‘Die Hollander zegt het net even iets scherper’

Nederlander Charles van Commenée is verantwoordelijk voor de Britse atletiek, die acht medailles moet leveren op de Home Games. De Britten accepteren zijn soms botte benadering. „Ik kan vlammen. Maar zonder empathie is geen coach succesvol.”

Charles van Commenée: „Ik ben consequenter dan mensen in vergelijkbare posities.” Foto Rex Features

De dubbelrol van technisch directeur en chef de mission is nog steeds niet uit het systeem van Charles van Commenée verdwenen. Hij mag dan bijna vier jaar functioneren als hoofdcoach van de Britse atletiekbond, de prestaties van de Nederlandse olympiërs houdt hij nauwgezet bij. Ook die van sporters naar wie hij voordien niet omkeek. „Ik volg nog steeds alles”, zegt de man die voor zijn komst naar sportkoepel NOC*NSF een monomane atletiekcoach was. „Voorheen interesseerde het me niet wat badmintonners deden. Nu wel.”

Van Commenée heeft in die vier jaar dat hij het gezag over de Nederlandse olympische sporters had zijn sportblik verruimd. Hij moest zich beroepsmatig verdiepen in volleybal, zwemmen, schermen, turnen of hockey. En hij leerde die takken van sport waarderen. Met een lichte voorkeur voor judo, paardensport en baanwielrennen. „Judo vanwege de combinatie strijd en respect. Paardensport vanwege de hang naar perfectie. En baanwielrennen vanwege de snelheid en de hardheid. Het gaat Van Commenée ook aan het hart dat de Nederlandse baanwielrenners er kort voor de Olympische Spelen zo slecht voor staan.

Nee, contact met de Nederlandse sporters heeft hij nauwelijks meer. Ja, hij spreekt voormalig zwemmer Pieter van den Hoogenband nog wel eens, evenals judoka Edith Bosch. „Maar dat is het zo ongeveer. Ik wilde mijn opvolger Maurits Hendriks niet voor de voeten lopen. Het had tijd nodig om als technisch directeur van NOC*NSF een band met de sporters op te bouwen. Omdat het er zo veel zijn. Als ik daar tussen was gaan zitten zou de omslag naar Maurits moeilijk tot stand zijn gekomen. Maar ik ga tijdens de Spelen in het olympisch dorp natuurlijk even buurten bij de Nederlanders. Lijkt me heel apart; alsof ik dan te gast ben in mijn eigen huis.”

Na de Spelen van Peking in 2008 is Van Commenée als coach gelouterd teruggekeerd bij UK Athletics, de bond waar hij voor zijn baan bij NOC*NSF als bondscoach van de meerkampers en de springnummers werkzaam was. De geboren Amsterdammer is nu de grote baas, de man die de Home Games tot een atletieksucces moet maken.

Van Commenée is aangetrokken om vastgeroeste patronen te doorbreken. Dat kon alleen een buitenstaander, meenden de Britten, die hem als een compromisloze coach hadden leren kennen. Maar door zijn kennis en zijn successen met vooral de Britse meerkampsters Denise Lewis (olympisch kampioen in 2000) en Kelly Sotherton (brons op de Spelen van 2004) wordt zijn autoriteit geaccepteerd, ook al is Van Commenée soms bot in zijn benadering.

Waar hij zijn status aan te danken heeft? De hoofdcoach moet daar even over nadenken. Dan zegt hij: „Ik grijp mijn kansen en doe alles voor de volle honderd procent. En ik ben consequenter dan mensen in vergelijkbare posities. Als ik ergens in geloof, geef ik nooit op. Toen ik in 2000 naar Engeland vertrok had ik het aanvankelijk moeilijk. Alleen zijn in een triest land valt niet mee. Maar ik heb volgehouden. Waarom triest? Nou kijk eens naar de bedomptheid van steden als Blackpool of Sheffield. De toeristen zien het centrum van Londen. Ja, daar is het mooi. Maar daarbuiten valt het echt niet altijd mee, hoor.”

Van Commenée heeft een kwalitatief sterke technische staf om zich heen verzameld – vaak ging dat ten koste van bestaande coaches. Want hij verwacht veel van zijn omgeving, die nu uit een veertigtal trainers van diverse nationaliteiten bestaat. Volgens hem stuk voor stuk vakmensen. „Ik kan er slecht tegen als iemand zijn mogelijkheden niet volledig benut. En een van mijn slechte eigenschappen is dat ik die ergernis niet voor me kan houden. Ja, soms kost het me moeite mensen te ontslaan. Vooral als ik weet dat ze daarna moeilijk een inkomen kunnen vergaren. Maar ik laat mijn besluit er niet door beïnvloeden.”

