De vrouwen verdrinken eerst

‘Vrouwen en kinderen eerst’. Het klinkt mooi, maar bij grote scheepsrampen was het vaak ‘ieder voor zich’. En dan winnen de kapitein, de bemanning en de mannen.

Bij grote scheepsrampen met veel slachtoffers sterft gemiddeld driekwart van de vrouwelijke passagiers. Dat is veel meer dan de tweederde van de mannen en ruim eenderde van de bemanning die het leven laten tijdens zo’n ramp. En meer dan de helft van de kapiteins overleeft de ondergang van hun eigen schip.

Alleen op de Titanic waren vrouwen en kinderen beter af. Bijna driekwart van de vrouwelijke passagiers en ruim de helft van de kinderen overleefden deze ramp. Van de mannen overleefde krap eenvijfde.

De Titanic was een uitzondering, schrijven twee Zweedse economen van Uppsula Universitet vandaag in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences. Zij verzamelden de gegevens van achttien schipbreuken die tussen 1852 en 2011 plaatsvonden. In totaal waren er 15.000 passagiers en bemanningsleden aan boord. De economen zochten naar het antwoord op een simpele vraag: wie overleefde, en wie niet?

Zulke overlevingsanalyses zijn al eens eerder gemaakt, van de Titanic en van de Lusitania, een Britse oceaanstomer die in 1915 door een Duitse U-boot werd getorpedeerd. Bij de Titanic overleefden relatief meer vrouwen, bij de ondergang van de Lusitania meer mannen.

Onderzoekers suggereerden toen dat de snelheid waarmee beide schepen zonken het verschil maakte: het duurde bijna drie uur voordat het achtersteven van Titanic onder de golven verdween, terwijl de Lusitania in minder dan twintig minuten zonk. Op langzaam zinkende schepen zouden bemanning en passagiers de ongeschreven zeewet ‘vrouwen en kinderen eerst’ volgen. Zinkt een schip snel en is er paniek, dan zou het ‘ieder voor zich’ zijn.

Maar de twee Zweden halen die verklaring onderuit. De Titanic was een uitzondering. In de regel maakt het niets uit hoe snel een schip zinkt: vrouwen zijn altijd in het nadeel.

De verklaringen die de economen daarvoor opperen, liggen voor de hand. Mannen zijn sterker. Ze bewegen zich sneller door de gangen en trappen van een gekapseisd schip, en kunnen beter zwemmen. Bovendien zijn mannen gemiddeld agressiever en competitiever dan vrouwen.

Sinds het einde van de Eerste Wereldoorlog is het lot van vrouwen wel verbeterd. Met de toenemende emancipatie van vrouwen, nemen ook hun overlevingskansen in noodsituaties toe, schrijven de economen. Vrouwen kunnen tegenwoordig ook zwemmen, en dragen bovendien comfortabeler kleding dan in de negentiende eeuw.

Britse hoffelijkheid is tijdens een scheepsramp ver te zoeken. Vrouwen op Britse schepen waren zelfs slechter af dan de vrouwen die op niet-Britse schepen meevoeren. „Dat is strijdig met de opvatting dat Britse mannen galanter zijn dan mannen van andere nationaliteiten”, schrijven de economen droogjes.

De twee wijzen op de grote invloed die een leider in noodsituaties kan uitoefenen. Op schepen waar de kapitein het bevel ‘vrouwen en kinderen eerst’ gaf, zoals de Titanic, namen de overlevingskansen van vrouwen gemiddeld met 10 procent toe. „Het beleid van de kapitein, en niet de menselijke moraal, bepaalt of vrouwen ten tijde van een schipsbreuk een voorkeursbehandeling krijgen of niet”, concluderen de onderzoekers.