Alles of niets in Roemenië

De strijd om de macht in Roemenië is heel even gesmoord. De linkse premier Ponta is er niet in geslaagd de rechtse president Basescu tussentijds door het volk te laten wegstemmen. Met een opkomst van 46 procent is het referendum ongeldig. De helft plus 1 was vereist.

Deze nederlaag van Ponta is ook het werk van de Europese Unie. Meder onder druk van de EU werd een wetswijziging teruggedraaid waarmee de eis van een minimumopkomst ongedaan zou zijn gemaakt.

De thuisblijvers kregen daardoor ook een stem. En dat was, zoals vaak bij referenda, in het nadeel van het kamp dat het initiatief voor de volksstemming tegen de president had genomen.

De coup per plebisciet is zo verijdeld. Maar de politieke impasse is niet doorbroken. De premier laat zich door zijn nederlaag niet stoppen. „Vanuit een politiek gezichtspunt bestaat Basescu niet meer”, zei Ponta.

Hij kan hardnekkig zijn, omdat de politieke cultuur van Roemenië dat toelaat. Zoals vaak in landen met een zwakke en gecorrumpeerde staat is macht ook in Roemenië persoonsgebonden en geeft macht directe toegang tot de inkomensbronnen van de overheid.

In Roemenië is het niet de taak van de macht om de staat te besturen maar voorziet de staat in het levensonderhoud van de machthebbers. De strijd om de ruif is er dus een gevecht van alles of niets. Dat laat geen compromisvorming toe.

Het formele staatsbestel biedt ook ruimte daarvoor. De uitvoerende macht in Roemenië is niet eenduidig verdeeld. De president is rechtstreeks gekozen. De premier ontleent zijn macht aan het parlement. Beiden kunnen zich zo beroepen op een direct mandaat van het volk.

Deze dubbele macht is ingebouwd als reactie op het communisme, zoals de vergelijkbare constructie in Portugal een antwoord was op het fascisme. Nooit meer één machtscentrum was het idee. Ook in Polen en Bulgarije is dat constitutioneel verankerd. Net als in IJsland trouwens, waar het uiteraard niets van doen heeft met een dictatoriaal verleden.

Evenwicht en spreiding van machten is zeker een groot goed en onontbeerlijk voor een democratie. Maar je kunt het ook overdrijven. In Polen werd dat zichtbaar tijdens het presidentschap van Lech Kaczynski (2005-2010), die geen gelegenheid voorbij liet gaan om premier Donald Tusk dwars te zitten. In Roemenië, anders dan Polen nog altijd een der zwakste rechtsstaten in Europa, lokt de spreiding van macht al decennia uit tot misbruik. De EU zal dus allert moeten blijven op Roemenië.