Britse oliemaatschappij BP staat er slecht voor

Wat een tegenvaller. De slechte cijfers van BP over het tweede kwartaal van dit jaar lijken de bekroning van een teleurstellend rapportageseizoen voor ‘s werelds grote oliemaatschappijen. De gemankeerde productie in de voor BP zo belangrijke Golf van Mexico heeft bijgedragen aan het nettoverlies van 1,4 miljard dollar over deze periode. Maar het Britse concern had het ook moeilijk in Rusland en moest grote bedragen afschrijven op de Amerikaanse schaliegaswinning, raffinage en een afgestoten project in Alaska. Ook al zijn dit voor het grootste deel eenmalige lasten, er zijn momenteel weinig redenen te bedenken om in BP te beleggen.

De omvang en reikwijdte van de tegenvallers zijn schadelijk voor de pogingen van BP om zijn geloofwaardigheid te herwinnen onder beleggers, na de ramp met de Macondo-bron in 2010. Exclusief 5 miljard dollar aan eenmalige lasten, is de onderliggende winst vóór belastingen ruim onder de maat gebleven. De prestaties waren zwak op alle gebieden.

Niet alle slechte cijfers hadden een verrassing hoeven zijn. Vorige week bleek de Russische joint-venture TNK-BP, waarvan BP 50 procent in handen heeft, al niet te voldoen aan de verwachtingen van analisten. Een groter dan verwachte tegenvaller bij gepland onderhoud in de Golf van Mexico, waar BP doorgaans zijn grootste winst vandaan haalt, weerspiegelde eerdere teleurstellingen bij Shell. Deze tegenvallers deden zich voor ondanks het feit dat beide bedrijven duidelijk hadden aangegeven wat ze van plan waren. Dit duidt erop dat de analisten moeite hebben met het inschatten van de kosten van onderhoud op open zee.

BP zegt nog steeds op koers te liggen voor een verbetering van de operationele kasstroom met 50 procent tussen 2011 en 2014, waarbij de vaart weer in de winstcijfers zou moeten komen vanaf 2013. Maar beleggers hebben intussen weinig om zich aan vast te houden. De verliezen bij de schaliegaswinning duiden erop dat BP te veel heeft betaald om een graantje van mee te kunnen pikken van de boom in deze sector. De afschrijving op het afgestoten Liberty-project in Alaska onderstreept de moeilijkheid van het nastreven van technisch ingewikkelde groeiprojecten op lastig bereikbare plekken. BP heeft zelfs een voorziening vóór belastingen van 847 miljoen dollar voor de kosten getroffen die voortkomen uit het Macondo-debakel, wat de sluimerende onderzekerheid benadrukt over de uiteindelijke kosten van de ramp in de Golf van Mexico uit 2010.

BP is niet de enige grote oliemaatschappij die de schattingen van analisten niet heeft bewaarheid, of die grote afschrijvingen heeft moeten doen op noodlijdende bezittingen. Maar omdat de donkere wolk van Macondo nog steeds niet is verdwenen en de toekomst van het concern in Rusland onduidelijk is, heeft geen ander concern zoveel te bewijzen als BP.

Vertaling Menno Grootveld