Hoop op snellere groei VS misplaatst

Het Amerikaanse bruto binnenlands product (bbp) is het afgelopen kwartaal met een weinig inspirerende 1,5 procent op jaarbasis gegroeid, hoewel het begeleidende rapport met de eerste schatting van de toekomstige groei positieve details omvatte.

Intussen duiden de bijstellingen voor eerdere jaren erop dat de Verenigde Staten traag maar gestaag uit de recessie van 2009 zijn geklommen. De beleidsmakers zouden misschien graag zien dat het anders was, maar zullen zich moeten aanpassen aan het nieuwe ‘normaal’.

De herzieningen hebben het groeipad van de afgelopen jaren gladgestreken. Het lijkt erop dat de recessie van 2009 iets minder diep was dan aanvankelijk werd verondersteld, terwijl de voor 2010 voorspelde economische groei van 3 procent 0,6 procentpunt te optimistisch was. Kortom, het herstel is de hele tijd behoorlijk bloedeloos geweest.

Niettemin waren delen van het rapport over het tweede kwartaal positief van aard. De investeringen buiten de vastgoedsector stegen met 5,3 procent op jaarbasis, terwijl het herstel van de huizenbouw zich heeft doorgezet. De dalende overheidsuitgaven, in het bijzonder op het niveau van de staten en de lagere overheden, hebben de groei geschaad. Maar de productie van de particuliere sector is in een redelijk robuust tempo van 2,2 procent per jaar gestegen. Het meest bemoedigend is dat de consumptiegroei laag was en er meer werd gespaard, wat erop duidt dat de economie overschakelt op een gezondere, duurzamere basis.

Een grote vraag is echter of verwacht mag worden dat de groei veel sneller zal toenemen. De opkomende markten nemen een steeds groter deel van de mondiale productie voor hun rekening. En de productiviteitsgroei buiten de landbouwsector van slechts 0,4 procent op jaarbasis van het eerste kwartaal lijkt weinig ruimte voor een groeiversnelling te bieden. Als een groeitempo van minder dan 2 procent duurzaam blijkt, moet het beleid dat zich steevast op de korte termijn heeft geconcentreerd worden aangepast.

Daartoe behoren ook het monetaire beleid, met een rentestand van bijna nul, en het ontbreken van serieuze pogingen om de begrotingstekorten aan te pakken. Dit zijn twee factoren die verstorend werken en op de langere termijn niet houdbaar zijn. Nu de crisis bijna vier jaar achter ons ligt en de groei de afgelopen drie jaar stabieler is gebleken dan werd verondersteld, ligt een aanpassing voor de hand.

Vertaling Menno Grootveld