'Vier miljoen Nederlanders doen aan hardlopen'

De aanleiding

Gratis dagblad Metro pakte afgelopen woensdag groot uit met nieuws over hardlopen. De krant plaatste een foto op de voorpagina en een groot artikel op pagina 2. „Zo’n vier miljoen Nederlanders doen aan hardlopen”, staat erin. Een van onze lezers, zelf fervent amateurloper, leek het nogal veel. „Dat is bijna een op de vier, inclusief baby’s en bejaarden.” next.checkt zocht uit hoe het zit.

Waar is het op gebaseerd?

Het getal van 4 miljoen haalde de desbetreffende Metro-redacteur uit het rapport De tweede loopgolf, door het Mulier Instituut opgesteld in opdracht van de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie (KNAU) in 2006. Op de website van de KNAU, onder het kopje ‘loopsport’, is eveneens te lezen dat „maar liefst 4 miljoen Nederlanders lopen”.

En, klopt het?

In het rapport De tweede loopgolf schrijven de onderzoekers dat de loopsportmarkt in Nederland kan worden geschat op 3,9 miljoen mensen, grofweg vier miljoen dus. De onderzoekers baseren zich op cijfers uit het Aanvullend Voorzieningengebruikonderzoek (AVO) dat het Sociaal en Cultureel Planbureau uitvoerde in 2003. De vraag uit het AVO waar de bewering op is gestoeld, luidt: „Wilt u hieronder aangeven welke sporten u in de afgelopen 12 maanden heeft beoefend?” Dan volgt een lijst van sporten waar de respondent kan aanvinken wat hij het afgelopen jaar allemaal heeft gedaan.

12 procent van de groep ondervraagden (die bestaat uit ongeveer 6.800 mensen tussen de 6 en 79) zette een vinkje bij ‘hardlopen, joggen, trimmen’. Hoe vaak deze 12 procent precies hardloopt/jogt/trimt is niet gevraagd – dat kan eens per jaar zijn, maar ook vier keer per week.

Stel dat wij in deze factcheck meegaan met deze zeer ruime definitie van ‘aan hardlopen doen’ – iedereen die eens per jaar of vaker een rondje rent hoort erbij – dan komen wij met 12 procent lang niet uit op 4 miljoen mensen. De totale Nederlandse bevolking bestond ten tijde van het onderzoek uit 16,2 miljoen mensen. In het AVO zijn alleen mensen tussen de 6 en 79 jaar ondervraagd. Wanneer we de kinderen van 5 jaar en jonger en de ouderen van 80 jaar en ouder niet meerekenen, komen we uit op 14,6 miljoen mensen. 12 procent daarvan is ongeveer 1,8 miljoen mensen. Dat zijn dus de mensen die volgens deze zeer ruime definitie aan hardlopen doen. Ook bij 12 procent van de totale bevolking met alle leeftijden, zijn dat maar 1,9 miljoen mensen – dat komt niet in de buurt van de 4 miljoen.

De crux zit hem in de definitie. Onder de loopsport verstaan de onderzoekers uit het rapport waar Metro zich op baseert behalve hardlopen, joggen en trimmen ook activiteiten als sportief wandelen, nordic walking, crossloop en weg- en baanatletiek. Van al deze activiteiten zijn de percentages, waarbij de ondervraagden zeiden het minstens eens per jaar te beoefenen, meegenomen en gewogen, omdat er vermoedelijk overlap tussen de groepen zit. Hoe die weging precies in elkaar zit, vertelt het rapport echter niet.

Hoeveel mensen doen dan wél aan hardlopen?

De KNAU verwijst ons voor het antwoord op deze vraag naar het rapport Evenementlopers in beeld uit 2009, waarin staat dat 18 procent van de Nederlanders aan hardlopen doet. Ook dat cijfer is weer afkomstig uit het AVO, uit de meest recente versie van 2007. Daarin gaf 18 procent aan minstens eenmaal per jaar aan hardlopen te doen.

Over de definitie wat ‘aan hardlopen doen’ betekent, valt te twisten. We zouden kunnen stellen dat een keer per jaar hardlopen niet betekent dat je ook daadwerkelijk een hardloper bent. Ander onderzoek, de Sportersmonitor van het Mulier Instituut, laat zien dat 31 procent van de representatieve steekproef van 4.000 ondervraagden een sporter is. Zij sporten 12 keer of vaker per jaar. In de laatst uitgewerkte versie van het onderzoek, uit 2008, gaf 11 procent van de ondervraagden tussen de 6 en 79 aan 12 keer of meer per jaar aan hardlopen, joggen of trimmen te doen. Vertaald naar heel Nederland zijn dat ongeveer 1,6 miljoen mensen.

Conclusie

Gratis dagblad Metro schreef vorige week dat 4 miljoen mensen aan hardlopen doen. Dat getal is afkomstig uit een rapport dat de volledige loopsport bekijkt, niet alleen hardlopen. ‘Sportief wandelen’ en nordic walking zijn daarin bijvoorbeeld ook meegenomen. Het getal klopt dus niet. Volgens het recentste onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau doet 18 procent – 2,7 miljoen mensen – eens per jaar of vaker aan hardlopen. Deze definitie van hardlopen is dus zeer ruim. Uit een ander onderzoek, de Sportersmonitor, blijkt weer dat 11 procent van de Nederlanders – oftewel 1,6 miljoen mensen – hardloopt. Hoe dan ook komt geen enkel onderzoek in de buurt van het door Metro gestelde aantal. Daarom beoordeelt next.checkt de stelling dat „4 miljoen mensen aan hardlopen doen” als onwaar.