Reacties op artikel van co-assistent in praktijk huisarts

Co-assistent Emma Bruns schreef over haar ervaringen in een huisartsenpraktijk, dinsdag 24 juli 2012 op de paginas Mens&. Hieronder de binnengekomen reacties:

 

Cora Duin, Amsterdam: Zo’n halve eeuw geleden heersten artsen nog als Goden over leven en dood. In het artikel ‘Huisarts lost alles op wat vanzelf over gaat’ (NRC, 24-7) beschrijft Emma Bruns mensen, die op het spreekuur van de huisarts komen, als treurige types die aan eenzaamheid lijden. Mensen, die als verzetje de huisarts bezoeken.

Hoe kan iemand die co-schappen loopt zo hoog van de toren blazen? Nadat de huisarts enigszins uit zijn ivoren toren werd getreiterd door de maatschappelijke veranderingen kreeg de patiënt meer mogelijkheden. De huisarts werd iemand waar je met vragen heen kon gaan als je niet meer wist wat te doen. Iemand die het gezin kende en zo ook de voorkomende ziektes behandelde. Ook psychisch leed.

Zo zou het behoren te zijn. Ik heb jarenlang gewerkt bij een telefonische lijn waar mensen hun vragen konden stellen. Vaak ging het over medische klachten die totaal door de huisarts genegeerd werden, ze zochten hun heil maar in alternatieve geneeswijze.

Emma Bruns laat ze in de kou staan met haar filosofietje dat je eens moet denken wat je grootmoeder gedaan zou hebben. Die grootmoeder ging of keurig op tijd dood of ze keerde en smeerde maar omdat ze doodsbenauwd was de arts lastig te vallen.

 

Justine Pardoen, hoofdredacteur Ouders Online: Uw klaagzang over patiënten die nodeloos het spreekuur van de huisarts bezoeken, is vertederend. Ik herken de jonge, bevlogen adolescente, arts in opleiding, die trappelt om haar kennis te gebruiken met de grootst mogelijke efficiëntie. U heeft alleen niets begrepen van de functie van de huisarts in onze samenleving. Juist de huisarts voorkomt dat de kosten in de gezondheidszorg nog harder stijgen, door als poortwachter te selecteren wanneer er meer onderzoek nodig is en wanneer niet. Want waarschijnlijk is het precies zoals u zegt: gemiddeld zal dat slechts in 2 van de 20 gevallen moeten gebeuren. Maar hoe kom je zover? Niet door iedereen van overdreven zorgen of luiheid te betichten.

De juiste diagnoses stel je niet door alleen als een detective te kijken naar trouwringen en tekenen van bloedarmoede zoals u zegt, maar vooral door de mens te leren kennen die uw spreekkamer binnenloopt. Door ervaring, het maken van fouten, en een flinke hoeveelheid mensenkennis bent u straks in staat om een goede huisarts te zijn. Daarbij gaat het niet alleen om goede diagnoses stellen, maar vooral ook te ontdekken wat de mens achter de patiënt nodig heeft. U legt dan niet alleen uit waarom antibioticum geen zin heeft bij een virus, maar u vraagt ook even door naar hoe het verder eigenlijk gaat met de hardwerkende man die met keelpijn om een medicijn kwam vragen. Zolang de man teleurgesteld uw kamer verlaat, heeft u uw werk dus niet goed gedaan.

Ondertussen krijgen patiënten die met hun overdreven zorgen bij u komen, ook nog een sneer: “hoor je hoefgetrappel, dan denk je toch ook niet als eerste ‘dat is een zebra’?” Nou, wel als ik zojuist een zebra voorbij heb zien komen, natuurlijk. Vraag je dan dus af: wat is er gebeurd in het leven van de vrouw die bij u komt met hoofdpijn? Is haar moeder gestorven aan een hersentumor? Is ze misschien depressief? Gaat het slecht in haar huwelijk?

