Allen doet A’dam voor bijna 15 miljoen

Allen met Roberto Benigni bij opnames van ‘To Rome With Love’. Foto AP

Door

Het moet de droom zijn van iedere citymarketeer, die zijn city als culturele stad wil positioneren: dat Woody Allen een film maakt met je stad in de hoofdrol. Londen, Barcelona, Parijs en Rome viel die eer al te beurt. „Waarom komt u niet in Amsterdam filmen”, vroeg Bianca Stigter voor de Filmbijlage van deze krant vorig jaar in Cannes aan Allen. „Amsterdam, nog niet over nagedacht”, zei hij toen.

Dit weekeinde werd bekend dat hij er inmiddels wel over heeft nagedacht. Tegen persbureau Novum zei Allen dat hij in Amsterdam komt filmen als de stad hem ruim 14,5 miljoen euro (18 miljoen dollar) betaalt. „Dat is goedkoop. Een gemiddelde film kost 40 tot 50 miljoen [dollar]”, zei de Amerikaanse filmmaker. „Voor die 18 miljoen dollar krijgt een stad heel grote filmsterren die voor een willekeurige andere film in hun eentje zo’n bedrag vragen. Voor mij werken ze vrijwel gratis.” Volgens Allen is het een prima deal voor een stad: „ Het risico is relatief klein en mijn films maken doorgaans winst, dus waarom niet?”

De nieuwste film van Woody Allen, To Rome with Love, die 23 augustus in de bioscoop komt, is gefinancierd door de Italiaanse hoofdstad. Allen: „Ze vonden mijn vorige werk goed en ik ben niet duur. Maar ze moesten dus wel van tevoren met die 18 miljoen dollar op de proppen komen. Voor minder is het haast niet te doen.” Nederlandse films kosten overigens minder: recente films als Süskind en Het Bombardement kostten rond de 5 miljoen euro, de duurste was Zwartboek: 10 miljoen.

Allen aan de Amstel, het zit er voorlopig niet in. Een woordvoerder van de burgemeester van de hoofdstad liet Novum weten weliswaar vereerd te zijn dat ‘een fenomeen als Woody Allen’ denkt aan het maken van een film in Amsterdam. Maar 15 miljoen investeren in tijden van crisis, vond hij onverantwoord: „Over dat bedrag moeten we hier nog wel even nadenken. In tijden van bezuinigingen weten wij wel betere doelen om het geld van alle Amsterdammers te besteden, zoals schuldhulpverlening en meer banen.”