ECB belooft in te grijpen als Spaanse en Italiaanse rentes blijven stijgen

De Europese Centrale Bank grijpt mogelijk opnieuw op grote schaal in op de obligatiemarkten als de Spaanse en Italiaanse rentes tot onhoudbare hoogtes stijgen. Dat heeft ECB-president Draghi vanmiddag gezegd op een persconferentie in Frankfurt.

ECB-president Draghi zei vanmiddag dat de centrale bank ingrijpt op de obligatiemarkt als de rentes van Spanje en Italië blijven stijgen. Foto Reuters / Alex Domanski

De Europese Centrale Bank is bereid opnieuw staatsobligaties te kopen van probleemlanden in de eurozone als die landen noodsteun hebben aangevraagd bij het tijdelijke noodfonds EFSF. Dat heeft ECB-president Mario Draghi vandaag gezegd op de persconferentie in Frankfurt na het maandelijkse rentebesluit.

Volgens Draghi is dit een acceptabel middel. Landen die steun krijgen van het EFSF worden door gedwongen een akkoord te tekenen waarin ze beloven te hervormen en te bezuinigen. De ECB loopt dus niet het risico dat de landen die ze op de obligatiemarkt steunt opeens de noodzaak van bezuinigen niet meer in zien omdat hun rentekosten weer gedaald zijn. Ook zei Draghi dat de ECB altijd het recht behoudt om niet te interveniëren, ook al heeft een land noodsteun gekregen. Ingrijpen van de ECB is dus geen automatisme.

In de praktijk is de zet van de ECB een antwoord op het pleidooi van de Italiaanse premier Monti. Hij was deze week op een tour langs Europese hoofdsteden om steun te zoeken voor verlichting van de druk van Italië op de obligatiemarkt. Draghi zegt tegen Monti dat de ECB wel degelijk bereid is tegemoet te komen en via obligatieaankopen de rente te drukken, maar dat Italië dan wel officieel noodhulp moet aanvragen.

Beleggers reageerden teleurgesteld op de aankondiging van Draghi. Vorige week had hij in Londen op een toespraak gezegd dat de ECB er binnen het mandaat alles aan zou doen om de euro te steunen. Beleggers tekenden daar uit op dat de ECB met grote middelen zou komen, zoals het massaal en onbeperkt opkopen van staatsobligaties of een nieuwe ronde miljardensteun aan de Europese banksector.

Opkopen staatsleningen geen wondermiddel gebleken

Het opnieuw opkopen van staatsobligaties door de ECB is overigens geen wondermiddel, schreef onze economieredacteur Melle Garschagen gisteren in NRC Handelsblad:

“Het opkopen van lopende staatsleningen is een duur en weinig effectief middel gebleken. De ECB heeft inmiddels 220 miljard aan staatsobligaties gekocht, maar kon niet voorkomen dat de rentelasten voor Griekenland, Ierland, Portugal, Spanje, en Italië verder stegen.”

Los van de effectiviteit bestaat er binnen het ECB-bestuur ook veel weerstand tegen het opkopen van obligaties, aldus Garschagen:

“Het kopen van nieuwe staatsleningen is volgens artikel 123 van het Europees Verdrag verboden. Dat is directe financiering van staatschulden, vinden hardliners als Jens Weidmann van de Bundesbank en Klaas Knot van De Nederlandsche Bank. Hetzelfde artikel zou het onmogelijk maken de noodfondsen te steunen.”

‘Eurolanden moeten met grote vastberadenheid blijven hervormen’

Draghi benadrukte vanmiddag na het ECB-beraad dat het aan de Europese politici is om de eurocrisis daadkrachtig te bestrijden. Hij riep de eurolanden ook op het noodfonds voor de euro zo in te richten dat het ook staatsleningen van probleemlanden kan opkopen. Ook moeten probleemlanden volgens Draghi “met grote vastberadenheid” verder gaan met het doorvoeren van hervormingen. Het europroject is “onomkeerbaar”, benadrukte Draghi.

Eerder vanmiddag maakte de ECB bekend de rente te handhaven op 0,75 procent. De ECB verlaagde de belangrijkste rentestand begin juli met een kwart procentpunt tot 0,75 procent. Het was voor het eerst sinds de invoering van de euro dat de ECB de rente tot onder de één procent verlaagde. Bovendien is 0,75 procent het laagste renteniveau ooit. Een laag rentepercentage kan betekenen dat banken, bedrijven en consumenten goedkoper kunnen lenen.