Ik ben geen huisarts, hoor. Dus wat weet ik er verder van? Maar ik ben wel een patiënt, moeder, echtgenote, dochter, buurvrouw, vriendin, en vrouw met al een hele geschiedenis. En gelukkig ook met een goede huisarts, die begrijpt dat het geen gemakzucht of “diepgeworteld individualisme” is als ik mijn zorgen bij hem neerleg. Ook heb ik jaren ervaring met de ondersteuning van mensen die via Ouders Online op zoek waren naar iemand die wilde luisteren naar hun zorgen. Wij stellen nooit diagnoses, maar ik durf te zeggen dat wij de samenleving een hoop bespaard hebben door te voorkomen dat mensen onnodig gebruik maakten van de gezondheidszorg.

Huisarts zijn is een vak. Het stellen van diagnoses is niet zoals u zegt als ‘het zoeken van een naam in een telefoonboek’, maar als het voeren van een telefoongesprek! Met handicaps een gesprek aangaan met de mens aan de andere kant van uw tafel. U heeft daar duidelijk geen zin in. U wilt zinvol bezig zijn en uw roeping ligt niet in het omgaan met mensen. U wilt genezen, u kijkt eigenlijk uitsluitend met een materialistisch oog naar patiënten. Misschien bent u straks wel het beste op uw plek als onderzoeker, en grote kans dat u met uw passie en werklust iets moois ontdekt wat statistisch gezien echt werkt. Ik hoop in ieder geval dat u geen huisarts wordt.

M.H. Poucki, Veghel: Tendentieus. Dat is het woord wat ik zou willen gebruiken voor het stuk wat ik gisteren in de NRC las met als titel ‘Huisarts lost alles op wat vanzelf over gaat’. Als ik het goed begrijp, is mevrouw Bruns een co-assistent en had ze waarschijnlijk verwacht dat ze een volledig spreekuur zou draaien met mensen met chronische aandoeningen als diabetes, COPD, hartfalen en als toetje wat terminale kankerpatiënten. Om zo denigrerend over een mooi en breed vak te schrijven als je, zoals het hoort als co, slechts wat bovenste luchtweginfecties en als je geluk hebt wat aandoeningen van het bewegingsapparaat ziet, lijkt me erg arrogant. Om in de inleiding dan te schrijven dat ze zich zorgen maakt om de zorguitgaven schiet me helemaal in het verkeerde keelgat: voor slechts 4% van het zorgbudget lossen de huisartsen ongeveer 96% van de zorgvragen op, zo blijkt uit meerdere berekeningen. Het lijkt me goed dat ze eens een week de huisartsgeneeskunde in volle omvang ziet alvorens ze een voldoende behaalt voor haar co-schap. Ze is welkom.

Albert Appelo, Groningen: Het cynisme (of de vermoeidheid?) waarmee medicus Emma Bruns zorgvragers bij de huisarts afwaardeert tot ‘zorgvragers’ tussen aanhalingstekens, en de door haar gestelde vraag waarom mensen daarheen komen met vragen die we vroeger aan onze moeder stelden (Mens&, 24 juli), roepen bij mij de vraag op, of ze colleges gehad heeft, en opgelet.

Een goede vrouwelijke huisarts meldde mij twintig jaar geleden al: ja, inderdaad, het vervangen van moeder (, vader, zus, oma, huisgenoot) als vraagbaak bij zulke kleine dingetjes, is óók de taak van de huisarts.

Als die taak Emma mateloos irriteert, of onzeker maakt, zie ik een compatibiliteitsprobleempje. Leg dus in 98 van de honderd consulten de (eenzame) patiënt geduldig en begripvol uit, dat hem/haar niks ergs mankeert. En zet je wekkerradio op Radio 4.

 

Dr Eelke Sietsma, voormalig huisartsopleider: Amper begonnen aan haar carrière, is huisarts in opleiding (hao) Bruns verbaast dat mensen met een snotneus naar de huisarts gaan. Geen wonder dat de kosten van de gezondheidszorg de pan uit reizen is haar conclusie.

