Wacht op crisis, zet in, wacht op hulp, stap uit

‘Geloof me. We zullen alles doen wat nodig is binnen ons mandaat.’ Deze woorden van Mario Draghi stuurden het rendement op Spaanse tienjarige staatsobligaties gisteren met een ontzagwekkende 45 basispunten (0,45 procentpunt) naar beneden, tot onder de 7 procent.

Blijdschap bij de Spanjaarden, die lelijk in de knel kwamen toen op maandag deze rentevoet steeg tot het eurorecord van 7,55 procent. Opluchting bij in de rest van de eurozone. En champagne op enkele hoofdkantoren van doorgewinterde beleggers.

Hun tactiek gaat als volgt: je wacht op een flink crisismoment. De Spaanse rente stijgt dan tot boven de zeven procent. Je koopt Spaanse obligaties en wacht tot de volgende noodmaatregel van Brussel of Frankfurt verlichting brengt, en de Spaanse rente weer daalt. Als die rente richting zes procent begint te lopen, dan verkoop je de staatsobligaties met winst. Je wacht tot het volgende crisismoment, en koopt weer als de rente wederom stijgt tot boven de zeven.

Alleen al in de laatste drie maanden was dat al vier maal gebeurd. De afgelopen week was de vijfde.

De winst? Hangt ervan af wanneer je in- en uitstapt, maar alleen al gisteren had je 3,2 procent winst kunnen maken. Op één dag. Stel dat je in een dealingroom werkt, met achter je een een uiterst conservatief eigen vermogen van 20 procent. Dan maakte je 16 procent rendement op je kapitaal. Schouderklopje van de chef, big swinging dick en wat al. Voor de vijfde keer in een kwartaal.

Maar dit is wel een zero sum game. Aan de andere kant zit, ergens, een verliezer. Draghi’s geruststellende woorden werden gisteren uitgelegd als een hint dat de ECB het opkoopprogramma van wankelende staatsobligaties nieuw leven wil inblazen. Hier en daar werd zelfs gesuggereerd dan het Europese Stabiliteits Mechanisme (ESM), waar met name in Nederland zo veel om te doen is, alsnog een bankvergunning krijgt en dus als bank kan gaan opereren.

Met de ECB achter zich, wordt de slagkracht van dat ESM in dat geval enorm vergroot. Maar het doet niets af aan de kwetsbaarheid van de constructie.

Kredietagent Moody’s zette Nederland, samen met onder meer Duitsland, dinsdag op de rol om afgewaardeerd te worden van de Aaa-status. Ligt het aan het begrotingstekort? Citibank liet gisteren weten dat het verwacht dat het Nederlandse tekort dit jaar uit zal komen op 4,7 procent, en ook volgend jaar de 3 procent niet haalt. Ligt het aan de hoge particuliere schuldenlast? Altijd een goede stok om de hond mee te slaan. Gaat het om de recessie, van dit jaar, die volgend jaar misschien nog niet over is? Misschien ook wel.

Maar Duitsland heeft die begrotingstekorten niet, heeft een veel minder hoge particuliere schuldenlast en de economie houdt zich beter dan hier. Toch staat Duitsland óók op de rol.

Het enige wat de twee landen hier bindt, zijn de potentiële lasten die voortvloeien uit de steun voor de zwakke eurolanden. Dat de Duitsers daar veel meer onder gebukt zullen gaan, als de ‘betaalmeesters’ van Europa, is onzin. De hele zaak gaat als percentage van het bruto binnenlands product. Nederland is proportioneel even zwaar belast als de oosterburen, óók via de ECB en het ESM.

Zoals gezegd: iemand zit aan de verliezende kant van de transacties die gebruik maken van de Spaanse renteschommelingen. Iemand subsidieert die winst. Geloof me.

Maarten Schinkel