Via Zig Zag Road naar de koningin

Box Hill is geen scherprechter te noemen. Maar wie favoriet Cavendish pijn wil doen in de olympische wegwedstrijd zal het daar moeten doen. „Vaak is de top in wolken gehuld.”

Hij dacht slim te zijn, vertelt een bebaarde wielerrecreant op een van de houten banken van Ryka’s Café, vlak voor de klim naar Box Hill. „Ik wist dat de heuvel bewaakt zou zijn, dus heb ik mijn mountainbike meegenomen in plaats van mijn wegfiets. Maar de dranghekken staan zelfs tussen de bomen. Overal werd ik tegengehouden. Jammer, volgens mij zijn ze heel bang dat er iets vervelends zal gebeuren.”

Box Hill, 224 meter hoog en vernoemd naar de buxussen in het glooiende graafschap Surrey, ten zuiden van Londen, is opgenomen in de olympische wegwedstrijden. De mannen beklimmen de heuvel zaterdag negen keer – in rondjes van 16 kilometer – voor het vlakke stuk naar de finish bij Buckingham Palace.

Box Hill is moeilijk een scherprechter te noemen. Maar wie de Britse supersprinter Mark Cavendish van de olympische titel wil houden, lijkt hem en zijn helpers pijn te moeten doen op de beklimmingen. De vrouwen moeten zondag slechts twee keer over de heuvel.

Het legertje Britse wielersupporters, dat groeiende is na de Touroverwinning van Bradley Wiggins, verfde al de namen van hun favorieten op de tweeënhalve kilometer lange en opnieuw geasfalteerde Zig Zag Road naar de top, met een gemiddeld stijgingspercentage van bijna 5 procent.

Nu zijn delen van de heuvel echter afgesloten. Twee helikopters cirkelen boven de beboste heuvel. Vriendelijke bobbies houden wielrenners en automobilisten van de zijwegen.

Box Hill was al voor de opname in de olympische wedstrijd populair bij wielrenners, vertellen pauzerende vijftigers aan de voet van de klim. Ze dragen het tricot van de Sky-ploeg van Wiggins, Cavendish en meesterknecht Chris Froome.

Een van de villabewoners aan de voet van Box Hill veegt zijn voortuin schoon. Hij zal zeker langs de weg staan zaterdag, maar niet in het bijzonder voor de wielrenners. „Ik vind de Olympische Spelen opwindend, welke sport het ook is. Het zal hier wel vollopen met toeristen, ik zie overal al lui met gele hesjes lopen.”

Een vrouw op het treinstationnetje Box Hill & Westhumble maakt zich zorgen over de weersomstandigheden. „Met de zon van vandaag herken ik Box Hill bijna niet meer. Meestal is de top van de heuvel in wolken gehuld, zeker als het regent. Ze voorspellen dat het weer dit weekend omslaat. Dan is ook met helikopters niets van de wedstrijd te zien.”

Het is niet waar de Nederlandse bondscoaches zich zorgen over maken. Leo van Vliet laat zich rijden in de ploegleidersauto. Hij wil zijn handen vrij hebben bij de slingerende beklimmingen van zijn mannen op Zig Zag Road. „Het is een mooie klim. Het enige gevaarlijke punt is een haakse bocht in het begin. Dan remt het peloton en moeten we opletten.”

Johan Lammerts, bondscoach van de vrouwen, vergelijkt Box Hill met de Camerig in Limburg – 260 meter hoog. Maar twee beklimmingen zijn volgens hem vermoedelijk te weinig om het verschil te kunnen maken op Box Hill. „De weg is opnieuw aangelegd, alle slechte plekken zijn uit het parcours. Het is ook een overzichtelijke klim.”

De Nederlandse kopman Niki Terpstra, die de Tour de France liet schieten met het oog op de olympische wegwedstrijd, laat zich niet bedriegen door de hoogte van Box Hill. „Hij is niet zo steil, maar ik vind ’m alsnog lang genoeg. Het is afhankelijk van hoe we rijden, maar na vijf of zes keer kan hij zeer doen.”

De Nederlandse mannen verwachten dat de Britse ploeg (Cavendish) en Duitse ploeg (André Greipel) de koers van de start in Surrey tot in de straten van Londen willen controleren. „We moeten aanvallen”, zegt Van Vliet beslist. Landen als Italië, Spanje en Frankrijk hebben ook niet echt een sprinter, zegt Terpstra. „Misschien dat de bondscoach nog eens rondbelt naar andere ploegen. De landen met een sprinter zullen samenwerken, maar dat kunnen de landen zonder sprinter ook.”