Gevoel zegt: niet gaan

Het is zover: de sporter heeft zich weten te plaatsen. Het thuisfront volgt de prestaties vaak op afstand. Hoe is dat? Deze week de moeder van zwemster Saskia de Jonge.

‘Vanmiddag kwam de opnemer van de gasmeter hier langs. We hadden het over de Spelen en hij vroeg of hij het fotoboek van Peking eens in mocht zien. Dat zag hij in de kast staan. Natuurlijk! Ik vertelde hem hoe gaaf het was. Hij vroeg, ga je nu niet weer mee, dan? Nee, zei ik, dat moet ik gewoon niet willen.”

Ouwina de Jonge, moeder van zwemster Saskia de Jonge, heeft multiple sclerose, een ziekte die het zenuwstelsel aantast. „Helaas de progressieve variant.” Vier jaar geleden, toen haar dochter op de Olympische Spelen in Peking één keer meezwom in de estafette vrije slag, was moeder Ouwina erbij. Toen kon ze nog een beetje staan, als ze zich ergens aan kon vasthouden tenminste.

Nu staat haar dochter weer reserve voor de estafette vrije slag, in Londen. Zaterdag komen de zwemsters in actie. Maar moeder Ouwina is er niet bij, want staan lukt haar niet meer. Ze zit standaard in een rolstoel. „Ik weet gewoon: mijn MS is slechter geworden. Ik heb het gevoel dat mijn lichaam achteruit gaat, als ik me te veel inspan. En daar is alles leuk, en druk, dus nee, mijn gevoel zegt dat ik niet meer moet gaan.”

Haar dochter Saskia begrijpt dat ze niet kan komen. „Zij ziet ook dat het minder met me gaat. Ze ziet dat ik hulp van een ander nodig heb, en nee, dat... Dat wil ik liever niet.”

Natuurlijk is het leuk als je een ouder mee hebt bij zo’n wedstrijd, zegt Ouwina. Maar Saskia’s vader overleed toen ze een klein meisje was. „Ja, dan laat je wel eens een traantje. Maar dat hoort erbij.”

Moeder en dochter gaan geregeld samen naar het graf, vlakbij Ouwina’s huis in Scheerwolde. „En ik weet zeker dat Saskia me straks vraagt: Mam, brand je wel weer een kaarsje, als we straks moeten zwemmen? Natuurlijk doe ik dat dan. Altijd, op de dag zelf, met een foto erbij. Anderen zullen zeggen: vind je dat nou nodig? Ja, dat vinden wij dus van wel.”

Zorgen over Saskia maakt ze zich niet. Want de andere ouders vangen Saskia heus wel op, zegt Ouwina. „Ze hebben zo’n hechte ploeg, ook met de ouders erbij. Stel je voor dat ze heel goed zwemt, of dat er juist een teleurstelling is, dan gaat één van de ouders wel even bij haar zitten.” Vaak de ouders van Ranomi Kromowidjojo. Of die van Inge Dekker, of Femke Heemskerk. „Als ze winnen, en ik hoop natuurlijk dat ze winnen, dan blijft Saskia echt niet alleen in een hoekje staan. Dat zal haar niet gebeuren.”

Saskia de Jonge heeft zich op het laatste nippertje geplaatst voor de reserveplek in het estafetteteam, voor de vier keer honderd meter vrije slag. In april bedong ze haar plaats – nadat ze een moeilijke periode had doorgemaakt. In 2010 moest ze stoppen bij haar team in Amsterdam. Ze ging naar RTC Drachten, maar kreeg vorig jaar een auto-ongeluk, waardoor ze ook een tijd uit de running was. Nu hoopt Saskia dat ze in de series een keer mee mag zwemmen, zegt haar moeder. En liefst in de finale. De Jonge: „Dat hoopt iedere zwemmer natuurlijk. Maar ja, je komt uit voor Nederland, dus de snelsten moeten gewoon zwemmen.”

Veel contact zal Ouwina niet met haar dochter zoeken, nu Saskia in Londen zit. Dat leidt maar af, denkt ze. „Ze moeten hun race toch dáár maken. Misschien dat we één keer in de twee, drie dagen bellen. En op de dag zelf helemaal niet, misschien een sms’je.”

Vooraf heeft ze haar dochter een mooie kaart gestuurd, „met twee prachtige foto’s”. „Ik denk dat ze die wel heeft meegenomen.”

Als ze thuis is, volgt moeder De Jonge de wedstrijden van haar dochter het liefst alleen. „Dat hoort geloof ik niet, maar het is wel zo. Laatst, toen zwom ze zó goed, ik weet niet meer welke wedstrijd het precies was. Maar ik denk dat heel Scheerwolde me heeft gehoord, zo zat ik te gillen. En dan vind ik het wel prettig om alleen te zijn.”

Nu wil ze toch haar familie uitnodigen om de zwemwedstrijden bij haar thuis te kijken. Haar tweede dochter, die woont ook in de buurt, is er hoe dan ook bij. „Dan zorg ik dat ik de koffie en thee klaar heb, en gebak natuurlijk. Met olympische ringen erop.”

Annemarie Kas