Elektrische borstel hoort niet in vuilnis

Nederland produceert 400 miljoen kilo elektronisch afval per jaar. Veel daarvan verdwijnt in de vuilnisbak. „Consumenten moeten meer apparaten recyclen”

Even voorbij de kassa van het Gamma-filiaal in Den Bosch staan vier bakken. Een voor lampen, een voor batterij, een voor tl-buizen en een voor elektrische apparaten. De laatste is gevuld met een koffiezetapparaat, waterkoker, afstandsbediening en meer klein(er) elektronisch afval. Eenmaal in de drie maanden worden de bakken geleegd.

Sinds begin dit jaar heeft de klusketen bij alle vestigingen een inzamelwand ingericht. De dozen moeten het voor consumenten gemakkelijker maken om hun afgedankte elektronica in te leveren. Mede door dit soort initiatieven hopen producenten de inzamelpercentages de komende tijd fors op te schroeven.

Want dat is nodig. Nu wordt van het zogeheten e-waste nog 7,5 kilo hergebruikt en gerecycled. Dat is ongeveer 30 procent van de 23,7 kg e-waste die iedere Nederlander gemiddeld per per jaar weggooit. Daarmee voldoet Nederland aan de huidige eis: per inwoner moet 4 kilo e-waste worden gerecycled.

In 2004 is door Europa al bepaald dat de producenten verantwoordelijk zijn voor de bekostiging en de inzameling en verwerking van de in het afval terechtgekomen producten en materialen. De in Nederland opererende producentenstichtingen hebben zich verenigd in de NVMP. Die op haar beurt de uitvoering van het beleid weer uit handen heeft gegeven aan Wecycle.

De consument kan grofweg vier wegen bewandelen om zijn afgedankte apparaten kwijt te raken: afgifte bij een gemeentelijk milieustraat, achterlaten bij de detailhandel wanneer er nieuwe elektronica wordt aangeschaft, schenking aan een kringloopwinkel of de apparaten meegeven aan een schroothandelaar of deur-tot-deurverzamelaar.

Wecycle heeft met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een convenant gesloten over de afgifte van e-waste. Inmiddels hebben alle gemeenten afspraken gemaakt om het afval niet door te verkopen aan lucratievere opties als handelaren en exporteurs. Zij krijgen daarvoor 83 euro per ton afval. De overeenkomst was nodig omdat in 2009 uit VROM-inspecties was gebleken dat twaalf van de achttien onderzochte milieustraten hun e-waste deels verkochten aan niet-geregistreerde handelaren in met name oud-ijzer en metaal.

Ook met de detailhandel zijn door Wecycle afspraken gemaakt over het ophalen en verwerken van afgedankte elektronica. Grote winkelketens die apparaten voorsorteren in vier categorieën, ontvangen een onkostenvergoeding van 140 euro per ton. Dat geld komt van consumenten die op elektronische producten en lampen een verwijderingsbijdrage betalen. Alleen voor groot witgoed en koelkasten is deze zichtbaar, voor alle andere elektronica is deze bijdrage in de prijs verwerkt.

Detaillisten zijn niet verplicht elektronisch afval af te geven aan Wecycle. Dat mag ook aan schroothandelaren of inzamelaars, mits deze staan op de zogenaamde VIHB-lijst voor Vervoerders, Inzamelaars, Handelaren en Bemiddelaars in afvalstoffen. Momenteel zijn er dat 12.940. Ruim een kwart van alle jaarlijks in Nederland gegenereerde e-waste in Nederland wordt via deze weg verwerkt.

Er zijn ook opties buiten het reguliere producentensysteem. In een ketenonderzoek uit 2011 heeft het Landelijk Overleg Milieuhandhaving (LOM) in kaart gebracht wat de waarde is van afval. Neem een defecte koelkast. Wecycle betaalt een detaillist daar 6 euro per stuk voor. Verkoop aan handelaren levert vijf keer zoveel op. Wanneer een handelaar zijn koelkast doorsluist naar bijvoorbeeld Afrika, wordt er veertig tot 65 euro voor betaald.

Wecycle wil bewust niet met commerciële partijen concurreren. „De 83 euro per ton die we aan gemeenten betalen, is een kostendekkende vergoeding”, zegt directeur Jan Vlak. „Dat geldt ook voor het bedrag dat we aan detaillisten betalen. Wij beroepen ons vooral op de verantwoordelijkheid van de betrokken partijen om afval op een nette manier in te zamelen.”

Toch verdwijnt er ook een groot deel van het afval buiten het reguliere verwerkingscircuit. Enerzijds omdat de elektronica bij consumenten in de vuilnisbak belandt (jaarlijks 11 procent van de afgedankte apparaten), anderzijds doordat sommige (niet-geregistreerde) handelaren defecte apparaten illegaal exporteren naar bijvoorbeeld Ghana.

Van de 400 miljoen kilo e-waste die in 2010 vrijkwam in Nederland, verdween ongeveer 23 procent naar onbekende bestemming. Wat ermee gebeurt, is niet bekend. Door de douane werd in 2011 1,8 miljoen kilo e-waste onderschept, maar daarbij ging het om selectieve controles. Het LOM stelde in het ketenrapport dat de douane slechts „het topje van de ijsberg” zou vangen.

In de vernieuwde Europese richtlijn is ook vastgelegd dat winkelketens met een oppervlakte van minimaal vierhonderd vierkante meter verplicht oude elektronica moeten innemen, ook als daar niets tegenover staat. De NVMP wil dat uitbreiden naar alle winkels.

UNETO-VNI, de ondernemersorganisatie voor de elektrotechnische detailhandel, is tegen het plan. „Dit is geen oplossing voor het probleem dat consumenten te weinig kleine apparaten inleveren”, zegt Maurice Estourgie, manager detailhandel. „De consument neemt deze niet mee tijdens het winkel. Daarom zien we meer in een beter inzamelsysteem met goed bereikbare punten in gemeenten.”