'Een jaar studeren op de universiteit kost 15.000 euro'

De aanleiding

In zijn column ‘Jankstudeerders’ in nrc.next van 25 juli beweerde Arjen van Veelen: ‘Een jaar studeren op de universiteit kost ongeveer 15.000 euro, bij sommige studies zelfs meer.’ Direct stroomde onze mailbox vol, of we dit even konden nalopen.

Interpretaties

De kosten zijn niet eenvoudig te berekenen. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en de vereniging van universiteiten (VSNU) hebben in elk geval geen uitgesplitste berekening paraat. Dat dit zo ingewikkeld is, komt doordat elke universiteit eigen baas is. De kostenoverzichten zijn daardoor niet overal hetzelfde. Ook zijn veel kosten gedeeld, de onderwijskant en de onderzoekskant van de universiteit maken bijvoorbeeld beide gebruik van gebouwen en bibliotheek. Dat maakt een precieze uitsplitsing lastig.

Het instellingsgeld dat universiteiten vragen aan studenten van buiten de Europese economische ruimte (EER) is volgens het ministerie van OCW en de VSNU een goede graadmeter van wat een opleiding werkelijk kost. Voor deze studenten krijgen universiteiten namelijk geen overheidsbijdrage, het collegegeld dat deze mensen moeten betalen zou dus dekkend moeten zijn.

En, klopt het?

De bedragen die buitenlandse studenten moeten betalen verschillen enorm per universiteit en opleiding. Een bachelor in een alfa- of gammarichting kost voor een student van buiten de EER in Leiden 10.500 euro per jaar. In Rotterdam kun je voor 5.500 euro al klaar zijn. Bètabachelors zijn duurder dan alfa- en gammabachelors: tussen de 8.096 euro (Eindhoven en Delft) en 13.300 euro (Leiden). Medische bachelors zijn het duurst. In Groningen en Maastricht betaal je hiervoor 32.000 euro per jaar. Vrijwel overal zijn masteropleidingen duurder dan bacheloropleidingen. Als je goedkoop uit wil zijn, moet je een alfa- of gammamaster in Groningen gaan doen (7.500 euro per jaar). Dat de bedragen zo verschillen, ligt voor een deel aan praktische dingen. In Amsterdam zijn de gebouwen bijvoorbeeld duurder dan in andere delen van het land. En in Maastricht werken ze met kleinschaliger onderwijs.

In 2003 deed de universiteit Twente in opdracht van het ministerie van OCW onderzoek naar de kosten per jaar per student. De gegevens zijn verouderd, maar de verhoudingen tussen de bedragen zijn interessant. In hun berekening hielden de onderzoekers rekening met de grootte en samenstelling van de universiteiten. De kosten per bèta-student kwamen in het onderzoek uit 2003 twee keer hoger uit dan die voor alfa- en gammastudenten (10.800 euro versus 4.700 euro). De medische opleidingen waren zelfs vier keer duurder: 21.300 euro.

Ben Jongbloed, een van de onderzoekers van het onderzoek uit Twente, keek op verzoek van next.checkt nog eens naar de cijfers uit 2003 en maakte een grove update. Hij geeft aan dat in vergelijking met 2003 de kosten voor alfa- en gammaopleidingen en beta-opleidingen naar elkaar toe gekropen zijn. Dit komt volgens hem doordat de kosten voor laboratoria daalden: ze gingen daar meer met computers en simulaties werken. En het gammaonderwijs heeft juist kleinschaliger onderwijs gekregen, waardoor het iets duurder werd. In zijn schatting nam Jongbloed de eerdere onderzoeksresultaten en de inflatie mee, met het instellingsgeld als uitgangspunt. Gemiddeld schat hij de jaarlijkse kosten per student per opleidingsrichting als volgt:

Bachelor:

Alfa/gamma: 5.500 – 8.000 euro

Bèta: 8.500 – 11.000 euro

Medicijnen: 10.000 – 20.000 euro

Master:

Alfa/gamma: 8.000 – 14.000 euro

Bèta: 10.000 – 18.000 euro

Medisch: 20.000 – 30.000 euro

Niet-uitgesplitst per studierichting is er een grof gemiddelde te benoemen. Het totale bedrag dat het ministerie van OCW bijdraagt aan universitair onderwijs gedeeld door het totaal aantal studenten aan universiteiten komt ongeveer uit op 6.000 euro per student, zo blijkt uit de Rijksbegroting van 2012 en de website van de VSNU. Studenten leggen zelf het wettelijk collegegeld van 1.771 euro in. In totaal kost een student dus gemiddeld 7.771. Of dit geld ook voor de bekostiging van universiteitsgebouwen en dergelijke is bedoeld, is niet duidelijk.

Conclusie

In de afgelopen tien jaar is er geen onderzoek geweest naar de kosten per student per studierichting. De rekensom is ook niet zomaar te maken, omdat universiteiten lastig te vergelijken zijn. Maar alle schattingen blijven voor de meeste studies ver onder de 15.000 euro, het geschatte gemiddelde komt uit op 7.771 euro. Wel zijn er enkele studierichtingen die (veel) meer dan die 15.000 euro kosten. Wij beoordelen de stelling dat ‘een jaar studeren aan de universiteit ongeveer 15.0000 euro kost’ al met al als grotendeels onwaar.