Mijn eerste reactie: deze hao zal nog veel gaan leren. Pas na 10 á 15 jaar ervaring  in de reguliere huisartspraktijk heb je het natuurlijk beloop van ziekten zodanig meegemaakt dat je veel van de problemen zelf afhandelt.
De ervaren huisarts ‘ziet’ niet alleen maar snotneuzen, waarschijnlijk zal Bruns er snel achterkomen dat deze reden om naar de huisarts te gaan, niet  vaak voorkomt en inderdaad  op het eerste gezicht als vrij banaal kan worden afgedaan.  Gaandeweg zal ze meer geïnteresseerd raken in de werkelijke reden van mensen om de huisarts te raadplegen.
Om vanuit haar huidige perspectief opmerkingen te maken over de kosten in de gezondheidszorg is naïef.  Pas als je geruime tijd in de gelegenheid bent geweest om te ervaren hoe de gezondheidszorg functioneert - en dan doel ik niet alleen op de consument maar ook op de professionals – kun je hierover een mening vormen.

Opmerkelijk is het dat de effecten van invoering van reguliere werktijden, ondersteuning en het werken in groepsverband door huisartsen, zo weinig zijn onderzocht. Dan heb ik het nog niet eens  over de ingrijpende veranderingen in de beroepsgroep zoals feminisering en de daaruit voortvloeiende behoefte aan parttime werken.
Dat deze ontwikkelingen het beroep van de huisarts hebben veranderd – een proces wat nog doorgaat – lijkt mij duidelijk. Of dit invloed heeft op de kwaliteit is een moeilijk te beantwoorden vraag,  wel lijkt dit bij te dragen aan de kostenstijging in de gezondheidszorg.

 

Bram de Wit, huisarts in Heerlen: Heerlijk zo’n lekker weglezertje Twee pagina’s breed in de NRC op dinsdag de 23e jl.. Een Co-assistent in de huisartspraktijk die het VVD beeld bevestigt dat de huisarts een magneet is voor mensen met snotneuzen, debiele niemandalletjes, truttige trivialiteiten. Overgevoelige consumentistische teennagelstaarders. Dat gaat naar de huisarts! Echt een verademing na de eerdere blunder van de NRC.  Toen een neurochirurg via zijn redacteursvrouwtje zich van de hoofdredacteur mocht richten tot het Nederlands publiek. Om het publiek gerust te stellen.  Ik miste de kleurenfoto’s, de intieme doorkijkjes in het leven van Henk en Ingrid, Ingrid die vooral hoofdpijn heeft en scans eist omdat  in dat kleine hoofd alleen nog plek kan zijn voor een tumor. Ik verheugde me al op een uiteengesponnen verhaal over ongerustheid en de ongemerkte overgang naar hysterie, aanstellerigheid en verveling. Dat wordt de NRC van de toekomst!!! De Telegraaf voor de zorg , een drempelloze spreekbuis voor onbenullen. Een krant zo onbenullig als de mensen in de wachtkamer van de onbenullige huisarts.  Kom eens langs in een praktijk waar de niemandalletjes allang tot het verleden behoren. Schaam je voor de nieuwe stijl van berichtgeven!
 
 

R.M. Ulmann, apotheker, Wolfheze: In de NRC van 24 juli, wordt gesteld dat het bij verkoudheid raadzaam is neusdruppels of -spray met xylometazoline te gebruiken. Dit is beslist niet aan te raden. Het lopen van de neus -een afweer van het lichaam- zorgt er namelijk voor dat schadelijke bacteriën er zo snel mogelijk uitlopen. De xylometazoline zorgt voor het tegendeel. Als druppels of spray al worden aangeraden dan die met uitsluitend fysiologisch zout. Anders spant men het paard achter de wagen, rmu apotheker

 

 

Ir L Weide: Bij wijze van tegengif  moge ik u verwijzen naar de home-page van mijn website ergoyou.com. Mocht u liever geloof hechten aan medische ´evidence based´-verklaringen, dan verwijs ik u naar de pagina ‘terug bij af’ op www.ergoyou.com/verantwoording/terug_bij_af.html