Jurk of spijkerbroek, 'hoer' is het toch wel

Een documentaire over seksistische opmerkingen van mannen op straat in Brussel leidt tot ophef in België. In de film zijn allochtone mannen mannen te zien. Is dit een cultureel probleem?

Na de zomer wordt het strafbaar om in Brussel seksistische opmerkingen te maken op straat: je kunt er een boete van 250 euro voor krijgen.

De wethouder voor Toerisme in Brussel kwam daar eind vorige week mee. In zijn stad was net de première geweest van de documentaire Femme de la Rue over seksisme in Brusselse wijken. De film werd ook uitgezonden op televisie en leidde meteen tot felle discussies.

De wethouder zei ook dat het moeilijk zou worden om daders op heterdaad te betrappen. Maar dat vond hij geen reden om het niet te proberen – zo kort vóór de gemeenteraadsverkiezingen (in oktober) kun je als politicus niet stevig genoeg zijn.

Filmmaakster Sofie Peeters, die de documentaire maakte als eindwerkstuk voor de filmacademie, had zelf in de Brusselse binnenstad rondgewandeld met een camera in een balpen. Ze had een vriend gevraagd om achter haar aan te lopen met een camera die niet verborgen was.

Mannen, altijd allochtonen, fluisterden naar haar of ze riepen haar na. Soms liepen ze met haar mee, vroegen om haar telefoonnummer en lieten zich maar met moeite afpoeieren. „Noem me je prijs, schatje” of „Hoer!” en „Slet!” als ze zich beledigd voelden door de afwijzing.

Sofie Peeters ging ook de straat op in een spijkerbroek en vest om te zien of het dan beter ging dan in een jurk. Maar nee.

Ze interviewde andere vrouwen over hun ervaringen, ook allochtone vrouwen, en ze praatte met de mannen zelf (die ze onherkenbaar in beeld bracht). „Maar jij wilt toch zeker wel dat we je het gevoel geven dat je een vrouw bent?”

Het Vlaamse nieuwsprogramma Ter Zake zond de documentaire uit. In de studio maakte de Brusselse filmmaker Hassan Rahali, die ook actief is voor de Vlaamse sociaal-democraten SP.A, zich daarna kwaad over de suggestie dat seksisme op straat vooral een cultureel bepaald probleem was. Het ging volgens hem over „houding en opvoeding”. Hij noemde daarbij zelfs de Belgische kindermoordenaar en verkrachter Marc Dutroux: „Dan kun je toch ook niet zeggen: ‘Alle blanken zijn pedofiel?’ ”

Maar de burgemeester van Mechelen, die ook in de studio was, de Vlaamse liberaal Bart Somers, vond dat „man en paard” genoemd moesten worden: hij kende zelf wel „mensen met een moslimovertuiging” die correct met vrouwen omgingen. „Maar er is een probleem. Het gaat om gebrek aan respect en een totaal verknipte kijk op de relatie man-vrouw.”

De Vlaamse schrijver en stand-upcomedian Joost Vandecasteele noemt de ophef vandaag in De Standaard „de perfecte storm”. Eerder was er opschudding over de moord in Luik op een homo van Marokkaanse afkomst en er waren recent heftige discussies over seksuele intimidatie door politici en vroegere televisiepresentatoren. „Het is een ideaal vertrekpunt voor een ruim debat.”

Maar volgens Vandecasteele mislukt dat. „Links reageert voorspelbaar defensief, rechts claimt Femme de la Rue schaamteloos om gewoon racistisch uit de hoek te komen.”

Minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet zei na de uitzending dat er in het najaar een nieuwe wet komt om seksisme tegen te gaan, met misschien ook de invoering van boetes. Maar nog niet alle partijen in de regering zijn ervan overtuigd dat het zal helpen. Ook filmmaakster Sofie Peeters ziet er niets in, zei ze tegen journalisten. „Je kunt zo’n man moeilijk meenemen naar het politiebureau en hem vragen om nog eens te herhalen wat hij net naar je riep.”

Petra de Koning