen en exploiteren in India. Dat leidde tot een groeiende vraag naar steenkool, dat India in voldoende mate heeft, al is de kwaliteit niet hoog. Het lukt Coal India echter niet om genoeg te leveren. Eind maart hadden 32 van India’s 95 kolengestookte elektriciteitscentrales nog maar voor vier dagen kolen op voorraad. Vorige maand beschreef The Wall Street Journal hoe een elektriciteitscentrale ter waarde van 1,3 miljard dollar, gebouwd door een Singaporees bedrijf, al zes maanden niet draaide omdat Coal India niet de hoeveelheid kolen leverde die was overeengekomen.

Waarom niet? Corruptie. Begin juni lekten de voorlopige conclusies uit van een onderzoek naar de toewijzing aan bedrijven van ‘koolblokken’: percelen met steenkool in de grond. Daarbij zou sprake zijn geweest van willekeur. Sommige bedrijven die dringend steenkool nodig hadden, werden overgeslagen, terwijl onbekende bedrijven meerdere koolblokken kregen toegewezen. Waarschijnlijk moest voor een toewijzing onderhands veel geld worden betaald. De steenkool kan winstgevend verhandeld worden aan bedrijven die een toewijzing misliepen maar naar kolen snakken. Het verlies voor de schatkist door de fraude met koolblokken bedraagt 150 miljard euro. En toch hield de centrale regering jarenlang de invoering van een streng gecontroleerde veiling tegen.

Al honderden meters voor Jantar Mantar, een terrein in het centrum van Delhi met achttiende-eeuwse bouwsels, bedoeld voor astronomische waarnemingen, gonst het afgelopen woensdag van de verkopers. Ze duwen de bezoeker Indiase vlaggen onder de neus en witte topi’s, het Indiase petjes dat Mahatma Gandhi droeg, bedrukt met de tekst ‘I am Anna’. Hier is Anna Hazare met twee medestanders bezig aan een ‘oneindige vastenactie’. Hij heeft vijf dagen niets gegeten en gedronken. Het was Anna Hazare (75) die corruptie als politiek en maatschappelijk probleem op de agenda zette. Met vreedzaam protest en openbare vastenacties, in navolging van Gandhi, icoon van de Indiase onafhankelijkheid.

Vorig jaar kreeg Hazare tienduizenden mensen op de been nadat in korte tijd drie grote corruptieschandalen aan het licht waren gekomen waarbij ministers waren betrokken. Tot verbijstering van Anna Hazare en zijn vele volgelingen deed premier Manmohan Singh niets. Hij wordt door vriend en vijand als ‘schoon’ beschouwd en genoot lange tijd een heldenstatus omdat hij in 1991 met een moedig liberaal hervormingsbeleid India’s economische groei ontketende. In juni beschuldigde Hazare premier Singh, die minister voor Kolen was van 2006 tot 2009, van betrokkenheid bij de Coal India-affaire. Hoewel hij zichzelf niet verrijkt zou hebben, had hij als minister en als premier volgens Hazare zijn macht moeten gebruiken om corruptie tegen te gaan.

Er is nog ruimte op het Jantar Mantar-terrein. Er zijn zo’n vierduizend mensen. Hazares volgelingenschare is zichtbaar geslonken door het uitblijven van succes. Deze vastenactie betreft de anticorruptiewet die binnenkort in het parlement wordt behandeld. Hazare vindt dat die niet ver genoeg gaat. Veel politiek analisten en opiniemakers vinden het een verstandige eerste stap op een verraderlijke weg. Op een podium zit Hazare, met enkele volgelingen aan zijn zijde. Een van hen is gaan liggen, verzwakt door de honger. Hazare houdt zijn hand vast. Als hij via een microfoon de menigte toespreekt, gaat een gejuich op. „We voeren geen oorlog”, zegt hij, „we doen dit voor India, ons geliefde land”.

Een dag later, op donderdag, geven zijn medestanders en Hazare hun vastenactie op. De regering van Manmohan Singh had geen duimbreed toegegeven. „Er zijn andere opties”, zegt Hazare in de media. „We worden een politieke partij.” Aan zijn ongeruste volgelingen die van Hazare zelf geleerd hebben politiek te associëren met corruptie, laat hij weten zich niet verkiesbaar te stellen.

Vlak daarvoor is bekend geworden dat Sushilkumar Shinde, de minister onder wiens verantwoordelijkheid de recordstoringen plaatsvonden, is gepromoveerd naar het ministerie van Binnenlandse Zaken. Het Stroomministerie wordt er nu bij gedaan door de minister van Bedrijfsleven. De verschuiving van regeringsposten stond al enige tijd op het programma. Shinde verklaart zelf dat hij een „geweldige” minister van Stroom was. Bij de grootste stroomstoring uit de geschiedenis was de elektriciteit immers al na zes uur weer terug.

Er wachten India moeilijke tijden. De economische groei, nodig om honderden miljoenen inwoners uit extreme armoede te halen, neemt af. Meer dan de helft van de Indiase bevolking heeft dagelijks minder te besteden dan omgerekend 2 dollar. Bijna een derde leeft onder de armoedegrens van 1,25 dollar per dag. Voor dit jaar heeft het IMF de groeiverwachting van 6,9 procent bijgesteld naar 6,1 procent. Voor volgend jaar is de verwachting gedaald van 7,3 naar 6,5 procent. Bovendien bracht de moesson bijna 20 procent minder regen. Dus de oogst zal slecht zijn.

Zelfs als India zijn stroomvoorziening op peil kan houden, is het land voorlopig nog geen supermacht. Die status is India aangepraat. Amerika heeft India als supermacht nodig omdat het op het breukvlak ligt tussen de Afghaans-Pakistaanse regio en China: de twee strategisch belangrijkste gebieden voor de VS. President Obama en minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton vertellen graag hoe belangrijk India is. Maar ze zeggen er niet bij dat India al jaren worstelt met het bouwen van een eigen vliegdekschip en dat zijn enige nucleaire onderzeeër geleased is van Rusland, met als voorwaarde: geen kernraketten aan boord. Dat maakt dit ‘strategische wapen’ tandeloos. Wat de bejubelde lancering van Indiaas intercontinentale kernraket in april betreft: deskundigen betwijfelen of India de capaciteit heeft hem in productie te nemen.

„Het komt wel goed met India, maar verwacht niet te veel van mijn land”, zegt Hemal (20) bij de uitgang van Jantar Mantar. Met een nietmachientje bevestigt hij handgeschreven briefjes aan de kleding van Hazare-sympathisanten waarop staat dat ze zich tegen corruptie uitspreken. „We komen van ver en we moeten nog veel verbeteren. Het is net als met de stroomvoorziening. Er zijn ups en er zijn downs.”