Geen akkoord wapenhandel

Vier weken lang werd in New York onderhandeld over een wapenverdrag. Tevergeefs. Wapens blijven ongehinderd de wereld over gaan.

Volgens Paul van den IJssel, onderhandelaar namens Nederland over een mondiaal wapenverdrag, is het beter genoegen te nemen met een akkoord dat niet perfect is dan helemaal geen overeenstemming te bereiken. Nu de kans laten schieten om de internationale wapenhandel te beteugelen, betekent bijna zeker dat het er de komende jaren ook niet van zal komen.

Gezant Van den IJssel zei dat ruim een maand geleden, voor het begin van de onderhandelingen in New York over een wapenverdrag dat moet voorkomen dat wapens in onbevoegde handen komen. Vrijdagnacht, na vier weken praten, liep de conferentie af met het slechtst denkbare resultaat dat velen vreesden, namelijk geen akkoord. „Een nederlaag”, reageerde VN-topman Ban Ki-moon vanuit Londen, waar hij was voor de opening van de Olympische Spelen.

De Verenigde Staten zeiden op het einde van de conferentie meer tijd nodig te hebben om de tot dusver bereikte ontwerpteksten te bestuderen. China en Rusland verklaarden hetzelfde. Misschien kan volgende jaar verder gepraat kan worden, zeiden ze er bij. Ook mensenrechtenorganisaties als Amnesty en Oxfam, die hun teleurstelling moesten verbijten, hopen op vervolgonderhandelingen. Het klinkt meer als een wens dan als een reële politieke inschatting.

Dat er onderhandeld kon worden over een alomvattend wapenverdrag – van gevechtsvliegtuigen tot kleine handwapens – was te danken aan de Amerikaanse president Obama. Die doorbrak het taboe van zijn voorganger Bush over Amerikaanse deelname aan dergelijke gesprekken. Nu krijgt Obama de zwarte piet toegespeeld. „Verbluffende lafheid” bracht de Amerikaanse regering ertoe in het zicht van de finish een ommezwaai te maken, zei directeur Suzanne Nossel van Amnesty International in Amerika.

In de VS werd intensief campagne gevoerd tegen een wapenverdrag, omdat dat volgens de machtige binnenlandse wapenlobby ook het wapenbezit in de VS zelf aan banden legt. Dat klopt niet, het verdrag gaat alleen over het blokkeren van export naar foute regimes en groepen, maar Obama koos in het zicht van de verkiezingen eieren voor zijn geld.

Toch valt de mislukking niet alleen te wijten aan de VS. Europese exporteurs als Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland pleitten voor een sterk verdrag. De Mexicaanse ambassadeur las een verklaring voor namens ruim negentig landen die „zo snel mogelijk” een verdrag willen verwezenlijken. Maar vier weken onderhandelen heeft laten zien dat er nog grote meningsverschillen zijn over cruciale punten. En dat niet alleen notoire zwarte schapen als Syrië, Iran en Noord-Korea dwars liggen.