Moderne tijd begon 20.000 jaar eerder in Zuid-Afrika

Jager-verzamelaars in Zuid-Afrika gebruikten ruim 40.000 jaar geleden al pijl en boog in plaats van speren. Dat is 20.000 jaar eerder dan eerder werd berekend. Het betekent dat ze veel vroeger de ‘moderne leefstijl’ van de Late Steentijd aannamen. Misschien konden ze zelfs al tellen, pijlpunten in gif dopen en lijm van bijenwas maken.

Dit blijkt uit koolstofdateringen van organische werktuigen zoals benen pijlpunten en andere resten, die zijn gevonden in de Zuid-Afrikaanse Bordergrot. „De werktuigen tonen de technologische vernieuwingen uit de Late Steentijd, zoals het gebruik van pijl en boog in plaats van speren”, schrijft eerste auteur Paola Villa in het artikel dat gisteren is verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS.

De mensheid, die ongeveer 200.000 jaar geleden in Afrika ontstond, maakte pakweg 100.000 jaar daarna een eerste technologische sprong voorwaarts. Daarvan zijn de oudste sporen gevonden in Zuid-Afrika, zoals een ‘verffabriekje’ voor oker (100.000 jaar oud) en vernuftige stenen werktuigen naast versierde stukjes oker (75.000 jaar). De werktuigen uit de Late Steentijd, die zijn gevonden in de Bordergrot, werden echter een stuk jonger geschat, namelijk op zo’n 20.000 jaar. Wat is er in de tussenliggende tijd gebeurd?

Daarvan geven Villa en collega’s nu een veel scherper beeld met hun dateringen. De werktuigen, waarvan sommige meer dan 50.000 jaar oud blijken te zijn, tonen een geleidelijke overgang naar de Late Steentijd die 42.000 jaar tot 44.000 geleden begonnen moet zijn. In dezelfde periode koloniseerden moderne mensen Europa na hun vertrek uit Afrika.

Waar de ‘Europeanen’ in die tijd grottekeningen en beeldjes begonnen te maken, kenden de ‘Zuid-Afrikanen’ andere innovaties. Dat blijkt uit een ander artikel dat gisteren is verschenen in PNAS, De auteurs daarvan stellen overeenkomsten vast tussen de vondsten en de technieken van de San, een hedendaags jager-verzamelaarvolk in Zuid-Afrika.

De ingekeepte beenderen in de grot lijken bijvoorbeeld sterk op die waarmee de San tellen. Hetzelfde geldt voor de benen priemen, de ‘lijm’ van bijenwas, de krassen in de pijlen die de eigenaar markeren en de in gif gedoopte pijlpunten die het mogelijk maakte ook grote dieren te doden.