Column

Hoe pakt Nederland de winst op 12 september?

Nog veertig dagen tot de verkiezingen. ‘Europa’ en de economie zijn op 12 september de inzet. Plus alle thema’s die in de tussentijd opeens opduiken.

De twee hoofdonderwerpen zijn niet wat zij zijn. Zij zijn de Haagse vertaling. In politiek Den Haag is economie synoniem met de overheidsbegroting en de vraag of en hoe snel het tekort gereduceerd moet worden. Voor menig politicus is de economie tot op grote hoogte maakbaar: doe wat ik voorstel, hier zijn de doorrekeningen van ons verkiezingsprogram door het CPB die het bewijzen.

In het verlengde van het debat over tekortreductie ligt het discours over ‘Europa’. Brussel is boeman of bondgenoot, afhankelijk van de vraag of je vlot of traag het begrotingstekort wil krimpen. Het afstaan van nationale bevoegdheden aan Brussel bij de begroting en 998 andere politieke onderwerpen is vervolgens een invuloefening. Tegenstanders van vlotte tekortreductie zijn tegen overheveling, voorstanders zijn voor of zitten in de ontkenningsfase (VVD).

Maar achter het decor van dit politieke theater gaan andere, wezenlijker vragen schuil, namelijk over de internationale economische oriëntatie van Nederland. Het meest actuele voorbeeld daarvan is de beoogde miljardenbijdrage van buitenlandse chipfabrikanten, om te beginnen met het Amerikaanse Intel, aan onderzoek, ontwikkeling en productie van een nieuwe generatie peperdure machines bij ASML in Veldhoven. De investering van Intel is economische structuurversterking voor Nederland. Daar hadden wij tot voor kort ook een eigen investeringsfonds voor dat gevuld werd uit onze aardgasopbrengsten. Daar heeft het kabinet-Rutte een eind aan gemaakt. Dom. Een rijk land als Nederland dat internationaal wil mee tellen moet beide doen: open grenzen voor investeringen én een staatsinvesteringsfonds voor versterking van de economie.

Maar zonder het kapitaal van kennis verzandt de industrie. Die kennis is nu de flessehals. In de driehoek van de nationale technologische maakindustrie tussen Veldhoven/Eindhoven (ASML, Philips NatLab, Campus), Nijmegen (NXP) en Heerlen (DSM, Sabic) is straks geen bètastudent, technicus of ingenieur meer te krijgen.

Werving van buitenlandse kennis en talent is het parool. Overheidsgeld is daarbij niet alles, maar helpt wel. Tot begrijpelijk ongenoegen van werkgeversvereniging VNO-NCW heeft het kabinet-Rutte gesnoeid in programma’s voor beurzen aan getalenteerde studenten. De versobering van de fiscale vrijstelling voor buitenlandse werknemers met specifieke deskundigheid hield de bedrijven- en wethouderslobby wel tegen.

Niet alleen versimpelde regels voor kennismigranten maken Nederland een aantrekkelijk vestigingsland. Dat zit ‘m ook in woonruimte, cultureel klimaat en zoiets ongrijpbaars als de sfeer op straat. Geen zaken die zich allemaal door een minister of Den Haag laten regelen. Maar Nederland leeft niet in een vacuüm, andere landen hebben vergelijkbare kennistekorten en zoeken ook hun oplossingen.

Eén cijfer. Van de 500 grootste Amerikaanse ondernemingen is 40 procent opgezet door migranten of hun kinderen, meldde het weekblad The Economist onlangs. ASML-partner Intel is daar een van. Ook in dit opzicht zal Nederland het van buitenlands (menselijk) kapitaal moeten hebben.

Deze wisselcolumn stopt vier weken en wordt hervat op maandag 3 september.