Drie andere ingrijpende wijzigingen die Van Commenée bij UK Athletics heeft doorgevoerd zijn het afleggen van verantwoording – „voor vrijblijvendheid is geen plaats meer” – het centraliseren van trainingen en een betere samenwerking tussen coaches en de medische staf. Wat die laatste twee groepen betreft is de Nederlander meedogenloos in zijn oordeel: „Coaches vonden dat doktoren het proces vaak vertraagden en doktoren vonden dat coaches niets van hun werk snapten. Wederzijds ontbrak het respect. Ik heb er veel tijd in gestopt om die groepen te harmoniëren. Met succes, want het aantal blessures is afgenomen.”

En over de centralisatie van de nationale trainingscentra – één in Lee Valley (Noord-Londen) en één op de sportuniversiteit van Loughborough in de Midlands – zegt hij: „Dat kostte veel moeite, omdat je mensen moet bewegen te verhuizen. Atleten hebben de keuze: blijf ik in de regio hangen of profiteer ik van die vijf-sterren-plekken. Mijn opvatting is dat je door selectie uitmuntendheid bereikt. Op het moment dat de getallen groter worden, neemt de kwaliteit af. Nee, niet iedere atleet heeft de stap gemaakt. Je verandert de cultuur nu eenmaal niet binnen een paar maanden. Maar ik heb met een jaarbudget van tien miljoen Britse ponden wel de macht om programma’s bij te sturen.”

Hoewel Van Commenée het beeld van een meedogenloze hoofdcoach niet weerspreekt, brengt hij wel nuances aan. „Ik draag het aura dat ik geen empathie zou hebben. Ik kan vlammen, dat klopt, maar zonder empathie is geen coach succesvol. Ondenkbaar. Die eigenschap is zelfs een essentiële bouwsteen van succes. Je moet een ander mens tenslotte iets leren. Nee, de samenwerking met een atleet eindigt zelden in een vriendschap. Als een coach overal maar begrip voor heeft is dat misschien goed voor de relatie, maar niet voor het resultaat.”

„Pas nog klaagden enkele atletes in de media dat ik ooit heb gezegd dat ze te zwaar waren. Als dat zo is, behoor ik dat als hoofdcoach te zeggen. Atletes zijn racebolides bij wie elke gram telt. En voor banden geldt: als die niet op spanning zijn, moet je er lucht inpompen. Ach, in Engeland denken ze: die Hollander zegt het net even iets scherper. Maar je moet je stijl altijd trouw blijven.”

Zijn onvoorwaardelijke overgave aan de sport heeft Van Commenée ver gebracht. Verder dan hij ooit voor mogelijk had gehouden. Maar is hij als gevolg van de keuzes voor de sport op zijn 54ste nog vrijgezel? Van Commenée: „Die vraag is niet met ja of nee te beantwoorden. Alles in het leven is met elkaar verbonden, maar als de Amerikaanse president Barack Obama een huwelijk in stand kan houden, kan een atletiekcoach dat ook. Ja, ik ben gelukkig. Omdat ik keuzes heb kunnen maken. En dat geldt niet voor iedereen.

„Ooit kwam ik in Madrid, na een diner van de Nederlandse hockeybond, in een dure straat een bedelaar zonder armen en benen op een kleed tegen. Die had niets te kiezen. Sterker, die is volledig van andere mensen afhankelijk. Nadat ik hem met mijn mik vol eten en wijn was gepasseerd, heb ik daar slecht van geslapen. In landen als Pakistan of India zie je veel armoede, maar dit was de westerse wereld. Het contrast was zo groot.”

Denkend aan Nederland, ziet Van Commenée ook een zekere bekrompenheid. Bijvoorbeeld als het de kandidaatsstelling voor de Spelen in 2028 betreft. In Groot-Brittannië ziet hij dat het anders kan. Hoe de Britten met volle overtuiging hun steun aan de Spelen in Londen hebben gegeven.

„Kijk, ambitie heeft iedereen. Maar in het leven gaat het erom welke prijs je wilt betalen om die ambitie waar te maken. Wil de Nederlandse maatschappij de Spelen? Die vraag is nooit gesteld. De Tweede Kamer zou zich daarover moeten uitspreken. Maar wat gebeurt er? Zodra uit een onderzoek blijkt dat Olympische Spelen mogelijk acht miljard euro gaan kosten, zet een aantal politici een grote keel op. En dat is geen goed teken. En helemaal geen indicatie dat Nederland de Olympische Spelen graag wil.”

Charles van Commenée is blij met de Britse houding. Want nu mag hij de Britse atletiekploeg leiden op Olympische Spelen in eigen land. Een eenmalige kans, die hij heeft aangegrepen ten koste van zijn baan bij sportkoepel NOC*NSF. Want hij hoefde niet weg uit Nederland. De prijs is dat Van Commenée in ‘Londen’ keihard op de resultaten wordt afgerekend. De doelstelling is acht medailles, waarvan één gouden. „As het lukt, weet ik nog niet of ik blijf. Maar als ik dat niet haal, is het gedaan met me. Dan stop ik. Dan moet ook wel, want als ik anderen afreken op hun prestaties kan ik zelf niet achterblijven.”