Hoe trek je de realiteit op een subtiele manier krom?

Ann&Jeff VanderMeer: The weird. Tor Books, 1.126 blz. € 30,- ****

Mensen die een hartaanval hebben gekregen, vertellen achteraf dat ze die niet expliciet voelden aankomen maar kort ervoor bevangen werden door een moeilijk te omschrijven gevoel van lichamelijke en geestelijke doem; in hoofd en hart heerste een sfeer van naderend en immens onheil.

De verhalen in de anderhalve kilo wegende mastodont The weird. Acompendium of strange and dark stories hebben dat ook. Ze zijn vervuld van absurditeit, naargeestigheid en vooral vreemdheid; ze roepen meer vragen op dan ze antwoorden geven, maar zeker is dat er iets sluipend misgaat met de realiteit.

‘Weird fiction’ is, zo geven de samenstellers in het voorwoord ruiterlijk toe, niet te definiëren en overstijgt genres. Horror is vaak weird, sciencefiction soms, literatuur regelmatig.

Deze bloemlezing uit ruim honderd jaar vreemde fictie uit de gehele wereld bevat verhalen van Poe en Kafka, Lovecraft en Borges, Cortázar en Murakami. Klassieke en moderne horror naast literatuur; het is verfrissend om een bundel te lezen waarin een verhaal van Ben Okri vanzelfsprekend samenleeft met een van Stephen King.

De beste van deze verhalen en novellen – het zijn er honderdtien – transporteren de lezer tijdelijk naar de sferen die heersen op schilderijen van Magritte, Munch en Böcklin. In woorden is dat moeilijker dan in penseelstreken; het is lastig om het unheimliche op te roepen zonder potsierlijk te worden. Spoken bestaan niet tenslotte.

Sommige verhalen zijn voor moderne lezers moeilijker te verteren omdat we het trucje zó goed kennen dat het sleets is geworden; het gedoe met onzichtbare dimensies van Lovecraft en de Vlaming Jean Ray is gedateerd. Toch is het terecht dat ze zijn opgenomen want The weird wil de hele geschiedenis van het fantastische verhaal schetsen.

Er wordt niet alleen uit de Angelsaksische wereld geput en het is bijzonder leuk merkwaardige Japanse horror uit 1933 en Bengaalse uit 1916 tegen te komen; het is een grote verdienste van The weird dat het verhalen bevat die je elders nooit of te nimmer tegen het lijf zou lopen.

De verhalen hebben gemeen dat ze niet bloederig of opzichtig zijn; het vreemde bestaat uit het subtiel kromtrekken van de realiteit, zoals in het klassieke griezelverhaal ‘The Willows’ van Algernon Blackwood, waarin een man strandt op een door wilgen overwoekerd eilandje in de Donau en bevangen raakt door de natuur. Of in het briljante verhaal ‘The hospice’ van Robert Aickman, waarin een verdwaalde zakenman een van de gedenkwaardigste hotels uit de literatuurgeschiedenis aandoet.

Maar het is vooral de overvloed aan prachtige, maar relatief onbekende verhalen waarin deze bloemlezing uitblinkt. The weird is een boek voor zoekers naar vreemdheid in woorden, om naast het bed te leggen en heel langzaam tot je te nemen.